Voorhang van het Besluit aanpassing regelgeving verhuur
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De heer Mooiman (PVV): Dank u wel, voorzitter. U zei het al: we hebben het vandaag over een pakket aan wijzigingen van de Wet betaalbare huur. De wet is in het leven geroepen om huurders te beschermen tegen excessieve huurprijzen en stijgingen daarvan. Voor de invoering van de wet stegen huurprijzen hard en werden bij een bewonerswisseling woningen steeds vaker voor forse en hogere prijzen verhuurd, waardoor ze onbereikbaar werden voor veel mensen. Dat zorgde voor gevallen waarin mensen gedwongen werden om de hoofdprijs te betalen, terwijl de prijs vaak niet in verhouding stond tot de kwaliteit van de woning. De PVV heeft de wet indertijd ook gesteund, omdat we het doel van de wet goed vonden, namelijk buitensporige huren die mensen in de problemen brachten tegengaan. Tegelijkertijd is er de afgelopen jaren veel veranderd op volkshuisvestelijk en fiscaal gebied. Ik noem verschillende wetten die impact hebben op huurders en verhuurders en het verbod op tijdelijke huurcontracten, maar het belangrijkste van allemaal is wel de situatie omtrent box 3, die met name kleine particuliere verhuurders hard raakt. Deze zien zich steeds vaker gedwongen om een tweede woning voor verhuur, die ze in veel gevallen met moeite bij elkaar hebben gespaard, te verkopen omdat verhuur minder rendabel is of soms zelfs geld kost. Dit heeft geleid tot een golf aan verkopen, die in 2025 een nieuw hoogtepunt heeft bereikt. Ruim 42.000 huurwoningen werden individueel verkocht, bijna 14% meer dan een jaar eerder en een verdubbeling ten opzichte van 2022 en 2023. Het gevolg is dat de middenhuursector aan het verdwijnen is. We moeten die cijfers ook serieus nemen. Uit een inventarisatie onder particuliere verhuurders blijkt dat 11% van de verhuurders de Wet betaalbare huur aanwijst als voornaamste oorzaak van de uitpondgolf, terwijl 35% de situatie in box 3 als belangrijkste reden noemt en 51% de combinatie van de Wet betaalbare huur en box 3. Ook dat signaal nemen we serieus.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Ik zal daar straks in mijn betoog nader op ingaan, maar wil dat ook nu alvast doen. Nogmaals, waar ik mijn betoog ook mee begon, is dat het ons was te doen om het doel achter de wet, namelijk het tegengaan van excessieve huurprijzen en stijgingen daarvan. Ik denk ook dat de huidige problematiek waar we nu mee zitten, deel is van een breder pakket aan oorzaken. Ik heb net al even box 3 genoemd, die toch echt met name voor de grote problemen zorgt waar verhuurders nu mee te maken hebben. Maar er zijn natuurlijk ook een aantal andere zaken, zoals de vaste huurcontracten en de manier waarop dat is vormgegeven, met het verbod op tijdelijke contracten. Als we moeten reflecteren, dan wil ik dus ook vooral vooruit gaan kijken, in de zin dat er wijzigingen zijn waar wij, denk ik, steun aan kunnen verlenen, die verdergaan dan alleen dit pakket dat nu voorligt. Daar zal ik straks in mijn bijdrage ook verder op komen.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Als we kijken naar de wet en de gehele situatie daaromtrent, dan zien we natuurlijk dat we in een onwenselijke situatie zitten op het moment dat de middenhuursector dreigt te verdwijnen. Zoals ik al zei, zijn er natuurlijk meerdere oorzaken die daaraan ten grondslag liggen, waarvan de voornaamste oorzaak waarschijnlijk ook niet deze wet is. Ik zal straks verder in mijn betoog komen op hoe we naar dit specifieke pakket kijken en welke elementen daarin we wel en niet kunnen steunen, maar in de tijd van de daadwerkelijke stemming over de Wet betaalbare huur hebben we ook al aangegeven dat we goed zullen blijven kijken naar de effecten ervan en kunnen bijsturen waar dat wenselijk is.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Wat de PVV betreft is het hierbij belangrijk — ik heb dat antwoord net ook gegeven — dat huurders en verhuurders niet tegen elkaar worden opgezet. Onze fractie zal verhuurders geen "louche pandjesbazen" noemen, maar we willen ook huurders niet nog meer laten betalen dan zij al doen. We moeten kijken naar waar de daadwerkelijke oorzaak ligt, en dat is toch met name box 3. Het is immers de overheid zelf die kleine verhuurders dermate zwaar belast dat zij gedwongen worden om een woning te verkopen. Ook ligt er ruimte om regels te versoepelen waar het niet gelijk gaat om het verhogen van de huur. Maar toch kiest het kabinet ervoor om de rekening nu wel voornamelijk bij de huurders neer te leggen. Voorzitter. De PVV heeft zich in een eerder stadium uitgesproken tegen een deel van de wijzigingen zoals die nu worden voorgesteld. Van die lijn wijken we niet af. De voorliggende voorstellen die resulteren in een hogere huur dan nu het geval is, steunen wij dan ook niet. Maar de voorgenomen aanpassingen zoals die nu worden voorgesteld, zullen de uitpondgolf naar verwachting ook maar met circa 6% doen temperen, terwijl de effecten voor veel mensen harder voelbaar zullen zijn. We steunen wel het verlengen van de nieuwbouwopslag, die ons inziens nodig is om de bouw van huurwoningen ook na 2027 mogelijk te maken, evenals het breder beschikbaar stellen van tijdelijke huurcontracten voor studenten. Er zit al een tijd een mismatch tussen wat studenten willen en nodig hebben en wat er mogelijk is. Daarbij geef ik aan, ook richting de VVD, die recent het voorstel heeft gedaan ten aanzien van tijdelijke huurcontracten, dat dat denk ik ook iets is waar we naar kunnen kijken, zolang dat in een goede vorm met voldoende waarborgen wordt vormgegeven. Voorzitter. Net als mijn collega's wil ik de minister ook vragen om haast te maken met de evaluatie van de wet. Daar is eerder ook al toe opgeroepen vanuit meerdere partijen uit de sector. Ik wil de minister vragen hoe zij daarnaast kijkt naar lokale koppen die boven op de Wet betaalbare huur worden toegevoegd. We zien namelijk dat er niet alleen bovenwettelijke eisen zijn waar het gaat om de bouwvoorschriften, waar de minister in het kader van STOER mee bezig is, maar ook op gemeentelijk niveau, met uiteenlopend beleid waarin voorwaarden worden gesteld aan verhuur of woninggebruik. Die kunnen in sommige gevallen ook negatieve effecten met zich meebrengen. De vraag aan de minister is of zij scherp heeft in hoeverre deze gemeentelijke regelgeving impact heeft op het aantal beschikbare huurwoningen en of zij bereid is om strijdige bovenwettelijke lokale bepalingen te inventariseren. Tot zover, voorzitter.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Het zijn goede vragen. Ik deel zeker niet de conclusie dat er nu voldoende wordt gedaan. Dat denk ik niet. Tegelijkertijd is, zoals ik al zei, de verwachting dat het pakket dat nu voorligt slechts 6% van de daadwerkelijke uitpondgolf tempert. We moeten dus ook niet doen alsof het pakket dat nu voorligt, dat ook hele zware neveneffecten heeft, namelijk hogere huren … Alleen al de WOZ-prijsopslag kan leiden tot ongeveer €96 per maand aan extra huur. Dat zijn zwaardere neveneffecten dan de voordelen die deze wijzigingen in het besluit opleveren. Uiteindelijk, en die mening wordt toch wel breed gedeeld als ik zo naar de analyses en inventarisaties kijk, ligt het echte probleem bij box 3. Ik denk dat we ook voor die tijd best met elkaar om tafel kunnen zitten om aan oplossingen te werken. Tegelijkertijd denk ik ook dat er qua regelgeving versoepelingen kunnen plaatsvinden op gemeentelijk niveau dan wel, zoals de collega van de VVD, de heer Nobel, zei, ten aanzien van tijdelijke huurcontracten. De heer Nobel heeft daarover een motie ingediend. Je zou daarover ook kunnen nadenken: hoe zouden we dat op een manier kunnen vormgeven die verlichting biedt, maar tegelijkertijd ook een incentive is om wel een vast contract aan te bieden en waar het echt niet anders kan een tijdelijk contract? Ik denk dat we naar dat soort vormen kunnen kijken en dat zowel huurders als verhuurders daar baat bij kunnen hebben. Die vormen zie ik echter niet terug in dit pakket, en ik reflecteer op dit moment op dit pakket.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Ik ben ook blij dat de heer Nobel aangeeft dat hij inziet dat de wet ook positieve effecten heeft. Zoals ik heb aangegeven, was de reden dat wij uiteindelijk de wet hebben gesteund juist het tegengaan van excessen en het beter borgen van de huurbescherming. Die gedachte ondersteunen wij nog steeds. Tegelijkertijd moeten we, zoals de heer Nobel terecht aangeeft, ook pragmatisme hanteren en kijken waar moet worden bijgestuurd op een manier die recht doet aan iedereen. Wat ons betreft is dat in ieder geval niet met het verhogen van de huren. U stelde voor om iets te doen aan de tijdelijke contracten. Ik hoor u net aangeven: drie tot vijf jaar, geen jaarcontracten waarmee mensen in onzekerheid belanden.
Bron, video en gesprek →De heer Mooiman (PVV): Dan kom ik bij de vraag, voorzitter. Ziet de heer Nobel daar ook ruimte voor een soort incentive? Ik ben aan het nadenken over hoe we dat kunnen vormgeven, maar desnoods een fiscaal voordeel voor de verhuurders die wel een vast contract willen aanbieden, zodat het niet gaat leiden tot een situatie waarin er standaard alleen maar tijdelijke contracten worden aangeboden.
Bron, video en gesprek →