Pakket Belastingplan 2027
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De voorzitter: Goedemorgen, dames en heren. Welkom op deze mooie maandag, mag ik wel zeggen, bij het eerste wetgevingsoverleg over het Belastingplan. We behandelen vandaag de eerste termijn van de Kamer. De tweede termijn gaan we op een ander moment doen; daar kom ik zo direct nog op terug. Natuurlijk ook welkom aan de staatssecretaris van Financiën, de heer Eerenberg, en de leden. Welkom allemaal. We zien nog een paar lege stoelen, maar die worden zo direct ongetwijfeld opgevuld; bijna alle partijen zijn aanwezig vandaag. De enige partij die niet aanwezig is, is DENK. De heer Ergin heeft zich vandaag afgemeld voor de bespreking. Nu de schriftelijke voorbereiding is afgerond, starten we vandaag, met dit wetgevingsoverleg, met de mondelinge behandeling van het Belastingplan. Op maandag 26 oktober voeren we het tweede wetgevingsoverleg, met daarin de eerste termijn van de zijde van de regering en de gehele tweede termijn. Tussendoor worden de vragen uit de eerste termijn van de Kamer, uiterlijk maandag 19 oktober, alvast schriftelijk beantwoord door de regering. Ten slotte volgt de plenaire afronding op 4 en 10 november, met als doel om over het gehele pakket te kunnen stemmen op donderdag 12 november. De regering heeft een novelle aangekondigd op de Wet werkelijk rendement box 3 en de Wet inkomstenbelasting 2001. Over de behandeling daarvan hebben we gesproken in de procedurevergadering van vorige week donderdag. Definitieve besluitvorming over de behandeling van deze novelle kan pas plaatsvinden na indiening ervan bij de Kamer. Ik stel voor om als spreekvolgorde de begrotingsvolgorde aan te houden. Ik wijs de leden erop dat zij de door hun gewenste spreektijden in de eerste termijn hebben doorgegeven. Ik merk daarbij direct op dat de heer Grinwis 5 minuten extra heeft aangevraagd, dus 25 in plaats van 20. Ik kom zo bij u, mevrouw Van Dijk; ik maak heel even mijn inleiding af. Ogenblik. De opgegeven tijden vindt u ook terug op de convocatie. Ik ga u ook motiveren om u aan deze indicatieve spreektijden te houden, zodat we de eindtijd van 19.00 uur vanavond gaan halen. Voordat ik het woord ga geven aan de heer Stultiens van PRO, die overigens 30 minuten spreektijd heeft, zag ik eerst nog de hand van mevrouw Van Dijk. Gaat uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat is ook precies waarom ik zei: ik ga u stimuleren, maar ik ga u er niet strak aan houden. We gaan als eerste luisteren naar de heer Stultiens. Hij zal spreken namens PRO. U heeft 30 minuten indicatieve spreektijd.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat lijkt mij een goed plan, maar u krijgt eerst een interruptie van de heer Vermeer van BBB. Ik ben vergeten te vermelden aan de Kamer dat we interrupties in drieën doen. Voorlopig is er geen limiet. We kijken gewoon hoe de vergadering zich ontwikkelt, want ik denk dat het uiteindelijk de discussie alleen maar helpt op een later moment.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie geen andere interrupties, dus u kunt doorgaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De inbreng levert een vraag op van de heer Oosterhuis, namens D66.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie een interruptie van de heer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Excuses. De heer Oosterhuis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Grinwis, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Vermeer, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie geen andere interrupties. U kunt verdergaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik had overigens niet het idee dat de heer Vermeer ambtenaren bedoelde, maar u kan het wel zo interpreteren. De heer Stultiens kan verdergaan met zijn betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u verdergaat met het volgende punt is er een interruptie van de heer Hoogeveen namens JA21.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Hoogeveen, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Er zijn geen andere interrupties. U was, dacht ik, bij punt vijf.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U bent achttien minuten qua inbreng aan het woord geweest. Met de interrupties zijn we ook redelijk op schema. Er is, voordat we overgaan naar de volgende spreker, overigens nog een interruptie van de heer Schenk namens Forum voor Democratie.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Schenk, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Uw punt is duidelijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer, ik wil u wel verzoeken om iets compacter te zijn met uw interrupties. Ik vind het prima en laat het ook toe, maar u bent ook wel ruim, ruim, ruim koploper, zeg ik maar even.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U krijgt toch nog een interruptie van de heer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat de heer Stultiens antwoordt, wil ik zeggen dat deze discussie nu al een minuut of twintig rondgaat. Misschien is het goed als we de heer Stultiens laten antwoorden en daarna kijken of we naar de volgende spreker kunnen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie geen volgende vraag, dus dan gaan we naar de tweede spreker van de zijde van de Kamer. Dat is de heer Oosterhuis, die gaat spreken namens D66. De indicatieve spreektijd is twintig minuten. We kijken daarna even hoelang wij met de heer Oosterhuis bezig zijn voordat wij een mogelijke lunchpauze gaan inlassen. De heer Oosterhuis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Excuses, meneer Oosterhuis, de voorzitter zag de hand van meneer Grinwis niet.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Grinwis, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt verdergaan met uw betoog, meneer Oosterhuis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u daar komt, gaan we luisteren naar de heer Dassen namens Volt.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Dassen, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Stultiens, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De volgende interruptie is van de heer Vermeer. Daarna gaan we naar mevrouw Beckerman.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Overigens zijn marshmallows wel een mogelijkheid bij een kampvuur.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Mevrouw Beckerman, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik denk dat het goed is als u verdergaat met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie toevallig bij de heer Stultiens een vinger omhooggaan. Ik denk dat het goed is om die interruptie nu te doen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U kunt verdergaan met uw betoog. Als de heer Vermeer aan het woord is geweest.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer afrondend, maar kunt u ook iets minder woorden gebruiken?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U kunt verdergaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie inmiddels twee interrupties voor u, allereerst van mevrouw Beckerman van de SP.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: We gaan naar de heer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Volgens mij heeft u uw vraag gesteld, meneer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Wilt u geen afrondende vraag stellen, meneer Grinwis?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt verdergaan met uw betoog, meneer Oosterhuis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer. Ik doe nogmaals de oproep: doe de interrupties alstublieft korter. Anders ga ik daar strenger op sturen na de lunchpauze.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt verdergaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat wij overgaan tot de pauze, zie ik nog een aantal interrupties. Als eerste komt de heer Stultiens en daarna de heer Dassen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Dassen, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: En uw vraag is?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Grinwis, kort graag.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Grinwis, kunt u tot uw vraag komen?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Stoffer, heeft u behoefte aan een reactie? Nee, dat is niet het geval. Dan kijk ik nog één keer rond. Dan is mijn voorstel dat we nu gaan lunchen. Dat betekent dat wij de vergadering schorsen. Is een halfuur voldoende? Ja, dat is het geval. Dan gaan wij om 13.30 uur met elkaar verder. Mijn vriendelijke verzoek aan de commissieleden is: wees vooral compact in de interrupties; dat komt de beantwoording volgens mij uiteindelijk ook ten goede.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Goedemiddag, dames en heren. Wij gaan verder met de eerste termijn van de Kamer. Het woord is aan de derde spreker van de zijde van de Kamer: de heer Vlottes. Die gaat namens de PVV zijn bijdrage doen. Uw indicatieve spreektijd is vijftien minuten. Gaat uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De realiteit is ook dat de voorzitter vroeg om korte interrupties. Dus meneer Schenk, de heer Vlottes, en daarna kunt u verdergaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik zie geen interrupties meer voor u. Dan gaan we naar de vierde spreker van de kant van de Kamer. Dat is mevrouw Van Eijk, die gaat spreken namens de VVD. Uw indicatieve spreektijd is 30 minuten. Ga uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u verdergaat met het volgende deel zijn er twee interrupties. Als eerste de heer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Is dit voldoende voor meneer Grinwis? Ja. Dan gaan we naar de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Stultiens, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Is dat voldoende voor de heer Vermeer? Dat is het geval. Gaat u door met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zag u bewegen, meneer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U kunt verdergaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Sorry, u krijgt een interruptie over dit onderwerp van de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u door met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u daarmee van start gaat, is er een vraag van de heer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Kunt u ook, waar mogelijk, iets compacter antwoorden, mevrouw Van Eijk?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt verdergaan met uw betoog. O, excuses. De heer Dassen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Dassen, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Vervolgt u uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U krijgt twee interrupties. Allereerst de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Is dit voor u voldoende, mevrouw Beckerman?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u door met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U krijgt nog een interruptie van de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Stultiens, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De voorzitter drinkt iets te veel koffie en water, dus we gaan zo een korte vijfminutenpauze houden. Ik zie eerst nog een interruptie van de heer Schenk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Schenk, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Wenst mevrouw Van Eijk te reageren? Dat is niet het geval.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Dan gaat de voorzitter nu vijf minuten schorsen. We gaan zo verder.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: We zijn weer terug, mensen. Ik kreeg net overigens de suggestie om dit soort pauzes ten koste te laten gaan van de spreektijd van de heer Vermeer, maar ik heb dat niet met hem kunnen overleggen, dus ik betwijfel of dat gaat lukken. We gaan naar de vijfde spreker van de kant van de Kamer. Dat is de heer Hoogeveen, die gaat spreken namens JA21. Uw indicatieve spreektijd is vijftien minuten. Ga uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U krijgt een vraag van de heer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer. O, het is voldoende. Heel mooi. Dan gaat u verder met uw betoog, meneer Hoogeveen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U krijgt verschillende interrupties. We beginnen met de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Stultiens, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De volgende interruptie is van mevrouw Van Brenk, namens 50PLUS. Zij is later aangeschoven omdat zij een andere verplichting had.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voldoende voor u, mevrouw Van Brenk? Ja, dat is het geval. Dan zag ik volgens mij de heer Schenk ook met een interruptie.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat was voldoende voor meneer Schenk. Ik zie geen andere interrupties. Dan gaan we naar de zesde spreker van de kant van de Kamer, mevrouw Van Dijk, die gaat spreken namens het CDA. Zij heeft 24 minuten opgegeven. Zij gaat ernaar proberen te streven om ongeveer in die richting uit te komen. Het woord is aan u. Ga uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt even rustig ademhalen. U krijgt een interruptie van de heer Grinwis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u daarmee begint: ik zie twee interrupties. Als eerste mevrouw Beckerman.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer, is dat voldoende?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Als uw eigen bijdrage hierdoor minder dan 40 minuten wordt, vind ik het prima. Het woord is aan mevrouw Van Dijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik zie geen verdere vragen. U kunt doorgaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u met uw tweede punt verdergaat, is er een interruptie van de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U kunt verdergaan met uw bijdrage.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u verder. O, herstel: meneer Schenk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Afsluitend, de heer Schenk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u verder met uw bijdrage, mevrouw Van Dijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat is voldoende, dus u mag doorgaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik heb u eerst uw vraag laten afmaken. We beginnen met mevrouw Beckerman, namens de SP.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Mevrouw Beckerman, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Ik snap uw punt, mevrouw Beckerman, maar liever iets compacter in uw interruptie. Mevrouw Van Dijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Mevrouw Van Brenk, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Stultiens, afrondend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat antwoord is in ieder geval afdoende, zie ik. Ik zie geen andere mensen die een interruptie voor u hebben. Dan dank ik u voor uw inbreng en gaan we naar de volgende spreker. Dat is de heer Schenk. Hij gaat spreken namens Forum voor Democratie. Uw indicatieve tijd is twintig minuten. Gaat uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat wij daarnaartoe gaan, gaan wij naar mevrouw Van Dijk, die een interruptie heeft.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat is voldoende voor mevrouw Van Dijk. Dan kunt u verdergaan met uw bijdrage.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dan mag de heer Schenk verdergaan met zijn betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Zes seconden over de tijd. Dat vergeef ik u. We gaan naar de heer Vermeer. U heeft 40 minuten indicatieve spreektijd. Die hoeven natuurlijk niet allemaal gebruikt te worden, zeg ik er direct bij. De heer Vermeer gaat spreken namens de BBB.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Hoogeveen, ik zag net een beweging bij u. Wilt u reageren of niet? Nee? Dan gaan wij naar de heer Grinwis en daarna naar de heer Dassen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Vermeer mag reageren, maar dit is natuurlijk wel iets wat mogelijk bij een ander debat aan bod gaat komen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De heer Dassen. Nee, de heer Grinwis wil toch reageren.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Nou, vooruit. Meneer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gelukkig is het Belastingplan niet door AERIUS doorgerekend. We gaan naar de heer Dassen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Dassen, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u verder, meneer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U krijgt een interruptie van de heer Oosterhuis.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: U kunt doorgaan met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dat is voldoende voor de heer Stoffer?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Uw antwoord zorgt wel voor een nieuwe vraag van mevrouw Van Eijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Overigens heeft de voorzitter even zitten doorrekenen: we zitten op dit moment ongeveer rond 18.50 uur als ik hierna nog nul interrupties heb. Het woord is aan de heer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Nu heb ik als voorzitter ook nog wat geleerd. Ik zie twee interrupties. De heer Oosterhuis mag als eerste.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Oosterhuis, wilt u nog reageren? Niet. Dan gaan we naar de heer Hoogeveen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Voldoende voor de heer Hoogeveen? De heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik zie verder geen interrupties. Dan gaan we naar de SGP, naar de heer Stoffer, die vijftien minuten indicatieve spreektijd heeft.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. U ging iets langer door dan ik had verwacht. U heeft een interruptie van mevrouw Van Eijk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik zie verder geen interrupties. Voordat we naar de heer Grinwis gaan, stelt de voorzitter voor om weer even vijf minuten pauze te nemen om de benen even te strekken.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Wij gaan weer verder met het vervolg van de eerste termijn van de kant van de Kamer. De volgende spreker is de heer Grinwis, die gaat spreken namens de ChristenUnie. Hij heeft 25 minuten indicatieve spreektijd. Ga uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat we daarnaartoe gaan, meneer Grinwis, is er nog een interruptie van de heer Stultiens.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat u verdergaat: de heer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Gaat u door met uw betoog.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel, meneer Grinwis. Ik zie geen interrupties voor u. Dan gaan we naar de volgende spreker. Dat is mevrouw Beckerman. Zij gaat namens de SP spreken. Uw indicatieve spreektijd is vijftien minuten, mevrouw Beckerman.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Voordat wij die opties gaan horen, is er een interruptie van de heer Vermeer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik zie geen interrupties, dus dan gaan we naar de andere kant van de zaal. Daar zit mevrouw Van Brenk, die gaat spreken namens de fractie van 50PLUS. Haar indicatieve spreektijd is twintig minuten. Gaat uw gang, mevrouw Van Brenk.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van Brenk. Ik zie geen interrupties voor u. Dan gaan we naar de laatste spreker van de kant van de Kamer in eerste termijn. Dat is de heer Dassen. Hij gaat spreken namens Volt. Uw indicatieve tijd, meneer Dassen, is tien minuten. Gaat uw gang.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Meneer Vermeer, afsluitend.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: De volgende interruptie is van mevrouw Van Brenk, 50PLUS.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Deze discussie levert weer een nieuwe vraag op, nu van de heer Stoffer. Of had u nog een vraag, mevrouw Van Brenk?
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dan gaan we nu wél naar de heer Stoffer.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Is dat voldoende voor u, meneer Stoffer? Dan kunt u verdergaan met uw betoog, meneer Dassen.
Bron, video en gesprek →De voorzitter: Dank u wel. Ik dank alle aanwezigen voor hun inbreng, de staatssecretaris voor zijn aanwezigheid en zijn luisterend oor, en onze ondersteuning natuurlijk ook. Ik dank ook iedereen die het heeft mogelijk gemaakt dat wij hier vandaag konden vergaderen met elkaar, dat we op tijd koffie kregen, wel met als nadeel dat we bijna 25 minuten zijn uitgelopen, maar dat komt door de sanitaire stops die de voorzitter iedere keer inbracht. Dat neem ikzelf dus ter harte en zal ik proberen te voorkomen. Ik dank u allen voor de aandacht. Nog wel even voor de zekerheid herhaald: uiterlijk maandag 19 oktober krijgt u schriftelijk antwoord op de in eerste termijn gestelde vragen. Op maandag 26 oktober gaan wij verder met het tweede WGO, met daarin de eerste termijn van de zijde van de regering en de gehele tweede termijn van de Kamer. Dat zijn de belangrijke data voor de komende weken. Dank u wel en een fijne avond.
Bron, video en gesprek →