Antwoord op vragen van het lid Becker over het bericht 'Vaders niet vervolgd voor huiselijk geweld: 'Niet in het belang van het kind''
Brontekst
Versie 364f99859bf930b7 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–2026Aanhangsel van de HandelingenVragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door deregering gegeven antwoorden1095Vragen van het lid Becker (VVD) aan de Staatssecretarissen vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport en van Justitie en Veiligheid over hetbericht «Vaders niet vervolgd voor huiselijk geweld: «Niet in het belang vanhet kind»» (ingezonden 24 november 2025).Antwoord van Staatssecretaris Rutte (Justitie en Veiligheid), mede namens deStaatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (ontvangen 12 februari2026).Vraag 1Bent u bekend met het bericht «Vaders niet vervolgd voor huiselijk geweld:«Niet in het belang van het kind»»?1Antwoord 1Ja.Vraag 2Hoe beoordeelt u het gegeven dat gerechtshoven in een substantieel aantalartikel 12-zaken besluiten om vervolging niet te gelasten met als reden dathet niet in het belang van het kind zou zijn?Antwoord 2Dat de belangen van het kind de eerste overweging vormen bij «allemaatregelen betreffende kinderen» (zoals rechterlijke beslissingen) is eenbelangrijke verdragsverplichting die is vastgelegd in artikel 3 van het Verdragvan de Rechten voor het Kind. Het is echter niet aan mij om in gerechtelijkebeslissingen te treden.Vraag 3Hoeveel zaken van huiselijk geweld worden er per jaar geseponeerd waarbijexpliciet het argument «in het belang van het kind» wordt genoemd? Wordendeze gegevens al bijgehouden? Zo ja, kunt u deze gegevens delen met deKamer? Zo niet, bent u bereid dit te laten monitoren?1RTL Nieuws, 19 november 2025, «Vaders niet vervolgd voor huiselijk geweld: «Niet in hetbelang van het kind»» (Vaders niet vervolgd voor huiselijk geweld: «Niet in het belang van hetkind») ah-tk-20252026-1095ISSN 0921 - 7398’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel1 Antwoord 3De inhoudelijke redenen voor een sepot worden niet systematisch gedocu-menteerd op het niveau van individuele zaken. Enkel dossieronderzoek, datveel tijd en capaciteit kost, zou hier meer inzicht in kunnen geven. Ik heb hetvertrouwen dat het Openbaar Ministerie in staat is om de juiste afweging temaken in deze zaken, waarbij de belangen van slachtoffers, waaronderkinderen, voorop staan.Vraag 4Op welke basis waarvan wordt het «belang van het kind» gewogen inbeslissingen van het Openbaar Ministerie (OM) om huiselijk geweld niet tevervolgen? Zijn dit landelijke kaders of afhankelijk van het gerechtshof? Inwelke mate heeft u invloed op deze kaders?Antwoord 4Het belang van het kind wordt gewogen op grond van de bestaande(internationale en Europese) wet- en regelgeving, de beleidsregels van hetOpenbaar Ministerie en de stukken uit het strafdossier, waaronder rapporta-ges die omtrent het kind zijn opgemaakt. De beleidsregels zijn voor watbetreft huiselijk geweldzaken neergelegd in de Richtlijn voor StrafvorderingHuiselijk Geweld en de Aanwijzing Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.Landelijke richtlijnen en Aanwijzingen worden formeel vastgesteld door hetCollege van Procureurs-Generaal. Ik heb dan ook geen directe invloed opdeze kaders. Het is wel mogelijk via algemene beleidsaanwijzingen enwetgeving indirect invloed uit te oefenen op deze kaders.Vraag 5Bent u bereid met het OM te bespreken een richtlijn te ontwikkelen voorzaken van huiselijk geweld waarbij kinderen zijn betrokken waarbij hetuitgangspunt is dat bij een geweldsdelict niet geseponeerd wordt?Antwoord 5Uit de Richtlijn voor strafvordering Huiselijk Geweld volgt dat het uitgangs-punt is dat bij zaken van huiselijk geweld wordt gedagvaard, vanwege deernst van het plegen van geweld in afhankelijkheidsrelaties en de bestraffingdie daarbij passend is.Uit de Aanwijzing Huiselijk Geweld en Kindermishandeling volgt dat alleenzaken waarin sprake is van het ontbreken van letsel, dan wel (heel) lichtletsel, het ontbreken van een dreiging van nieuw geweld, een eerste incidenten/of een berouwvolle dader die hulp zoekt en aanvaardt, voor eenOM-strafbeschikking in aanmerking komen. Verder kan aan eenOM-strafbeschikking een gedragsaanwijzing worden verbonden conformartikel 257c lid 1 Sv, mits de verdachte door de officier van justitie is gehoorden zich bereid heeft verklaard zich aan de betreffende gedragsaanwijzing tehouden. Delicten die met een buitengerechtelijke afdoening kunnen wordenafgedaan zijn vernieling (art. 350 Sr), verbale bedreiging (art. 285 Sr) eneenvoudige mishandeling (art. 300 Sr).2 Andere delicten die vallen onderhuiselijk geweld en belaging in de zin van stalking door een (ex-)partner ofdoor iemand anders uit de huiselijke kring of privésfeer worden alleenbuitengerechtelijk afgedaan bij hoge uitzondering met expliciete toestemmingvan de reclasseringsofficier.Zowel uit de Richtlijn als de Aanwijzing van het Openbaar Ministerie volgt datzaken die vallen onder huiselijk geweld in beginsel worden gedagvaard en inuitzonderlijke gevallen met een OM-strafbeschikking worden afgedaan.Vraag 6Bent u bekend met het gegeven dat er geen wetenschappelijke onderbouwingbestaat voor de stelling dat het vervolgen van een ouder negatieve effectenheeft op kinderen? Zo ja, welke onderbouwing gebruikt het OM om ditargument wel te laten meewegen in de beslissing?2Aanwijzing Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel2 Antwoord 6Het is bekend dat er geen eenduidige wetenschappelijke consensus bestaatover de negatieve effecten van vervolging van ouders op kinderen. HetOpenbaar Ministerie weegt zijn beslissing tot vervolging zorgvuldig af opgrond van alle dossierstukken, inclusief rapportages van deskundigen(waaronder de Raad voor de Kinderbescherming) en adviezen van (jeugd)-hulpinstanties waarin de belangen van het kind zijn meegenomen. Op grondvan alle informatie tezamen beslist het Openbaar Ministerie welk belang perindividuele casus het zwaarst weegt.Vraag 7Hoe verhoudt deze praktijk zich tot de algemene plicht van het OM omstrafbare feiten te vervolgen? Deelt u de mening dat het een bijzondervoorbeeld schept dat er bij zaken van huiselijk geweld wel wordt gesepo-neerd in het belang van het kind waarbij juist het kind in sommige gevallenook slachtoffer is, en in gevallen van bijvoorbeeld drugssmokkel dit argumentniet wordt gebruikt?Antwoord 7Het Openbaar Ministerie heeft de wettelijke taak om strafbare feiten tevervolgen. Hierbij spelen ook maatschappelijke belangen mee, zoals debescherming van kwetsbare kinderen. Het seponeren van zaken van huiselijkgeweld in het belang van het kind raakt aan de taak en onafhankelijkheid vanhet Openbaar Ministerie. De vergelijking in de vraag toont de complexiteitvan het vervolgingsmonopolie en de noodzaak voor een zorgvuldigeafweging die elke keer opnieuw dient plaats te vinden wanneer er kinderenbetrokken zijn.Vraag 8Hoe ziet u het zelfstandig gebruik van het argument «in het belang van hetkind» om af te zien van vervolging? Bent u het met de deskundigen in hetartikel eens dat dit vrouwen en kinderen in situaties van huiselijk geweldextra kwetsbaar kan maken?Antwoord 8Het Openbaar Ministerie kan op grond van het opportuniteitsbeginselbeslissen om een zaak niet te vervolgen (artikel 167 en artikel 242 Sv). Uit debeleidsregels van het Openbaar Ministerie volgt echter dat bewijsbarehuiselijk geweld zaken in beginsel wel worden vervolgd. In uitzonderlijkegevallen wordt daarvan afgezien, bijvoorbeeld wanneer het gaat om eengering feit of wanneer de pleger meteen verantwoordelijkheid heeft genomendoor te bekennen en vrijwillig in behandeling te gaan voor bijvoorbeeldgedragsproblemen. Wanneer het Openbaar Ministerie besluit om niet tevervolgen, kan de zaak middels een artikel 12 procedure aan het gerechtshofworden voorgelegd om op die manier een vervolging te bewerkstelligen. Deomstandigheid dat de belangen van het kind in elke individuele zaakzorgvuldig en als eerste overweging worden meegewogen, ook wanneerwordt beslist om niet te vervolgen, is op zichzelf een goede praktijk. Het isdaarbij uiteraard van belang dat steeds wordt bezien of een beslissing omniet te vervolgen alle rechten en belangen van het kind, waaronder ook diensrecht op bescherming tegen geweld, voldoende borgt. Uit verschillendeonderzoeken volgt immers dat kinderen die getuige zijn van huiselijk geweldblijvend schade kunnen oplopen, en dat dit zelfs intergenerationeel kandoorwerken. Voor slachtoffers, nabestaanden en ook de maatschappij is hetbelangrijk dat een pleger wordt gestopt, en verantwoordelijk wordt gehoudenvoor zijn daden. Daar horen consequenties bij, zoals een straf en/of hetzoeken naar hulp om het gebruik van geweld in de toekomst te voorkomen.Elke zaak is uniek. Dit betekent dat elke keer opnieuw een zorgvuldigeafweging moet worden gemaakt tussen de verschillende belangen, waarbijdie van het kind de eerste overweging vormen.Vraag 9Hoe wordt geborgd dat slachtoffers van huiselijk geweld voldoende bescher-ming, rechtszekerheid en toegang tot het recht hebben wanneer het OMbesluit niet te vervolgen?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel3 Antwoord 9Er zijn verschillende mogelijkheden om het slachtoffer te beschermenwanneer het Openbaar Ministerie besluit om een zaak niet te vervolgen.Wanneer sprake is van acute onveiligheid kan via de burgemeester eenberoep worden gedaan op het tijdelijk huisverbod. Hiermee is het slachtoffervoor een periode van maximaal 28 dagen beschermd tegen de pleger, diedan het huis niet mag betreden en ook geen contact mag opnemen met hetslachtoffer en de kinderen. Verder kan een melding worden gedaan bij VeiligThuis die vervolgens een risico-inschatting kan doen en een veiligheidsplankan opstellen. Wanneer hulpverleningsinstanties zoals Veilig Thuis conclude-ren dat sprake is van acute onveiligheid dan kan het slachtoffer – ondervoorwaarden – in aanmerking komen voor een AWARE-knop. Dit is eendraagbare noodknop waarmee de politie kan worden gealarmeerd in gevalvan acuut gevaar. De politie kan met behulp van die knop de locatie van hetslachtoffer bepalen en snel ter plaatse komen.Rechtszekerheid en toegang tot het recht zijn geborgd doordat een slachtoffermiddels een kort geding bij de civiele rechter een contactverbod kan eisen.Tot slot kan een slachtoffer via een artikel 12-procedure bij het gerechtshofeen vervolging afdwingen.Vraag 10Kunt u deze vragen een voor een en voor het kerstreces beantwoorden incombinatie met de set schriftelijke vragen van het lid Becker van 17 novem-ber 2025?Antwoord 10De antwoorden op de set Kamervragen van 17 november 2025 zijn op19 december 2025 verzonden. Helaas is het niet gelukt om onderhavige setKamervragen voor het kerstreces te beantwoorden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel4
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.