Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–2026Vragen gesteld door de leden der Kamer 2026Z10557Vragen van de leden Boelsma-Hoekstra (CDA) en Vellinga-Beemsterboer(D66) aan de Minister van Infrastructuur en Waterstaat over aanhoudendezorgen over buitenproportionele eisen voor de vrijwillige scheepsvaart(ingezonden 21 mei 2026).Vraag 1Bent u bekend met het bericht «Rondvaartbedrijf Amersfoortse grachten wiluitzondering op Europees schippersdiploma»?1Vraag 2Hoe reflecteert u op signalen dat vrijwilligers bij vele organisaties enstichtingen vrezen dat zij hun activiteiten in de toekomst niet kunnenvoortzetten vanwege de aangescherpte kwalificatie-eisen? Kunt u aangevenvan welke organisaties zorgen hierover bij u bekend zijn?Vraag 3Kunt u reflecteren op de kosten die gepaard gaan met de aangescherptekwalificatie-eisen, specifiek de scholingskosten en de tweejaarlijkse medischekeuring? Acht u die draagbaar en redelijk voor dergelijke, van vrijwilligersafhankelijke, organisaties?Vraag 4Kunt u toelichten waarom bij de vrijstellingsmogelijkheid voor openrondvaartboten, die met lage snelheden varen in beperkte en afgeslotenvaargebieden, is gekozen voor een certificaat met verzwaarde kwalificatie-eisen, in plaats van een daadwerkelijke vrijstelling waarin voor deze groepvastgehouden wordt aan de bestaande situatie met het klein vaarbewijs?Kunt u hierbij ook reflecteren op de situatie in Amersfoort waar sprake is vaneen beperkt en afgesloten vaargebied met ondiepe wateren, waar met lagesnelheid wordt gevaren en geen ander gemotoriseerd vaarverkeer en geenverkeerstekens aanwezig zijn en de bestuurders over praktijkervaringbeschikken?1Schuttevaer, 15 mei 2026, Rondvaartbedrijf Amersfoortse grachten wil uitzondering opEuropees schippersdiploma | Schuttevaer.nl kv-tk-2026Z10557’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Vragen1 Vraag 5Kunt u toelichten hoe u het begrip afdoende veiligheidsniveau bij deimplementatie van de Richtlijn (EU) 2017/2397 (hierna: de Richtlijn) heeftgeïnterpreteerd?Vraag 6Kunt u bevestigen dat de Richtlijn niet voorschrijft dat uitsluitend eenpraktijkexamen kan bijdragen aan een afdoende veiligheidsniveau, maarruimte laat voor andere vormen van veiligheidsborging? Hoe is deze ruimtedoor Nederland geïnterpreteerd?Vraag 7Kunt u aangeven in hoeverre bij de implementatie van de Richtlijn rekening isgehouden met het proportionaliteitsbeginsel, mede gelet op het feit dat deaangescherpte kwalificatie-eisen met name negatieve gevolgen hebben voorvrijwilligers en kleine stichtingen?Vraag 8Bent u het ermee eens dat artikel 7 van de Richtlijn ruimte laat voor eenfunctionele beoordeling van veiligheid, waarbij niet uitsluitend gekeken hoeftte worden naar de inhoud of zwaarte van een diploma, maar ook naar deaard van de exploitatie en de feitelijke risico’s van de vaart?Vraag 9Kunt u toelichten waarom Nederland ervoor gekozen heeft de uitzonderings-mogelijkheid van artikel 7 van de Richtlijn beperkt toe te passen, terwijl dezebepaling juist bedoeld lijkt om maatwerk mogelijk te maken voor mindercomplexe of lokaal begrensde vormen van binnenvaart?Vraag 10Klopt de constatering dat u, gezien de beantwoording van eerdere Kamervra-gen op dit onderwerp, geen ruimte ziet om tegemoet te komen aan de in deartikelen geschetste zorgen van onder andere de traditionele scheepsvaart-sector – zoals de Berkelse en de Enterse Zompen – en de vrijwillige rond-vaartsector?2, 3Vraag 11Bent u bereid, met inachtneming van de bovengenoemde zorgen, in overlegmet de Commissie te treden over de Nederlandse implementatie van deRichtlijn?Vraag 12Bent u bereid, indien uit overleg met de Commissie blijkt dat een ruimereinterpretatie van de Richtlijn mogelijk is, met een nieuw voorstel voor deimplementatie van de kwalificatie-eisen te komen?2Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2025–2026, nr. 14483Aanhangsel Handelingen II, vergaderjaar 2025–2026, nr. 1836Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Vragen2
Bron, video en gesprek →0debatten
54bijdragen
0interrupties
0woorden in uitspraken
Partijen door de tijd: CDA (2025-11-12–heden) ·