KamerkringInloggen
Kamerbrief

Compensatie Glastuinbouw in het kader van de bijmengverplichting groen gas

18 sep 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 62fdb111e0936a5d · officiële bron

36 947 Wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de economische delicten in verband met het verhogen van het aandeel van gas uit hernieuwbare bronnen in de totale leveringen van gas aan afnemers (Wet bijmengverplichting groen gas) 32 627 (Glas)tuinbouw Nr. 47 Brief van de minister van Klimaat en Groene Groei en de staatssecretarissen van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en van Financiën Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 18 september 2026 Tijdens de eerste termijn van het wetgevingsoverleg vroeg een deel van de Kamer hoe de compensatie voor de bijmengverplichting groen gas voor de glastuinbouwsector precies vorm krijgt. Inmiddels is bekend hoe het kabinet deze compensatie voor zich ziet, met deze brief informeert het kabinet de Kamer hierover in aanloop naar de afronding van het WGO op 21 september as. De bijmengverplichting creëert tot 2035 structurele vraag naar groen gas, wat stabiele inkomsten oplevert voor boeren die ervoor kiezen om te investeren in vergisting van agrarische reststromen zoals mest en gewasresten. Groen gas biedt een verduurzamingsroute die past bij de bestaande gasinfrastructuur, zonder dat dit grote investeringen vergt in de installaties van individuele telers. Hiervoor is het van belang dat er in de toekomst voldoende groen gas beschikbaar is voor een prijs die, in verhouding tot de prijs van fossiel gas, het aantrekkelijk maakt voor tuinders om met groen gas in de piekvraag van elektriciteit te voorzien. De productie van groen gas biedt ook kansen voor Nederlandse bedrijven. De glastuinbouw draagt via de bijmengverplichting positief bij aan de ontwikkeling van de groen gas markt. Vanwege het hoge gasverbruik, betaalt de sector echter een relatief hoog aandeel in de meerkosten van de bijmengverplichting. Het kabinet acht volledige doorbelasting van deze kosten op dit moment onwenselijk gezien de concurrentiepositie van de sector en de al aanwezige beprijzing. Conform de afspraak zoals die door het vorige kabinet met de sector is gemaakt, wordt de glastuinbouwsector voor de meerkosten van de bijmengverplichting tenminste tot en met 2030 gecompenseerd. Voor 2027 is de compensatie verwerkt in het Belastingplan via een verlaging van de energiebelastingtarieven voor de glastuinbouw. Hierbij is gerekend met een maximale meerprijs van groen gas op basis van de buy-out prijs die energieleveranciers in 2027 moeten betalen als ze (deels) niet aan de bijmengverplichting kunnen voldoen. In werkelijkheid zullen de kosten voor de glastuinbouwsector naar verwachting lager liggen, omdat niet de verwachting is dat de gehele bijmengverplichting tegen de buy-out prijs ingevuld zal worden. In de eerste drie jaar is de bijmengverplichting immers lager dan de huidige productie van groen gas. Via de voorgestelde weg wordt de sector gemiddeld genomen volledig gecompenseerd. Op bedrijfsniveau zal de hoogte van de compensatie verschillen. Doordat het belaste energieverbruik verschilt per verbruiker, is het niet mogelijk om de compensatie exact aan te laten sluiten op bedrijfsniveau. Besluitvorming over de vormgeving van de compensatie in de latere jaren vindt de komende maanden richting het voorjaar van 2027 plaats in de context van het totaalpakket van stimuleren en beprijzen voor de glastuinbouwsector. In 2029 wordt de bijmengverplichting geëvalueerd. Het kabinet houdt daarmee de vinger aan de pols en kan waar nodig bijsturen om onbedoelde effecten op de concurrentiepositie van de sector tijdig te adresseren. Daarbij zal het kabinet de impact van de bijmengverplichting groen gas en de overgang naar ETS2 integraal bezien. In reactie op vragen van de PvdD maakt het kabinet van de gelegenheid gebruik om u te informeren dat de AMvB dierwaardige veehouderij vrijdag 11 september jl. aan de Kamer is gezonden[voetnoot 1], zodat de Kamer de relatie van de bijmengverplichting met deze AMvB kan beoordelen. Hierbij wil het kabinet opmerken dat om de opschaling van de bijmengverplichting te kunnen halen slechts een deel van de beschikbare mest in Nederland vergist hoeft te worden. Vergisting kan gecombineerd worden met weidegang. Ook als koeien veel in de wei staan, zullen zij alsnog een deel van de dag op stal staan, waarbij mest opgevangen kan worden ten behoeve van vergisting. Bovendien zijn er andere prikkels, zoals weidegangpremies vanuit de markt en de eco-regeling van het Gemeentelijk Landbouwbeleid, die weidegang juist stimuleren, ook bij mestvergisting. Het kabinet is ervan overtuigd dat de bijmengverplichting groen gas, mét de bijbehorende compensatie voor de glastuinbouw, een evenwichtig pakket is dat verduurzaming, weerbaarheid en een gezond ondernemersklimaat met elkaar verbindt. Om producenten en leveranciers de zekerheid te bieden waar zij op wachten, is de inzet van het kabinet er op gericht de wet per 1 januari 2027 inwerking te laten treden. Het kabinet kijkt ernaar uit om hierover tijdens de tweede termijn van het wetgevingsoverleg op 21 september as. met de Kamer van gedachten te wisselen. De minister van Klimaat en Groene Groei, S. van Veldhoven-van der Meer De staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, S.P.A. Erkens De staatssecretaris van Financiën, E. Eerenberg Zie: Voorhang ontwerp-AMvB dierwaardige veehouderij | Tweede Kamer der Staten-Generaal

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 71b8914828dbaa2b

14 okt 2026 · 764acec9b56cb656

13 okt 2026 · d1660bcb1575d893

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.