document · 27 jun 2024 · Tweede Kamer
Uitstel beantwoording vragen van de leden Aartsen en Rajkowski over ‘de huiverigheid van werkgevers om kunstmatige intelligentie in te zetten’
Brontekst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024Aanhangsel van de HandelingenVragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door deregering gegeven antwoorden2096Vragen van de leden Aartsen en Rajkowski (VVD) aan de Ministers voorSociale Zaken en Werkgelegenheid en van Economische Zaken en Klimaatover de huiverigheid van werkgevers om kunstmatige intelligentie in te zetten(ingezonden 12 juni 2024).Mededeling van Minister Van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid),mede namens de Minister van Economische Zaken en Klimaat (ontvangen27 juni 2024).Vraag 1Bent u bekend met het artikel gepubliceerd in het FD «Werkgevers noghuiverig voor inzet kunstmatige intelligentie»?1Vraag 2Bent u het eens met de stelling dat de toepassing van kunstmatige intelligen-tie door werkgevers de arbeidsmarktkrapte in specifieke sectoren zou kunnenverlichten? Welke mogelijkheden ziet u hierin op korte en lange termijn? Watziet u als de rol van de overheid in het kader van het stimuleren van enruimte geven voor het gebruik van kunstmatige intelligentie in het bedrijfsle-ven?Vraag 3Betreurt u het dat sommige werkgevers de kansen van kunstmatige intelli-gentie aan zich voorbij laten gaan? Zo ja, welke redenen ziet u hieraan tengrondslag liggen? Zo nee, waarom niet? En zou u in dat geval bereid te zijnom actie te ondernemen om ondernemers of brancheverenigingen die willeninvesteren in innovaties zoals Artificial intelligence (AI) daarin te ondersteu-nen?Vraag 4Constateert u een onderscheid in het gebruik van AI-technologie tussenmidden- en kleinbedrijf (mkb-)werkgevers en grotere werkgevers? Constateertu een onderscheid tussen het gebruik van AI bij (semi) publieke werkgeversen private werkgevers? Kunt u eventuele verschillen duiden aan de hand vande effecten op de concurrentiepositie van Nederland en individuele sectoren?1FD, 11 juni, «Werkgevers nog huivering voor inzet AI», (Werkgevers nog huiverig voor inzet AI(fd.nl)). ah-tk-20232024-2096ISSN 0921 - 7398’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, Aanhangsel1 Vraag 5Kunt u inzicht geven in de redenen waarom Nederlandse werkgevers invergelijking met Polen, Duitsland en België huiveriger zijn om kunstmatigeintelligentie toe te passen? Wat kan Nederland van deze landen leren? Speeltoverheidsbeleid in de voorgenoemde landen een rol in de implementatie vanAI-technologie? Bent u in gesprek met werkgeversorganisaties om inzicht tekrijgen in de bezwaren die werkgevers hebben om de kansen van AI tebenutten? Zo ja, wat zijn de redenen? Zo nee, bent u bereid om dit gesprekop korte termijn te voeren?Vraag 6Bent u het ermee eens dat er een rol voor de overheid is weggelegd in hetverdere stimuleren van het gebruik van innovatie in het algemeen enkunstmatige intelligentie in het bijzonder door werkgevers ten behoeve vanarbeidsproductiviteitsstijging, economische groei en het verlichten vanarbeidsmarktkrapte? Op welke manier uit dit zich?Vraag 7Kunt u de verschillende maatregelen die op dit moment door het Ministerievan Sociale Zaken en Werkgelegenheid, het Ministerie van EconomischeZaken en Klimaat en het Ministerie van Financiën worden genomen om hetgebruik van kunstmatige intelligentie onder werkgevers te stimulerenopsommen? Welke effecten van deze maatregelen ziet u en welke effectenverwacht u nog?Vraag 8Bent u het ermee eens dat het naar Nederland halen van een AI-fabriek zoukunnen bijdragen aan de beeldvorming dat innoveren en experimenteren metAI ook in Nederland mogelijk is? Zo nee, waarom niet?Vraag 9Wat kan het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, waar nodig insamenwerking met andere ministeries en werkgeversorganisaties, doen omwerkgevers in hun kennisbehoefte voor kunstmatige intelligentie te voorzien?Vraag 10Ziet u mogelijkheden om werkgevers van prikkels te voorzien om kunstmatigeintelligentie toe te passen?Vraag 11Bent u bereid om met sociale partners, brancheorganisaties en de «Neder-landse AI coalitie» een dialoog te openen over de kansen van kunstmatigeintelligentie en de verantwoordelijkheid die sociale partners en brancheorga-nisaties kunnen nemen in het verspreiden van kennis over kunstmatigeintelligentie onder werkgevers over onder andere het verhogen van dearbeidsproductiviteit, het versterken van de innovatiekracht en het aanpakkenvan arbeidsmarkt? Zo ja, hoe wordt dit bewerkstelligd? Zo nee, waarom niet?Is hier een rol in weggelegd voor AI-adviesraad, zoals voorgesteld inmotie-Rajkowski?2 Hoe kan deze worden ingevuld? Zo nee, waarom niet?MededelingHierbij deel ik u, mede namens de Ministers van Economische Zaken enKlimaat, mede dat ik de beantwoording van de Kamervragen van de ledenAartsen en Rajkowski (VVD) over «de huiverigheid van werkgevers omkunstmatige intelligentie in te zetten» niet binnen de gestelde termijn van drieweken aan uw Kamer kan doen toekomen. Ik zal de beantwoording zospoedig mogelijk verzenden.2Kamerstuk 21 501-33, nr. 1041.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, Aanhangsel2
Versie ef94bd2279f407ca9e636605432157c2389424b8a3c8a04429f7cb993fc5585f · Officiële bron.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.