statement · 11 sep 2025 · Tweede Kamer
Maatschappelijk domein (inclusief huiselijk geweld, kindermishandeling en geweld in afhankelijkheidsrelaties)
Brontekst
Staatssecretaris Pouw-Verweij: Mevrouw Westerveld vroeg mij naar het versnipperde systeem. Ze haalde daar een aantal voorbeelden bij aan over de thuiszittersproblematiek, hoeveel kinderen er thuiszitten, problemen met leerlingenvervoer en alle verschillende partijen die naar elkaar wijzen. Dat is inderdaad heel zorgelijk en vraagt om verbetering. We werken daar hard aan. Mijn collega Tielen heeft in een commissiedebat over jeugdbeleid met u hierover gesproken. Via de Hervormingsagenda Jeugd, maar ook met het programma Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming werken we aan een integrale ondersteuning van gezinnen en kinderen. Maar dat vraagt heel veel en heeft daarom ook een lange adem. Daarnaast is de realiteit dat we dit doen in een decentraal stelsel, waarbij de gemeenten de verantwoordelijkheid dragen voor de Jeugdwet en Wmo. Zij kunnen daardoor maatwerk leveren. Maar goed, dat kan inderdaad ook tot grote verschillen leiden. Vanuit het Rijk ondersteunen wij dat met de benodigde acties, in afstemming met de andere departementen, VNG en organisaties zoals Veilig Thuis. Dan een vraag die meerdere keren terugkwam, over de aparte strafbaarheidstelling van psychisch geweld. In overleg met mijn collega, de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid kan ik bevestigen dat er verwacht wordt dat dit wetsvoorstel voor de zomer van 2026 in consultatie zal gaan. Ik verwijs u naar de met uw Kamer gedeelde contouren van dit wetsvoorstel voor de afzonderlijke strafbaarstelling van psychisch geweld — die zit als bijlage bij de brief van 10 juli jongstleden — evenals naar de beantwoording van de schriftelijke vragen over de uitvoering van het plan van aanpak omtrent femicide die de Kamer gisteren ontvangen heeft. Dan was er een vraag over de pilot voor het vroegtijdiger inzetten van een tijdelijk huisverbod. Deze pilots zijn we op dit moment met gemeenten aan het voorbereiden. De planning is dat die in januari 2026 van start kunnen gaan. Dan de vraag van de heer Krul over het onderzoek naar niet-fatale wurgingen. Het ministerie van Justitie en Veiligheid financiert deze pilot met het LOEF voor beter forensisch-medisch onderzoek. Daarnaast is er een pilot van Forensisch Artsen Rotterdam Rijnmond en GGD Amsterdam, waarin gewerkt wordt aan verbetering van de samenwerking bij signalen van niet-fatale wurging. Daarnaast is er de afgelopen jaren hard gewerkt aan betere randvoorwaarden voor informatiedeling voor de gehele aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Er is veel geïnvesteerd in de samenwerking tussen Veilig Thuis, politie, Raad voor de Kinderbescherming, reclassering en het OM, ook wel bekend onder de noemer Veiligheid Voorop. Hierin is informatie-uitwisseling een heel belangrijk onderdeel. Het heeft geleid tot betere samenwerking, zoals het actieoverleg Samen op in acuut, waarbij politie en Veilig Thuis samen op een melding afgaan. Maar er zijn ook ontwikkelingen als Veilig Thuis op ZSM, om bij de afdoening van zaken direct mee te kunnen kijken op huiselijk geweld. De grondslagen voor deze samenwerking zijn vorig jaar ook wettelijk verankerd in de Verzamelwet gegevensverwerking VWS I. Dan vraagt de heer Krul of de focus niet meer moet liggen op maatregelen tegen de dader in plaats van op het slachtoffer. Daar ben ik het absoluut mee eens. Nu is het heel vaak het slachtoffer dat geconfronteerd wordt met de nadelige gevolgen. Waar dat kan proberen we dat te realiseren, zoals bij de inzet van een tijdelijk huisverbod. Maar de ingewikkeldheid aan de andere kant is ook dat vrouwen weliswaar noodgedwongen, voor hun eigen veiligheid, vaak vrijwillig kiezen voor een opvangplek. Als een pleger — vooral wanneer het gaat om een pleger van intieme terreur — zelf geen probleem ervaart, zal hij ook niet vrijwillig ergens anders gaan verblijven. Zelfs wanneer dat bijvoorbeeld door de inzet van een tijdelijk huisverbod wel wordt afgedwongen, zal dat vaak niet zorgen voor veiligheid van het slachtoffer. Dat is heel oneerlijk. Maar op dit moment zijn de beste mogelijkheden om zo veel mogelijk veiligheid zo snel mogelijk te creëren toch het onderbrengen van het slachtoffer op een veilige plek. Het is heel belangrijk dat we blijven kijken wat hierin verbeterd kan worden, maar ik heb op dit moment geen directe oplossing voor dat probleem voorhanden. Dan de vraag van de heer El Abassi over één voordeur voor kindermisbruik. Dan komen we eigenlijk ook een beetje terug bij het vorige punt. Op dit moment zie ik niet de noodzaak van het creëren van een nieuwe voordeur. Veilig Thuis is hét adres om advies in te winnen en melding te doen over kindermisbruik en onveiligheid. Professionals mogen ook informatie met Veilig Thuis delen. Zij zijn bevoegd om deze informatie vanuit verschillende hoeken te bundelen om een goed beeld te krijgen van de situatie. Ze hebben zo een radarfunctie en kunnen hier ook op handelen. Veilig Thuis, politie, het Centrum Seksueel Geweld en Jeugdbescherming hebben onderling afspraken met elkaar over hoe zij samenwerken, zodat hulp en bescherming op elkaar zijn afgestemd en leiden tot duurzame veiligheid. Voorzitter. Dat was alweer het kopje huiselijk geweld. Dan komen we aan bij het kopje femicide. Wellicht dat we dat zelfs nog voor de schorsing kunnen behandelen. Om te beginnen de vraag van mevrouw Van der Werf over de aannames. Zij vroeg of ik die herken en zei dat we daarvanaf moeten. Dat herken ik zeker. Daarom hebben deze aannames, over sociale status, dat er altijd blauwe plekken te zien moeten zijn et cetera, in het plan van aanpak Stop femicide! nadrukkelijk geen plek. Dat ben ik dus absoluut met haar eens. Dan de vraag hoe het staat met de uitvoering van de motie over Clare's Law. Het ministerie van Justitie en Veiligheid financiert een eerste juridische verkenning, die op initiatief van de Open Universiteit samen met de gemeente Rotterdam, de politie en Filomena Rotterdam op korte termijn wordt uitgevoerd, mede naar aanleiding van een recent werkbezoek door een aantal van deze partijen aan het Verenigd Koninkrijk. De resultaten van deze verkenning zijn naar verwachting in januari 2026 gereed. In het kader van snelheid is ervoor gekozen om geen separaat onderzoek te starten, maar aan te haken bij dit lokale initiatief.
Versie 5702038f82b8756029d9338619d758b1e792cab1003791f1eec3d0e1da673d7b · Voorlopig verslag; de tekst kan nog wijzigen.
Gerelateerde bronnen
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.