statement · 4 sep 2024 · Tweede Kamer
Landelijk Rapport Lokale Educatieve Agenda voor- en vroegschoolse educatie (31293, nr. 735)
Brontekst
Staatssecretaris Paul: Voorzitter, dank u wel. Ik begin met de appreciatie van de moties. De motie op stuk nr. 744 van de heer Soepboer kan ik oordeel Kamer geven. Ik kan mij namelijk volledig vinden in het doel van die motie. Ik wil de regelgeving zo aanpassen dat duidelijk is dat gemeenten en scholen verplicht zijn om structureel te werken aan het bereiken van vooraf gemaakte afspraken en doelen ten aanzien van de voorschoolse educatie. Ik wil daar het volgende bij zeggen. Er zijn een paar keer getallen aangehaald. Die gaven inderdaad niet een heel rooskleurig beeld. Maar ter nuancering daarvan wil ik ook noemen dat de verplichting van dat overleg vorig jaar is ingegaan. In de voorlopige resultaten sinds vorig jaar die we hebben, zien we dat er een stijgende lijn is. Dat stemt me in ieder geval hoopvol, maar alles wat we kunnen doen om het verder aan te jagen, zullen we doen. Oordeel Kamer dus. Dan de motie van de VVD, op stuk nr. 745, van de heer Kisteman. Die kan ik ook oordeel Kamer geven. Gemeenten zijn verplicht om jaarlijks overleg te voeren over de Lokale Educatieve Agenda. Om ervoor te zorgen dat alle gemeenten dit echt gaan doen, zijn stimulans en extra ondersteuning nodig. Onder andere door middel van een aantal wetswijzigingen ga ik gemeenten dus beter in staat stellen om hun wettelijke taken te verrichten. Ik zal de Kamer hier nader over informeren via een brief, die u vóór de begrotingsbehandeling ontvangt. Voorzitter. Dan zou ik willen ingaan op de vragen van mevrouw Maatoug, die mij allervriendelijkst "minister" noemde, maar u zult het moeten stellen met de staatssecretaris, overigens met evenveel passie en toewijding op dit onderwerp. Mocht er twijfel over zijn, dan zou ik die weg willen nemen. Voor mij zijn de voorschoolse educatie en de samenwerking met alle relevante partijen, of dat nou het ministerie van SZW of een lokale partij is, essentieel. Dat blijf ik doen. Ik vind het heel belangrijk om daarbij vanuit mijn rol de verantwoordelijkheid te nemen voor voorschoolse educatie, maar ook heel goed te kijken naar de lokale context en de gemeenten de ruimte te geven om te doen wat lokaal nodig is. Ik heb hierover heel geregeld overleg, ook met veel wethouders. Er viel mij iets op in die gesprekken. Ook voor mij is het de vraag waarom er op sommige plekken niet meer en volwaardiger gebruikgemaakt wordt van de vve. Mevrouw Maatoug haalde het punt van geld aan. De realiteit is dat het op heel veel plekken niet te maken heeft met geld, maar dat er andere redenen zijn waarom ouders hun kinderen niet naar de vve sturen. Ik sprak daarover met de onderwijswethouder van onder andere Rotterdam, waar maatregelen zijn genomen om de vve voor bepaalde groepen gratis te maken. Zelfs dan zijn er ouders die hun kinderen daar niet naartoe sturen. Dat heeft te maken met wantrouwen jegens de overheid en met culturele en soms ook religieuze achtergronden. Ik zie het als mijn taak om samen met de medeoverheden, met de onderwijswethouders en anderen, te werken aan het wegnemen van dat soort barrières. Ik wil ervoor zorgen dat ouders met kinderen die echt gebaat zijn bij de vve, omdat die ervoor zorgt dat ze zonder achterstanden kunnen beginnen aan hun schoolcarrière, om het zo maar te noemen, hun kinderen daarnaartoe sturen. Daar is mij heel veel aan gelegen, omdat ik elk kind de kans gun om volop mee te doen op school en omdat ik het leraren gun dat ze hun aandacht kunnen verdelen over alle kinderen en niet een aantal kinderen heel veel aandacht moeten geven, waardoor andere kinderen die tekortkomen. Mevrouw Maatoug mag dus van mij aannemen dat ik alles doe wat nodig is om de samenwerking nog beter te laten verlopen, samen met de collega's van andere ministeries en de lokale overheden. Tot slot zou ik nog een opmerking willen maken over de vragen. Ik heb de vragen naar eer en geweten beantwoord. Soms zijn we het in dit huis niet helemaal met elkaar eens. Dat kan. Het staat iedereen in dit huis vrij om aanvullende vragen te stellen of er bij een andere gelegenheid verder over in debat te gaan, maar ik heb oprecht mijn best gedaan, samen met mijn collega's op het ministerie, om de vragen zo goed mogelijk te beantwoorden.
Versie f04e89a421f319a2d23ae590ad28127e846e0dc42c6591c2697c7308075eda4e · Officiële bron.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.