Voortgang Maatwerkafspraken Verduurzaming Industrie
Brontekst
Versie 6efa13b683ddf86f · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 826Industriebeleid32 813Kabinetsaanpak KlimaatbeleidNr. 260 BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI ENDE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 30 juni 2025De overheid en het bedrijfsleven werken sinds enkele jaren nauw samenaan een maatwerkaanpak voor de verduurzaming van de industrie en hetverbeteren van de leefomgeving. In deze brief wordt u geïnformeerd overde stand van zaken van de maatwerkaanpak en hoe het kabinet dezeaanpak wil vervolgen.Inleiding en samenvattingDe maatwerkaanpak is een vernieuwende samenwerking van overheid enhet bedrijfsleven om duurzame investeringen te versnellen. De verwach-tingen waren bij de start in 2022 erg hoog en de ambities vanuit hetbedrijfsleven voor extra verduurzaming volgden snel. De aanpak heeftveel lessen en inzichten opgeleverd, maar de complexiteit van deprojecten, de beleidskaders en een sterk veranderende wereld maken datde resultaten minder snel komen dan gedacht. Het kabinet wil met dezeaanpak doorgaan, maar ook realistisch zijn in de uitvoering in de komendeperiode.De maatwerkaanpak kent per bedrijf drie stappen. Na een eersteverkenning wordt er bij voldoende potentieel, een ambitiedocumentopgesteld (Expression of Principles, EoP) dat vervolgens wordt uitgewerktin een concept intentie-overeenkomst (Joint Letter of Intent, JLoI). Inaanloop naar deze stap worden de business cases diepgaand doorge-nomen, projectreviews gedaan en investerings-risico’s geanalyseerd. Naeen advies van de Adviescommissie Maatwerkafspraken VerduurzamingIndustrie (AMVI) op de concept JLoI en eventuele aanpassing dientenge-volge, wordt de JLoI getekend en uitgewerkt in bindende maatwerk-afspraken. Inmiddels hebben 13 bedrijven een EoP getekend, is er recenteen JLoI getekend met Coöperatie Koninklijke Cosun, zijn er nogmeerdere JLoI’s in voorbereiding en heeft één bedrijf, chemiebedrijf kst-29826-260ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2601 Nobian, alle drie de stappen doorlopen en in december 2024 eenbindende maatwerkafspraak getekend.Om in de maatwerkaanpak van de EoP naar de latere fasen te komen,moeten projectvoorstellen en business-cases zeer concreet uitgewerktzijn. Deze fase van projectontwikkeling kost voor dit type complexe eningrijpende projecten in de meeste gevallen veel tijd, ook omdat erafstemming nodig is binnen het concern voor voldoende draagvlak enmet de overheid over ondersteuning en de noodzakelijke randvoor-waarden. Daarbij zijn de economische en geopolitieke omstandighedensinds de afgelopen jaren sterk in beweging. Het blijkt dat niet allebedrijven hun ambities op dit moment ten volle kunnen omzetten inconcrete projectvoorstellen en dat business cases onder druk staan.De meeste maatwerkbedrijven hebben momenteel te maken met zeeruitdagende (markt)omstandigheden die hun concurrentiepositie onderdruk zetten. Sommige bedrijven zitten in economisch zwaar weer en ziengeen of weinig ruimte om te investeren in grootschalige verduurzamings-projecten. De economische en geopolitieke omstandigheden zijn in deafgelopen jaren immers sterk gewijzigd. Daarnaast zijn er zorgen over hettijdig op orde zijn van de noodzakelijke randvoorwaarden voor verduur-zaming. Overigens is het belangrijk om te constateren dat demaatwerkaanpak niet de enige manier is om te verduurzamen. Het nietkomen tot een maatwerkafspraak hoeft dan ook niet te betekenen dat eenbedrijf niet investeert in verduurzaming, of geen maatregelen neemt omde impact op de leefomgeving te verbeteren. Met de maatwerkaanpakwordt ingezet op het realiseren van extra CO2-reductie, bovenop dereductie die de industriële bedrijven moeten realiseren om geen nationaleCO2-heffing te moeten betalen. Daarnaast worden er, waar relevant, ookafspraken gemaakt over verbetering van de leefomgeving, waarbij in hetbijzonder aandacht is voor het realiseren van stikstofreductie. Zoals in detoelichting per bedrijf (bijlage 1) te lezen valt, worden er ook doorbedrijven waarmee de maatwerkaanpak in deze fase niet wordt geconti-nueerd, wel grote stappen richting een duurzame toekomst gezet.Het kabinet staat dus voor de opgave om verder te gaan op het ingezettepad van verduurzaming, maar ook realistisch te zijn over wat haalbaar isin de actuele context. Dat vraagt om het maken van keuzes binnen demaatwerkaanpak. De huidige werkwijze verwacht van bedrijven dat ze eenconcreet allesomvattend projectportfolio aanleveren dat leidt totadditionele CO2-reductie in 2030. Deze werkwijze biedt nog steeds soelaasvoor een aantal bedrijven: Tata Steel Nederland, Coöperatie KoninklijkeCosun, AnQore, Alco Energy Rotterdam, Zeeland Refinery en mogelijkOCI. Zij werken de komende tijd aan een JLoI. Voor de maatwerkafspraakmet Nobian1 en de maatwerksubsidie aan Yara2 wordt al aan deuitvoering van reeds gemaakte afspraken gewerkt. Met afvalverwerkings-bedrijven (AVI’s) AEB en AVR wordt op dit moment bezien of eenmaatwerktraject haalbaar is.3Daarmee zijn we er nog niet. Het kabinet blijft van mening dat verduur-zaming de enige route is voor bedrijven om ook op lange termijn inEuropa te kunnen blijven produceren; dit is ook de conclusie van Draghi inzijn bekende rapport uit 2024. Het kabinet onderschrijft de analyse in ditrapport over het belang van een weerbaarder Europa, de aandacht voorhet EU-concurrentievermogen en ziet (groene) groeikansen van decarbo-1Tailor-made Agreement Nobian | Convenant | Rijksoverheid.nl.2Definitief besluit incidentele subsidie CCS-project Yara Sluiskil | Besluit | Rijksoverheid.nl.3Kamerstuk 2024/2025, 30 872, nr. 306.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2602 nisatie die deze overgang biedt.4 Binnen Europa is er op termijn slechtsCO2-neutrale productie mogelijk, en daarvoor is dus niet alleen een stapnodig om de tussenstop in 2030 te halen (passend bij het streefdoel van55% CO2-reductie in 2030), maar moet de weg naar (netto) 0 CO2-uitstootook in beeld komen. Met het oog op de volgende stappen op deze wegzijn in het recente Pakket voor Groene Groei belangrijke stappen gezet omde randvoorwaarden te verbeteren en is het gelijke speelveld dichterbijgebracht.5 Daarnaast wordt het belang van een toekomstbestendigeindustrie voor onze strategische autonomie meer dan ooit erkend.6 Hetkabinet wil daarom – ook in deze uitdagende tijd voor de energie-intensieve industrie – vol in blijven zetten op verduurzaming; zowelrichting het tussenjaar 2030 als richting klimaatneutraliteit.Het kabinet sluit voor de bedrijven uit de maatwerkaanpak, die de huidigefase van maatwerk niet hebben kunnen, of willen benutten dan ook nietde deur. Voor deze bedrijven, met complexe investeringsprojecten, maarzonder één alles-omvattend plan met additionele CO2-reductie in 2030, isondersteuning van groot belang om de verduurzaming van de industrievoort te zetten. In de volgende fase wil het kabinet deze bedrijven blijvenhelpen met een gerichte individuele aanpak. Deze moet dan erop gerichtzijn om concrete en complexe projecten in Nederland te realiseren die,vanwege de doorlooptijden van dit type projecten en de benodigdebesluitvormingsprocessen binnen bedrijven, veelal pas na 2030 opera-tioneel kunnen zijn. Het vervolg van deze brief gaat in op de lessen uit demaatwerkaanpak tot nu toe, op de (her)benoemingen van de Adviescom-missie Maatwerkafspraken Verduurzaming Industrie (AMVI) en debeoogde voortzetting van de maatwerkaanpak. In bijlage 1 wordt devoortgang van de gesprekken met de individuele maatwerkbedrijvenuiteengezet, zoals eerder is toegezegd aan de Kamer in het commissie-debat Verduurzaming Industrie van 17 oktober 2024 en aangekondigd inde brief van 17 maart jl.7Lessen uit de Maatwerkaanpak Verduurzaming IndustrieDe maatwerkaanpak past binnen de bredere aanpak van het kabinet in hetNationaal Programma Verduurzaming Industrie (NPVI), waarmee met(generieke) instrumenten, publiek-private samenwerking en het gerichteoplossen van knelpunten, ingezet wordt op het versneld verduurzamenvan de industrie in Nederland. De essentie van de maatwerkaanpak is dateen team van de overheid intensief in gesprek is met een bedrijf over hunverduurzamingsstrategie, projectportfolio, investeringsrisico’s, gesigna-leerde knelpunten en mogelijke ondersteuning door de overheid. Deteams van de overheid bestaan uit vertegenwoordigers van het Ministerievan KGG, RVO en het Ministerie van IenW en wordt waar nodig aangevuldmet externe expertise. Daarbij is er ook een actieve betrokkenheid van deprovinciale overheden en de omgevingsdiensten. Door het meedenkenover de uitwerking van projecten, het delen van strategische afwegingenen business cases, ontstaat een beter inzicht in hoe de financiële enniet-financiële randvoorwaarden moeten worden vormgegeven, en wordtgezamenlijk gezocht hoe in individuele complexe projecten knelpunten eninvesteringsrisico’s, al dan niet met overheidssteun, kunnen wordenverminderd. Vrijwel alle bedrijven geven aan dat de werkwijze van demaatwerkaanpak, waarbij de overheid een belangrijke coördinatierolheeft, zeer wordt gewaardeerd.4Kamerstuk 2024/2025, 21 501-30, nr. 621.5Kamerstuk 2024/2025, 33 043, nr. 114.6Dit is tevens de toegezegde schriftelijke reactie op de vraag van dhr. Boutkan tijdens hetTweeminutendebat Externe Veiligheid van 9 april 2025.7TZ202410-136.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2603 DoelgroepDe maatwerkaanpak is noodzakelijkerwijs selectief. De intensieve aanpakis alleen effectief voor relatief grote bedrijven met complexe projecten;pas als de potentiële extra verduurzaming fors is, weegt dit op tegen deinspanning die ook samenhangt met de maatwerkaanpak. Aanvankelijkgold de maatwerkaanpak alleen voor de twintig grootste industriëleuitstoters; later is deze groep uitgebreid naar de dertig grootste uitstoters,met daarbij ook een aantal cluster 6 bedrijven met ambitieuze projecten.8Uiteindelijk zijn uit deze grotere groep nog twee EoP’s voortgekomen; metAlco Energy Rotterdam en Coöperatie Koninklijke Cosun – de laatste isook een cluster 6 bedrijf. Deze EoP’s zijn toegevoegd als bijlage bij dezebrief. Voor de meeste cluster 6 bedrijven is de maatwerkaanpak teveelomvattend en is, gezien de aard van hun knelpunten, het voor henontwikkelde cluster 6 actieplan het meest geëigende instrument omsamen met de overheid knelpunten te adresseren.Kaders voor maatwerkDe hoge ambitie om additionele CO2-reductie onder de maatwerkaanpakin 2030 te realiseren en de strikte voorwaarden voor financiële maatwerk-ondersteuning zijn voor sommige bedrijven zeer uitdagend gebleken.Zoals ook in de laatste Kamerbrief Voortgang Verduurzaming Industrie isuiteengezet, biedt het huidige kader alleen (financiële) ruimte voor hetondersteunen van de bedrijven die additionele CO2-reductie in 2030realiseren en niet als bedrijven hun ambities (zoals uitgesproken in eenEoP) om verschillende redenen, zoals eerder in deze brief uiteengezet, niettijdig kunnen realiseren.9 Momenteel zijn er ook geen budgettairemiddelen geoormerkt om (deel)projecten na 2030 te ondersteunen.Vergunningverlening en infrastructuurVoor veel bedrijven kan het proces van vergunningverlening een groteonzekerheid meebrengen bij verduurzaming. In 2022 zijn uit het Klimaat-fonds middelen beschikbaar gesteld aan de provincies voor de versterkingvan de uitvoeringscapaciteit voor vergunningverlening aan de maatwerk-bedrijven door de omgevingsdiensten.10 Hierdoor hebben de omgevings-diensten casusteams en een expertpool kunnen vormen voor onderlingekennisuitwisselingen over complexe, innovatieve aanvragen en hebben zijactieve ondersteuning kunnen geven bij het efficiënt inrichten van hetaanvraagproces. Dit is bijvoorbeeld zeer behulpzaam geweest bij hetmaatwerktraject met Nobian en ook bij de voorbereiding van hetmaatwerktraject met Tata Steel Nederland. Voor de infrastructuurbehoeftevan de projecten in de maatwerkaanpak wordt vanaf het begin zoveelmogelijk aangesloten bij de programmering van het MIEK, dat isgebaseerd op de Cluster Energiesystemen van de verschillende industrie-clusters. Daar waar de programmering concrete voortgang van projectenin de weg kan staan, heeft goed overleg met de betreffende infrabe-heerder plaatsgevonden.Overige randvoorwaardenDe maatwerkgesprekken maken duidelijk dat investeringsbeslissingen inNederland ook sterk bepaald worden door de noodzakelijke randvoor-waarden in Nederland en daarnaast ook door de mondiale investerings-strategie en rendementseisen van de vaak buitenlandse moederbedrijven.8Kamerstuk 2024/25, 29 826, nr. 203.9Kamerstuk 2024/25, 29 826, nr. 234.10Kamerstuk 2022/23, 36 200 XIII, nr. 116.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2604 Bij hun investeringsbeslissingen kijken buitenlandse hoofdkantoren naarde landen waar de randvoorwaarden het beste op orde zijn en blijven,waar de milieu- en klimaatwetgeving duidelijk is, en waar hoogte vanrendement het best gerealiseerd kan worden. Dit gegeven bemoeilijkt opdit moment het komen tot afspraken, omdat de business cases inNederland nu vaak niet of minder rendabel zijn dan elders, onder meerdoor de hogere energiekosten en de CO2-beprijzing.Met het Pakket voor Groene Groei brengt het kabinet de randvoorwaardenvoor verduurzaming verder op orde. Met het pakket investeert het kabinetstevig, door onder andere de Subsidieregeling Indirecte Kostencompen-satie (IKC-ETS) met drie jaar te verlengen en het voornemen om derandvoorwaarden voor het opzetten van een amortisatieoptie uit tewerken richting Prinsjesdag 2025, de CO2-heffing op korte termijn teverlichten en een forse investering te doen in het CCS-project Aramis. Ookwordt er meer duidelijkheid gegeven richting afnemers en producentenvan waterstof, met een relatief lage afnameverplichting tot inzet vanhernieuwbare waterstof en door de raffinageroute voor groene waterstofanders vorm te geven.11 Op woensdag 25 juni jl. heeft de Kamer eenmotie aan-genomen over het afschaffen van de CO2-heffing.12 De Kamerwordt separaat geïnformeerd over hoe het kabinet uitvoering gaat gevenaan de motie Inge van Dijk c.s. over het afschaffen van de CO2-heffing.Voor maatwerkbedrijven is de CO2-heffing één van de factoren bij hetopstellen van business cases voor duurzame investeringen. De impact vande motie zal per bedrijf verschillen en zal de komende tijd in kaart wordengebracht.SubsidieringUitgangspunt bij de subsidiering van de verduurzamingsplannen van debedrijven in het kader van de maatwerkaanpak is dat eerst de geschiktheidvan het generieke instrumentarium wordt beoordeeld. Daarbij wordtgekeken naar bijvoorbeeld de SDE++, DEI++, VEKI, EIA en de NIKI (die opkorte termijn voor het eerst open zal worden gesteld). Toch blijkt datgeneriek instrumentarium voor de projectportfolio’s van de maatwerkbe-drijven niet altijd toereikend is en is in sommige gevallen een apartemaatwerksubsidie gewenst. Uiteraard moet die maatwerksubsidie aan deEuropese staatssteunkaders voldoen. De mogelijkheden voor gerichteindividuele steunmaatregelen voor complexe, grootschalige verduurza-mingsprojecten zijn beperkt gebleken; dit was één van de redenen dat delaatste fase van de maatwerkafspraken met Nobian de nodige tijd kostte.De Europese Commissie werkt aan een nieuw Europees staatssteunkader,genaamd Clean Industrial State Aid Framework (hierna: CISAF). De CISAFheeft onder meer als doel om duurzame investeringen bij industriëlebedrijven met name via regelingen gemakkelijker te maken. De Kamerwordt via de gebruikelijke weg van een BNC-fiche geïnformeerd over deNederlandse positie ten aanzien van het CISAF.13Interdepartementale samenwerkingIn het commissiedebat over Verduurzaming Industrie op 17 oktober 2024(Kamerstuk 29 826, nr. 215) heeft de Minister van KGG aan het lid Erkenstoegezegd om stil te staan bij de inter-departementale samenwerkingtussen de ministeries van KGG en IenW, met name in relatie tot demaatwerk-casus Dow.14 In de maatwerkaanpak wordt vanaf het begin11Kamerstuk 2024/2025, 33 043, nr. 114.12Kamerstuk 2024/2025, 36 725, nr. 11.13Kamerstuk 2024/25, 22 112, nr. 4044.14Toezegging TZ202410-136.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2605 interdepartementaal en tussen overheden samengewerkt. Er is eeninterdepartementale klankbordgroep waarin de voortgang, knelpunten enconcept afspraken worden besproken. De aanpak richt zich primair opadditionele CO2-reductie maar een belangrijke nevendoelstelling is omook de leefomgeving te verbeteren. De Staatssecretaris van IenW ismedeondertekenaar en IenW is daarom betrokken bij alle gesprekken metmaatwerkbedrijven. Gezamenlijk wordt gezocht naar de beste propositievoor de maatschappelijke doelen (zowel op het gebied van klimaat, alseconomie als de leefomgeving) en behoud van de license to operate vaneen bedrijf. Het verduurzamen en schoner maken van de industrie isimmers een investering in het maatschappelijk draagvlak voor dezeondernemingen. Zij zijn, en blijven van groot belang voor de strategischepositie van Nederland, voor onze economie en voor onze welvaart.In het geval van Dow bleek na uitgebreid juridisch onderzoek van deEuropese en Nederlandse stikstofregels dat de vergunningverlening voorhet voorgestelde project voor de verschillende partijen te grote risico’shad om tot afspraken te komen. Zoals eerder aan de Kamer is gemeld,bleek het niet mogelijk om binnen de wettelijke kaders tot een vertrou-wenwekkend perspectief te komen.15 Net als op andere beleidsmatigepunten die uit maatwerktrajecten komen, wordt de casuïstiek vanbedrijven wel benut om beleid te vormen, zoals bijvoorbeeld bij devormgeving van de raffinageroute in het Pakket voor Groene Groei.16 Demaatwerkaanpak bevordert zo ook de interdepartementale samenwerkingen beleidsvorming op het gebied van de industrie.Adviescommissie Maatwerkafspraken Verduurzaming IndustrieDe Adviescommissie Maatwerkafspraken Verduurzaming Industrie (AMVI)is per 21 februari 2023 ingesteld. Carolien Gehrels (voorzitter) en TonBüchner (lid) hebben aangegeven niet beschikbaar te zijn voor een tweedeherbenoeming. Zij hebben de afgelopen twee jaar een waardevollebijdrage geleverd aan het functioneren van de AMVI en aan gedegenadvisering. Het kabinet is blij dat Ineke Dezentjé-Hamming Blueminkbereid is gevonden het voorzitterschap van de AMVI op zich te nemen.Gerard van Harten zal tevens toetreden als lid van de AMVI. Tanja Cuppen,Pieter Boot en Laurens de Vries hebben te kennen gegeven dat zijbeschikbaar zijn voor herbenoeming als lid van de AMVI. Els de Grootheeft de afgelopen twee jaar als gewaardeerd expert van de AMVIgefungeerd. Zij wordt in de nieuwe periode als lid toegevoegd aan deAMVI. Het kabinet is hen dankbaar dat zij voor een nieuwe periodebeschikbaar zijn en de continuïteit en kwaliteit van de AMVI is geborgd.De nieuwe benoemingsperiode loopt tot 21 mei 2027.17VooruitblikDe komende tijd wordt de aandacht binnen de maatwerkaanpak primairgericht op de bedrijven waar concreet reductiepotentieel is in 2030.Nobian is bezig om de gemaakte afspraken uit te voeren. Bij Yara wordenmet maatwerksubsidie momenteel projecten gerealiseerd.18 Met TataSteel Nederland wordt intensief onderhandeld en zijn ook de gesprekkenmet de Europese Commissie opgestart. Met Coöperatie Koninklijke Cosunis maandag 23 juni jl. een JLoI ondertekend.19 Voor de concept JLoI metAnQore is recent een adviesaanvraag ingediend bij de AMVI. De plannen15Kamerstuk 2024/25, Z06432.16Kamerstuk 2024/2025, 33 043, nr. 114.17Staatscourant 2025, 20039 | Overheid.nl > Officiële bekendmakingen.18Kamerstuk 2024/2025, 29 826, nr. 214.19Kamerstuk 2024/2025, 29 826, nr. 259.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2606 van Alco Energy Rotterdam, OCI en Zeeland Refinery zijn dermateconcreet, dat we de komende tijd, binnen de bestaande financiële enjuridische kaders van de huidige fase, toewerken naar een concept JLoI.Met de AVI’s AEB en AVR worden gesprekken gevoerd over of en hoemaatwerkafspraken deze bedrijven kunnen helpen verduurzamen.Daarnaast wil het kabinet het investeringsklimaat blijven verbeteren, zodatmeer bedrijven – zowel in de basisindustrie als daarbuiten – blijveninvesteren en verder verduurzamen in Nederland. Ook in Europeesperspectief zullen mede naar aanleiding van het Draghi-rapport en in hetlicht van de Clean Industrial Deal (CID), verdere stappen genomen wordenom de-industrialisatie te voorkomen.20 In het kader van hun verduur-zaming moeten bedrijven gestimuleerd en ondersteund worden bij devernieuwing van processen en installaties. Dit ziet onder meer op deverbetering van capaciteit, arbeidsproductiviteit en de vermindering vanmilieu-impact. Het kabinet zet zich ervoor in dat de energie-intensieveindustrie competitief kan werken, klimaatneutraal wordt en dat tegelij-kertijd de impact op de leefomgeving wordt verbeterd. Op dit moment isdat niet altijd het geval.Naast het op orde brengen van randvoorwaarden is ook de faciliterenderol van de overheid belangrijk. De ervaring van de afgelopen tijd in demaatwerkaanpak leert dat het zeer waardevol is als de overheid actiefmeedenkt met de bedrijven over de vormgeving van hun investeringspro-jecten. Voor de overheid is de diepgaande kennis van casuïstiek en deintensieve samenwerking met de provincies en omgevingsdienstenbovendien van grote betekenis voor het vormgeven van industriebeleiden beleidsinstrumenten. De komende tijd zullen naar verwachtingprojecten naar boven komen bij die bedrijven, waarmee nu niet verderwordt gegaan binnen de huidige werkwijze van de maatwerkaanpak. Dezeprojecten zullen niet gericht zijn op CO2-reductie in 2030, maar veel meerpassen in een pad naar net-zero.Als deze projecten voldoende concreet zijn en tegelijkertijd een hoge matevan complexiteit kennen zal het kabinet de werkwijze van intensieveindividuele begeleiding uit de maatwerkaanpak voor deze projecten,gezien de positieve ervaringen tot nu toe, voortzetten. De ervaring leertnamelijk dat dit type projecten vrijwel altijd in enige vorm ondersteuningnodig heeft van het kabinet, waarbij ondersteuning veel meer kanbetekenen dan alleen in een financiële vorm. Commitment enconcreetheid vanuit de bedrijven blijft hierbij essentieel. Voor financiëleondersteuning van dit type individuele projecten zal de inzet en verdereontwikkeling van de generieke instrumenten nog belangrijker worden. Bijde inzet van de middelen van het Klimaatfonds voor de industrie wordthier ook op ingespeeld, zoals via de SDE++, DEI+ en de VEKI.21Tot slotDe verduurzaming van de industrie moet onverminderd doorgaan, maarbevindt zich in een lastige fase. Dit kabinet blijft zich inzetten voor eenduurzame industrie, want het is cruciaal dat Nederland ook op de langeretermijn een goede vestigingsplaats blijft voor de energie-intensieveindustrie en zo ook een grote bijdrage kan leveren aan de wereldwijdeklimaatopgave. De Kamer ontvangt in de tweede helft van dit jaar nog eenbrief waarin het kabinet ingaat op het toekomst-perspectief voor deNederlandse industrie, in lijn met de motie van het lid Kostic c.s.22 Met de20Kamerstuk 2024/2025, 21 501-30, nr. 621.21Kamerstuk 2024/2025, 33 043, nr. 114.22Kamerstuk 2024/2025, 29 826, nr. 2050.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2607 maatwerkaanpak kunnen de klimaat- en leefomgevingsopgaven heelgericht opgepakt worden. Het kabinet richt zich nu vooral op de meestkansrijke lopende maatwerktrajecten. Daarnaast komen we echter steedsmeer in een volgende fase van de maatwerkaanpak. Hierbij ligt de focusop begeleiding op weg naar net-zero. Het kabinet wil de deur openhouden en in gesprek blijven met bedrijven, omdat verdere investeringenen verduurzaming door onze industrie in Nederland essentieel blijft.De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.Th.M. HermansDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.A. AartsenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 826, nr. 2608
Gerelateerde bronnen
- De Kamer wordt geïnformeerd naar aanleiding van de vraag van het lid Boutkan over de ontwikkelingen van de Nederlandse industrie ten opzichte van het buitenland
De Kamer wordt geïnformeerd naar aanleiding van de vraag van het lid Boutkan over de ontwikkelingen van de Nederlandse industrie ten opzichte van het buitenland in relatie tot wens om meer zelfvoorzienend te zijn. De staatssecretaris zal ook ingaan op de vraag hoe dit te rijmen is met de voorziene a
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.