Woningbouw en Mobiliteit
Brontekst
Versie 9b922724493fb748 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 847Integrale visie op de woningmarkt31 305Mobiliteitsbeleid34 682Nationale OmgevingsvisieNr. 1389 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN INFRA-STRUCTUUR EN WATERSTAAT EN DE MINISTER VAN VOLKS-HUISVESTING EN RUIMTELIJKE ORDENING Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 10 november 2025Nederland staat voor een enorme woningbouwopgave. Om de noodzake-lijke groei van het aantal woningen mogelijk te maken, is een goedebereikbaarheid en ontsluiting van nieuwe en bestaande woongebiedenrandvoorwaardelijk. Het kabinet heeft daarom in het regeerprogrammabesloten € 2,5 miljard via het Mobiliteitsfonds van IenW beschikbaar testellen voor bereikbaarheid van nieuwe woningen, zowel in stedelijkegebieden als in kleinere kernen. Naast de € 2,5 miljard voor bereik-baarheid is via de begroting van VRO € 877 miljoen1 voor gebiedsontwik-keling beschikbaar voor woningbouw in nationaal grootschalige woning-bouwgebieden. Met deze brief informeren wij de Kamer over hetkabinetsbesluit over de inzet van deze financiële middelen. In de bijlagenis een overzicht opgenomen van de verdeling van de middelen.Het kabinet wil met de € 2,5 miljard voor bereikbaarheid en de€ 877 miljoen voor Gebiedsbudget ongeveer 273.000 woningenhelpen realiseren verspreid over heel Nederland. Het gaat ommaatregelen gericht op mobiliteits- en gebiedsmaatregelen zoals hetopenbaar vervoer, de auto, de fiets, voor toekomst-bestendigheid,(her)inrichting openbare ruimte en mogelijke verwervingen of(bedrijfs)verplaatsingen.€ 1,3 miljard wordt ingezet voor voorstellen gericht op Woningbouwop Korte termijn (WoKT). Hiermee wordt de bouw van ongeveer145.000 nieuwe bereikbare woningen ondersteund.1Naast deze uitvraag voor € 877 mln. is er uit het Gebiedsbudget een bijdrage (€ 90 mln.)voorzien voor het Convenant voor Investeringen in ondernemingsklimaat microchipsector(Beethovenconvenant) (Kamerstuknummer 32 637, nr. 141) en voor Arnhem spoorzone zijn bijhet BO MIRT 2022 reeds eerdere afspraken gemaakt die hierin meelopen (€ 50 mln.) (Pag. 17Kamerstuk. 36 200 A, nr. 9 Vaststelling van de begrotingsstaat van het Mobiliteitsfonds voor hetjaar 2023). kst-32847-1389ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 13891 € 1,2 miljard wordt gereserveerd om in de grootschalige woning-bouwgebieden een stimulans te geven via investeringen in bereik-baarheid. Vanuit het Gebiedsbudget zal daarnaast nog € 877 miljoenworden geïnvesteerd in grootschalige woningbouw gebieden. Ditdraagt bij aan de realisatie van ongeveer 128.000 woningen tot 2035.Het kabinet kiest voor spreiding van investeringen over het land,inclusief Caribisch Nederland en met extra aandacht voor gebiedenwaar de druk op de woningmarkt het hoogst is.ProcesIn maart 2025 zijn door het kabinet de criteria en afweegkaders vastge-steld voor de beoordeling van de proposities van gemeenten. De Kamer ishierover geïnformeerd in de MIRT brief2 van dit voorjaar. Focus ligt op zosnel mogelijk, zo veel mogelijk bereikbare woningen helpen bouwen doorheel Nederland.In de zomer is door gemeenten hard gewerkt aan het maken vanproposities. Al deze voorstellen zijn vervolgens objectief beoordeeld opbasis van de vastgestelde criteria en afweegkaders. Planrealisme enuitvoerbaarheid waren belangrijke criteria bij de beoordeling van devoorstellen. Daarbij zijn de voorstellen onder andere getoetst op netcon-gestie, stikstofruimte, de financiële raming en de eventuele benodigdecapaciteit van RWS en ProRail. De resultaten van de beoordeling zijnbestuurlijk gewogen, waarbij er is gekozen om extra in te zetten opwoningbouw op korte termijn, via onder andere doorbraaklocaties. Dit zijnlocaties waar er door diverse partijen wordt samengewerkt en eenfinanciële afspraak leidt tot snellere aanleg van woningen.Woningbouw op korte termijn afsprakenMet de WoKT investeert het Rijk in nationale, regionale én lokaleinfrastructuurmaatregelen die woningbouwlocaties ontsluiten enbereikbaar maken. De WoKT-beoordelingscriteria zijn onder andere:•Minimaal 200 nieuwe woningen.•Snelheid; start bouw woningen zo snel mogelijk en in ieder geval voor2034.•Maximale rijksbijdrage van 65% van het financiële tekort op deinfrastructurele maatregelen.•Een maximale rijksbijdrage van € 20.000 per woning (incl. BTW).Bij de beoordeling is getoetst op de maakbaarheid en realisme van devoorstellen, en is ook een uitvoerbaarheidstoets gedaan door RWS enProRail.Er zijn meer dan 180, veelal kwalitatief goede, voorstellen ontvangen uitalle delen van het land. Daarmee zijn voor de WoKT aanzienlijk meervoorstellen ontvangen dan aan financiële middelen beschikbaar is. Debeoordeling van deze WoKT-voorstellen heeft plaatsgevonden aan dehand van de vastgestelde criteria, waarna is geprioriteerd op rendementen de effecten op de hoofdnetwerken van IenW. Dit is gedaan doorinhoudelijke en onafhankelijke experts en beoordelaars. Op basis van decriteria en de beoordeling worden 106 voorstellen gehonoreerd verspreidover 88 gemeenten. Deze 106 voorstellen tellen op tot de realisatie vanongeveer 145.000 woningen waarvan de bouw op korte termijn (laatstewoning voor 2034) zal starten. Hiermee is de toezegging aan het lid VanDijk voldaan met betrekking tot het vervroegen van de start van dewoningbouw naar het jaar 2034.2Kamerstuk 36 600 A, nr. 63Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 13892 Vanwege strategische regionale en nationale (economische) belangenhebben Rijk en regio met elkaar afgesproken om voor de gemeenteKatwijk een governance structuur in te richten. Deze aanpak is gericht opde versterking van het toekomstig verdienvermogen van Nederland in enrond de gemeenten Leiden en Katwijk. Bij een gezamenlijke, integrale engebiedsgerichte aanpak in de fysieke leefomgeving is aandacht voorwoningbouw, mobiliteitsoplossingen en daarvoor noodzakelijke randvoor-waarden, zoals stikstof en netcongestie.Hierbij geldt voor de uitvoerbaarheid dat de scope van het gebied eerderis bepaald zoals eerder besproken tussen betrokken partijen. Vanuit de€ 2,5 miljard wordt hier een financiële bijdrage aan geleverd.Nationaal Grootschalige woningbouwgebiedenVoor de goede bereikbaarheid en ontsluiting van extra woningen in denationaal grootschalige woningbouwgebieden zal € 1,2 miljard wordeningezet. In het totaal zijn ook bij de grootschalige woningbouwgebiedenmeer voorstellen ingediend dan aan budget beschikbaar is. Dit heeftgeleid tot een selectie binnen de beschikbare budgettaire middelen. Nabeoordeling en weging is besloten om vanuit het Rijk bij te dragen aan44 infrastructurele maatregelen in de al huidige 17 nationaal grootschaligewoningbouwgebieden.Alle ingediende voorstellen zijn beoordeeld aan de hand van het«Afweegkader middellange termijn»3 dat in juni 2025 is gedeeld met deTweede Kamer. Naast bereikbaarheid en woningbouw is een toets gedaanop randvoorwaarden en de integrale ruimtelijke afweging binnen degrootschalige woningbouwgebieden. Hierbij is onder meer getoetst op deuitvoerbaarheid en realisme van de afspraken. Daarbij is rekeninggehouden met de capaciteit van RWS en ProRail en de hardheid van deingediende plannen.Gebiedsbudget nationaal grootschalige woningbouwgebiedenNaast de € 2,5 miljard voor infrastructuur heeft het kabinet € 877 miljoenbeschikbaar gesteld via het Gebiedsbudget, te besteden aan gebiedsmaat-regelen in de nationaal grootschalige woningbouwgebieden. Dezemiddelen zijn bestemd voor gebiedsgerichte maatregelen die noodzakelijkzijn voor het realiseren van woningbouw binnen de grootschaligewoningbouwgebieden zoals: in Breda ’t Zoet (€ 24,5 miljoen) en Den HaagCID Binckhorst (€ 32,8 miljoen) voor toekomst-bestendigheid, (her)in-richting openbare ruimte en mogelijke verwervingen of (bedrijfs)verplaat-singen. De middelen uit het gebiedsbudget maken het voor 50% mogelijkom, aanvullend op hetgeen door gemeenten kan worden bekostigd uit degrondexploitatie en kostenverhaal op een woningbouwlocatie, te komentot financiering van de versnelde realisatie van deze gebiedsmaatregelen.De Minister van VRO heeft hiertoe een ontwerpregeling Gebiedsbudget inconsultatie gebracht. Deze middelen worden pas juridisch toegekend naparlementaire goedkeuring en nadat de onderliggende regeling inwerking is getreden en gepubliceerd in de Staatscourant. De middelenvoor het Gebiedsbudget worden in samenhang ingezet met de middelenuit het Mobiliteitsfonds. Beide budgetten vullen elkaar aan om tot eenevenwichtige gebiedsontwikkeling te komen. De middelen uit hetGebiedsbudget en de middelen voor infrastructuur dragen bij aan debouw van ongeveer 128.000 woningen tot 2035 in totaal.Voor de verdeling van de aanvullende Gebiedsbudgetmiddelen hebben degemeenten die onderdeel zijn van een grootschalig woningbouwgebied3Kamerstuk 34 682, nr. 228Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 13893 een propositie ingediend. In de proposities hebben de gemeententoegelicht welke aanvullende en nieuwe gebiedsmaatregelen noodzakelijkzijn voor het realiseren van de al afgesproken of nieuwe woningbouwaan-tallen. Ook hebben de gemeenten inzicht gegeven in de al bestaandedekking van de maatregelen en het daaruit voortvloeiend tekort. Dezeproposities zijn ook beoordeeld aan de hand van het «Afweegkadermiddellange termijn». Hierbij wordt ook rekening gehouden met eeninschatting van de nog beschikbaar komende en toe te kennenrealisatiestimulans.Het beperkte budget voor infrastructuur en mobiliteit in grootschaligewoningbouwgebieden heeft geleid tot het besluit om aan de in deontwerp Nota Ruimte aangewezen, nieuwe grootschalige woningbouwge-bieden nu alleen gebiedsbudget (ongeveer € 100 miljoen) toe te kennen.Deze nieuwe gebieden zijn: Alkmaar Kanaalzone, BSK Apeldoorn,Helmond Centrum+ en Spoorzone Hengelo-Enschede (SHE).4 Met hettoekennen van gebiedsbudget kunnen eerste stappen gezet worden in deontwikkeling van deze gebieden, hoewel we ons goed realiseren dat dit nuniet genoeg zal zijn voor de totale ontwikkeling van deze locaties. Het isaan een nieuw Kabinet om te bezien hoe de noodzakelijke mobiliteits-maatregelen alsnog geborgd kunnen worden en we blijven hierover metde betreffende gemeenten in gesprek.Voor alle voorstellen uit grootschalige woningbouwgebieden is hetnoodzakelijk om specifieke afspraken over kaders en randvoorwaarden temaken. Dit zal bij het BO MIRT 2025 worden vastgelegd. De Kamer wordthierover geïnformeerd via de MIRT-brief.Zowel voor de WoKT en grootschalige aanvragen geldt dat de inframid-delen uit het Mobiliteitsfonds aan de decentrale overheden wordenuitgekeerd via een specifieke uitkering. De middelen worden pas juridischtoegekend na parlementaire goedkeuring en nadat de onderliggenderegeling in werking is getreden en gepubliceerd in de Staatscourant. Nainwerkingtreding van de regeling kunnen de gemeenten een definitieveaanvraag indienen. Deze aanvraag moet in lijn zijn met de binnenkort temaken specifieke BO MIRT afspraken, waarbij ook een regionale finan-ciering definitief moet zijn. Uitgangspunten zijn vergelijkbaar met detoedeling van de € 7,5 miljard. De Rijksbijdrage is inclusief BTW entaakstellend. De (nog niet gedekte) kosten voor planvorming en deuitvoeringsrisico’s voor gemeentelijke of provinciale projecten liggen bijde desbetreffende overheden. Bij alle positief beoordeelde proposities(zowel de WoKT als nationaal grootschalig) is op de Rijksbijdrageuiteindelijk een korting van 0,5% toegepast. Dit is nodig om binnen hetvastgestelde financiële kader van € 2,5 miljard te blijven.Het programma Woningbouw en Mobiliteit monitort de voortgang van debouw van de infrastructuur en de geplande woningen. Als afspraken nietgehaald worden, kan IenW in overleg met VRO besluiten het geld terug tehalen en over andere projecten te herverdelen. Ook voor de nieuw temaken afspraken gelden de kaders uit het Plan van aanpak Programmabe-heersing uit 2022.5Tot slot:Met deze investeringen wordt ingezet op het terugdringen van hetwoningtekort. Een groot aantal gemeenten kan aan de slag om goed4Deze nieuwe gebieden vragen om extra rijksregie, zoals vastgelegd in het ontwerp van de NotaRuimte.5Bijlage bij Kamerstuk 36 200 A, nr. 78Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 13894 bereikbare woningen te realiseren. Tegelijkertijd blijft ook met dezeinvesteringen de druk op de woningmarkt hoog en zijn er nog grote enurgente opgaven op zowel structuurversterkende maatregelen alsspecifieke maatregelen opwoningbouwlocaties. Het is aan een nieuw kabinet om verdere keuzes temaken over investeringen in bereikbaarheid en woningbouw.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,R. TiemanDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.A. AartsenDe Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,M.C.G. KeijzerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 13895
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.