KamerkringInloggen
Kamerbrief

Nationaal Hervormingsprogramma 2024

26 apr 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 41ccf4a4a98207ad · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202421 501-07Raad voor Economische en Financiële ZakenNr. 2034 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN ECONOMISCHE ZAKEN ENKLIMAAT EN VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 26 april 2024Hierbij bieden wij u, mede namens de Minister van Financiën, hetNationaal Hervormingsprogramma (NHP) 2024 aan. In het NHP rappor-teert het kabinet over de voortgang en implementatie van voorgenomenhervormingen en investeringen, in reactie op het landenrapport en delandspecifieke aanbevelingen van het voorgaande jaar in het kader vanhet Europees Semester. Het Europees Semester is de jaarlijkse coördina-tiecyclus van economisch-, begrotings- en werkgelegenheidsbeleid in deEuropese Unie. In het NHP inclusief aanhangende bijlagen wordt ookgerapporteerd over de voortgang van het Nederlandse Herstel- enVeerkrachtplan (HVP). Net als in voorgaande jaren is de sociale partnersde gelegenheid geboden te reageren op het NHP. Deze reactie vindt u ookbijgevoegd. Het kabinet hecht aan de betrokkenheid van belangheb-benden en medeoverheden in de totstandkoming en uitvoering vanbeleid, waaronder het HVP. Waar het NHP rapporteert over het kabinets-beleid, lichten de sociale partners in een eigen reactie hun bijdrage aan deEuropese doelstellingen toe.Dit zal de laatste Semestercyclus zijn waarin lidstaten een NHP dienen opte stellen. Op 10 februari jl. is er namelijk een politiek akkoord bereikt doorde Raad van de Europese Unie en het Europees Parlement over deherziening van het Europees begrotingsraamwerk, waarover uw Kamer op26 februari jl. is geïnformeerd1. Het NHP (als ook het Stabiliteitspro-gramma) komt te vervallen wanneer de nieuwe regels in werking treden.In plaats daarvan stellen alle lidstaten onder het herziene raamwerkmeerjarenplannen op, bestaande uit een meerjarig uitgavenpad,hervormingen en investeringen. In het akkoord is afgesproken datlidstaten jaarlijks rapporteren over de voortgang van hun plan. In het lichtvan dit akkoord heeft de Commissie de EU-lidstaten de ruimte gebodenom dit jaar een lichtere versie van het NHP in te dienen. De Commissieheeft aangegeven dat lidstaten dit jaar nog wel een NHP (en Stabiliteits-1Kamerstuk II 21 501-07, nr. 2009 kst-21501-07-2034ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20341 programma) moeten indienen, zoals wordt vereist onder het huidigeStabiliteits- en Groeipact. Bijgevoegde NHP is dan ook een kortere versiedan het NHP uit 2023.Herstel- en VeerkrachtplanMiddels het NHP informeert het kabinet u tevens over de voortgang vanhet Nederlandse HVP. De rapportage over het HVP vindt halfjaarlijks plaatsen ziet toe op de voortgang van de mijlpalen en doelstellingen tot en methet eerste kwartaal van 2025.Zoals uw Kamer in het NHP kan lezen, loopt de implementatie van demijlpalen en doelstellingen over het algemeen voorspoedig. Tegelijkertijdbestaat er een risico dat sommige mijlpalen en doelstellingen niet of metvertraging behaald zullen worden. De mijlpalen en doelstellingen uit hetHVP zijn opgedeeld in vijf tranches, ook wel bekend als betaalverzoeken.De mijlpalen en doelstellingen die gepland staan tot en met het eerstekwartaal van 2025 vallen grotendeels in de eerste drie betaalverzoeken.Een betaalverzoek kan pas worden ingewilligd als alle mijlpalen endoelstellingen uit het desbetreffende betaalverzoek zijn behaald, daaromzal de voortgang aan de hand van de betaalverzoeken worden toegelicht.Eerste Nederlandse betaalverzoekHet kabinet is voornemens eind mei het eerste Nederlandse betaalverzoekin te dienen waarmee Nederland aanspraak maakt op 1,3 miljard euro aanEU-middelen. De 30 mijlpalen en doelstellingen die onderdeel zijn van ditbetaalverzoek zijn volgens het kabinet behaald. De uiteindelijke beoor-deling is aan de Europese Commissie. De Commissie kijkt daarbij onderandere of voldoende is onderbouwd dat de mijlpalen inderdaad zijnbehaald, in lijn met de afspraken uit het Raadsuitvoeringsbesluit en deOperationele Regelingen2, en of de controlemechanismes om ervoor tezorgen dat de middelen correct worden uitgegeven in orde zijn. Tervoorbereiding op de indiening, voert de Auditdienst Rijk (ADR) een audituit. Bevindingen die daaruit voortkomen, verwerken departementen vóórindiening van het betaalverzoek. Vervolgens zal het kabinet het betaal-verzoek formeel indienen bij de Commissie. Na de indiening van hetbetaalverzoek heeft de Commissie in beginsel twee maanden de tijd omhet betaalverzoek te beoordelen. Daarna brengt het Economic andFinancial Committee (EFC) een opinie uit over de goedgekeurde mijlpalenen doelstellingen, waarna in comitologie zal worden besloten over deuitbetaling.Vooruitkijken voorbij het eerste betaalverzoekGelijktijdig werkt het kabinet aan de voorbereidingen van het tweedebetaalverzoek, gepland voor eind 2024, alvorens het derde betaalverzoekzal worden voorbereid. Op dit moment zijn voor deze betaalverzoekenenkele uitdagingen bekend. Hierover wordt gerapporteerd in het NHP.Ten eerste heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel fiscale klimaatmaatre-gelen industrie en elektriciteit verworpen, waarmee de vrijstelling van deenergiebelasting voor metallurgische en mineralogische procedés nietwordt afgeschaft. Dit raakt aan één van de drie onderdelen van deHVP-afspraken over de structuuraanpassingen in de energiebelasting,opgenomen in mijlpaal 2. Het wetsvoorstel fiscale klimaatmaatregelenglastuinbouw met de afbouwpaden voor het verlaagde tarief voorglastuinbouw en de inputvrijstelling voor elektriciteitsopwekking in de2Link naar Operationele Regelingen (europa.eu)Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20342 energiebelasting is wel aangenomen. De afbouwpaden zijn evenwelonvoldoende om te voldoen aan de eisen in mijlpaal 2. In mijlpaal 2 isnamelijk vastgelegd dat de voorgestelde beperking van de inputvrij-stelling voor elektriciteitsopwekking per 2025 moet zijn doorgevoerd (inde wet is een afbouwpad tussen 2025 – 2030 vastgelegd) en het verlaagdenergiebelastingtarief per 2025 moet worden afgeschaft (in de wet is eenafbouwpad tussen 2025 – 2030 vastgelegd). Daarmee wordt met staandbeleid thans niet voldaan aan alle drie de elementen van de mijlpaal. Dit isonder meer op 14 februari jl. aan uw Kamer gemeld.3 Het kabinet is hiermet de Commissie over in gesprek.Ten tweede is het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen, dat een limietop contante betalingen bevat controversieel verklaard. In het HVP isopgenomen dat deze maatregel in het eerste kwartaal van 2025 zou zijnuitgevoerd. Het is op dit moment onwaarschijnlijk dat deze planningwordt behaald. In een Kamerbrief van 16 april jl.4 heeft het kabinetaangegeven door te willen gaan met het invoeren van een limiet opcontante betalingen. Hoewel er dan vertraging optreedt, kan de mijlpaalop deze manier wel worden behaald.De wet Versterking regie volkshuisvesting zou volgens de planning vanhet HVP in het eerste kwartaal van 2024 inwerking treden, dit is echter nietgebeurd. Na advisering door de Raad van State is het wetsvoorstel op7 maart jl. gedeeld met de Tweede Kamer.5 De parlementaire behandelingvan het wetsvoorstel moet nog plaatsvinden, waardoor er een aanne-melijk risico is dat de mijlpaal, dat wil zeggen de inwerkingtreding van dewet, nog niet behaald is ten tijde van het tweede betaalverzoek waar dezehervorming onderdeel van uit maakt (gepland voor najaar 2024).Op 3 april 2023 is de Kamer geïnformeerd over de uitwerking vanverschillende wetsvoorstellen die samen de arbeidsmarkt hervormen6.Deze wetsvoorstellen zijn in verschillende stadia van uitwerking. Specifiekvoor de verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigengeldt dat deze, conform de uitgangspunten genoemd in de brief van3 april 2023, gereed wordt gemaakt voor uitvoeringstoetsen en internet-consultatie. In het HVP is een mijlpaal opgenomen die ziet op de publi-catie van deze wetgeving in het Staatsblad. De deadline voor dezemijlpaal is het eerste kwartaal 2025.Zoals aangegeven in de brief van 3 april 2023, sluit de uitwerking van deAOV voor zelfstandigen zo veel mogelijk aan bij het advies van deStichting van de Arbeid «Keuze voor zekerheid». Wij streven daarbijhetzelfde uitgangspunt na: om zelfstandigen een adequate inkomensbe-scherming bij arbeidsongeschiktheid te bieden. Bijkomende voorwaardenbij de uitwerking zijn dat de verzekering uitlegbaar, uitvoerbaar enbetaalbaar is, en tijdig kan worden ingevoerd. In de genoemde brief istoegelicht op welke punten in de uitwerking wordt afgeweken van hetadvies van de Stichting, in overleg met sociale partners en zelfstandigen-organisaties, als gevolg van toetsing aan deze voorwaarden.In de uitwerking van het wetsvoorstel zijn verschillende arbeidsonge-schiktheidscriteria – criteria die bepalen wanneer er recht is op eenuitkering – geïdentificeerd en van een pre-uitvoeringstoets door UWVvoorzien. Daaruit komt naar voren dat de variant die het recht op uitkeringbaseert op het wel of niet op WML-niveau functies kunnen uitvoeren,3Kamerstuk II 36 418, nr. 1324Kamerstuk II 31 477, nr. 985Kamerstuk II 36 512, nr. 56Kamerstuk II 29 544, nr. 1176Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20343 beter scoort op uitvoerbaarheid, uitlegbaarheid en betaalbaarheid.7 Naoverleg met sociale partners en zelfstandigenorganisaties heeft hetkabinet besloten deze variant op te nemen in het wetsvoorstel. Dezevariant moet nog in het voorstel worden verwerkt. Dit zorgt voorvertraging in het proces richting uitvoeringstoetsen en internetconsulatieen ten opzichte van het eerder aan uw Kamer gecommuniceerde tijdspad.Vanzelfsprekend wordt nader ingegaan op de verdere inhoudelijke enuitvoeringstechnische overwegingen bij de indiening van het voorstel.Beoogde uitvoerders dienen daarbij ook afdoende tijd te krijgen voor hettoetsen van de uitvoerbaarheid van het voorstel. Door het bovenstaandeis er een aannemelijk risico ontstaan dat de HVP-deadline voor depublicatie van de wetgeving niet gehaald gaat worden. Het kabinet spantzich in om het proces te versnellen om de mijlpaal alsnog op tijd tebehalen.Daarnaast is er een aannemelijk risico dat de HVP-deadline (eerstekwartaal van 2025) voor de publicatie van de Wet VBAR (VerduidelijkingBeoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) in het staatsblad omschijnzelfstandigheid aan te pakken niet gehaald gaat worden. De grotehoeveelheid reacties op de internetconsultatie vraagt om eennauwkeurige beoordeling. Ook hier geldt dat het kabinet zich inspant omhet proces te versnellen om de mijlpaal alsnog op tijd te behalen.Inwerkingtreding per 1 januari 2026 lijkt in beginsel wel haalbaar.Dan zijn er nog een aantal maatregelen waarbij er vertraging is opgelopenwegens uitdagingen in de uitvoering. Het gaat hier om de mijlpalen endoelstellingen omtrent European Rail Traffic Management System(ERTMS) waarover u ook in de vorige rapportage bent geïnformeerd.8 Hetprogramma Grensverleggende IT (GrIT) wordt momenteel herijkt.9 Erwordt onderzocht of dit effect heeft op de HVP-mijlpalen en doelstel-lingen.Mogelijke gevolgenGedurende de looptijd van de HVF (tot eind 2026) kan het voorkomen datbepaalde mijlpalen en doelstellingen niet haalbaar blijken. In een dergelijkgeval kan een EU-lidstaat een verzoek tot wijziging van zijn HVP indienenbij de Europese Commissie. Conform artikel 21 van de HVF-verordening iseen dergelijke wijziging echter alleen mogelijk als er sprake is vanobjectieve omstandigheden.Indien mijlpalen en doelstellingen uit het HVP niet (volledig en tijdig)worden behaald, en niet kunnen worden gewijzigd op grond vanobjectieve omstandigheden, zal dit financiële gevolgen hebben in de vormvan een korting op de te ontvangen middelen. Deze korting kan vanmiljoenen euro’s oplopen tot aan 600 miljoen euro per niet (volledig entijdig) behaalde mijlpaal of doelstelling, afhankelijk van het belang dat deEuropese Commissie aan de tekortkoming hecht. De Europese Commissievolgt hierbij de kortingsmethodiek waarover uw Kamer onder meer bij deMiljoenennota 2024 is geïnformeerd.10 In comitologie zal uiteindelijkworden besloten over het concept uitvoeringsbesluit waarin de7Zie het Eindrapport van de Onafhankelijke Commissie Toekomst Arbeidsongeschiktheidsstel,Toekomst van het arbeidsongeschiktheidsstelsel, p. 34.8Kamerstuk II 21501–07, nr. 19809Kamerstuk II 35 728, nr. 11102.6.4 Herstel- en Veerkrachtplan | Ministerie van Financiën – Rijksoverheid (rijksfinancien.nl)Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20344 Commissie aangeeft welke mijlpalen en doelstellingen zijn behaald en watde hoogte is van de uitbetaling11.Daarnaast is het mogelijk dat het Nederlandse plan bij uitblijven vanhervormingen of belangrijke investeringen niet meer voldoet aan destrikte eisen die wettelijk zijn vastgelegd in de HVF-verordening. Het gaatdan met name om de eis dat een significant deel van de relevantelandspecifieke aanbevelingen (LSA) adequaat dient te zijn geadresseerd.Dit geldt voor Nederland voor maatregelen op het gebied van onderandere arbeids- en woningmarkt, pensioenen, digitalisering en klimaat.Als deze maatregelen, zoals bijvoorbeeld »Regie op de aanbodszijde vande woningmarkt» of »AOV ZZP» en «Aanpak schijnzelfstandigheid», nietworden doorgevoerd, is het vrijwel zeker dat de desbetreffende LSA nietadequaat gedekt wordt en het Nederlandse HVP niet meer aan deEuropese vereisten zou voldoen. In een dergelijk situatie staat of degehele voor Nederland gereserveerde 5,4 miljard euro onder druk of er zaleen toereikend alternatief moeten worden ingediend in de vorm van eenaanpassing van het HVP waardoor de LSA opnieuw adequaat wordtafgedekt.Actualisatie honderd grootste eindontvangers HVP-geldenNaast de rapportage over de voortgang op de mijlpalen en doelstellingenzal het kabinet in lijn met de HVF-verordening voor eind april eengeactualiseerd overzicht publiceren met de gegevens van de grootste 100eindontvangers, te raadplegen via rijksoverheid.nl.12 Hiermee beoogt deverordening actieve publieke verantwoording en transparantie over demiddelen vanuit de HVF te realiseren.Tot slotHet kabinet is aanhoudend gemotiveerd om samen met de uitvoerders, debeide Kamers en de Europese Commissie het Nederlandse HVP uit tevoeren en zo de volledige 5,4 miljard euro aan EU-middelen in te kunnenzetten voor belangrijke investeringen in Nederland. De Kamer zalwederom worden geïnformeerd bij het indienen van een betaalverzoek enhalfjaarlijks over de algemene voortgang.De Minister van Economische Zaken en Klimaat,M.A.M. AdriaansensDe Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,C.E.G. van Gennip11Comitlogie verwijst naar de procedure waarin de Commissie haar concept uitvoeringsbesluitvoorlegt aan het comitologiecomité. Dit comité bestaat uit vertegenwoordigers van delidstaten en wordt voorgezeten door de Commissie. In dit geval brengt het comité advies uitover het concept uitvoeringsbesluit en besluit zij per gekwalificeerde meerderheid. Indien hetadvies positief is wordt het uitvoeringsbesluit vastgesteld. Indien het advies negatief is kan deCommissie het uitvoeringsbesluit niet vaststellen, zij kan dan binnen twee maanden eengeamendeerde versie bij hetzelfde comité indienen.12Top-100 eindontvangers HVP | Publicatie | Rijksoverheid.nlTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 21 501-07, nr. 20345

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 735967eb711d1449

14 okt 2026 · 8b780e580f429328

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.