Begrotingsonderdeel Handel
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Maes (VVD): Ik was zeer geïntrigeerd door het verhaal van mevrouw Kröger. Ik vond het ook een heel interessant verhaal, maar tegelijkertijd ben ik een VVD'er, dus kijk ik natuurlijk ook wat meer met een handelsblik naar dit verhaal. Ik zou mevrouw Kröger het volgende willen vragen. U bent best kritisch op handelsverdragen. U heeft keurig uitgelegd wat daarachter steekt. Maar ik kan mij zo voorstellen, een beetje aanhakend bij wat meneer Hoogeveen zei: de landen waarmee wij handelsverdragen sluiten, willen op gelijkwaardige basis met ons worden behandeld. We zien dat er een aantal landen op een andere manier … We kunnen China en de VS noemen, maar ongetwijfeld zijn er ook andere landen. Ik kom tot mijn vraag, hoor. Ik kan mij zo voorstellen dat die landen, als zij naar ons kijken, ook denken: ja, waarden, mensenrechten, klimaat, allemaal belangrijk, maar we willen ook gewoon een goede deal sluiten. Als je op basis van gelijkwaardigheid naar een ontwikkelingsland kijkt, hoe is het dan mogelijk dat u puur kijkt naar de waarden die voor ons zo belangrijk zijn, zoals klimaat en mensenrechten? Maakt het dan wel dat u tot gelijkwaardige handelsverdragen kan komen?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Nee.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Mijn vraag ging ook een beetje over de regeldruk. Ik ben het natuurlijk zeer eens met wat de heer Hoogeveen daarover zei. Ik denk dat dat ook de VVD heel erg aanspreekt. Het is inderdaad fijn dat het ook in het coalitieakkoord staat. Mijn vraag gaat over het volgende. U noemt een aantal voorbeelden die meer binnenlands zijn dan Europees en zegt dat u al best blij bent met de Omnibuspakketten, maar als u de regeldruk zou kunnen verminderen en zelf mocht kiezen, waar zou u dan als eerste de voorkeur aan geven?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Dank u. De WRR schreef in zijn recent verschenen rapport Strategisch handelen dat economische relaties geopolitiek zijn geworden en dat wederzijdse economische afhankelijkheden worden ingezet als machtsmiddel op het internationale toneel. Dat is de omgeving waarin we ons momenteel bewegen en dat geldt zeker voor Nederland handelsland. Voorzitter. Ik ben dan ook heel blij dat we vandaag dit debat met minister Sjoerdsma hebben, want onze welvaart, honderdduizenden banen en een substantieel deel van ons inkomen hebben we te danken aan het internationale succes van onze Nederlandse ondernemers. Het verdienvermogen van Nederland zorgt dat wij kunnen investeren in defensie, in onze economie, in ontwikkelingssamenwerking. Juist in een wereld waarin geo-economie en geopolitiek steeds harder botsen, mogen we niet naïef zijn en moeten we alle middelen die ons ter beschikking staan op de best mogelijke manier inzetten. Tegelijkertijd moeten we onze belangen assertief verdedigen, markten openhouden waar dat kan en beschermen waar dat moet. Ook moeten we kijken waar we onze economische potentie kunnen gebruiken als hefboom. Denk aan ASML. En natuurlijk moeten we het Nederlandse bedrijfsleven laten meeprofiteren van het budget voor ontwikkelingssamenwerking. Laat ik met dat laatste beginnen. Als we het hebben over export- en investeringsbevordering, dan denk ik bijvoorbeeld aan een bedrijf als FrieslandCampina, dat over de hele wereld werkt en in allerlei ontwikkelingslanden bijdraagt aan voedselzekerheid. Bij investeren in ontwikkelingslanden denk ik aan win-winsituaties, bijvoorbeeld aan een bedrijf als Linssen Roses, een rozenteler in Ethiopië. Het komt van oorsprong uit Noord-Limburg, zorgt in Ethiopië voor werkgelegenheid én kweekt zijn bloemen op een duurzame manier. Wat dat laatste betreft, zou de VVD de ondernemers graag meer vertrouwen willen geven. De mvt ademt wat mijn fractie betreft iets te veel wantrouwen, dat dan wordt afgevangen door regels. Wat ik mooi zou vinden is als Nederlandse ondernemers die al werken in ontwikkelingslanden, mensen daar stimuleren om zelf ook te gaan ondernemen. Ik noem bijvoorbeeld een vrouw die bij zo'n Nederlandse bloementeler in Ethiopië werkt en besluit om die bloemen lokaal op de markt te brengen. Daarom vraag ik de minister wat hij doet om lokaal ondernemerschap te stimuleren. Dan China. Nergens wordt de botsing tussen open markten en geopolitieke realiteit zo scherp gevoeld als in de handelsrelatie met China. Er is geen sprake van eerlijke handel tussen Europa en China, door een lage binnenlandse vraag in China, hoge staatssubsidies en een ondergewaardeerde Chinese munt. Dit is allemaal terug te lezen in het WRR-rapport. Het is dus hoog tijd dat er iets gebeurt. De kans dat China met harde maatregelen terugslaat als de EU tarieven invoert, is groot. We zagen vanochtend alweer een bericht, zelfs vooruitlopend op eventuele EU-maatregelen. Maar niks doen is wat mijn fractie betreft geen optie. De VVD denkt aan sectorspecifieke bescherming, bijvoorbeeld voor de chemische industrie, mensen bewustmaken van hun eigen aankopen door de afschaffing van de vrijstelling op kleine zendingen uit China en lokale productie- en inhoudseisen. De Commissie lijkt nu vooral aan dat laatste te denken, oftewel: voorschrijven dat een bepaald percentage van onderdelen of van een product in Europa geproduceerd moet zijn, made in Europe dus. Alleen met dat soort maatregelen kunnen we onze industrie beschermen en dat is hard nodig. Voor de VVD is het essentieel dat het Nederlandse bedrijfsleven baat heeft bij dit soort maatregelen, dus is een slimme aanpak noodzakelijk. Het is duidelijk dat de lidstaten nog hinken op twee gedachten. Diverse regeringsleiders van EU-lidstaten reisden dit jaar naar China. Zij schuwen het veiligstellen van hun nationale belangen niet. Mijn vraag aan de minister is wat hij van plan is te gaan doen om te zorgen dat de belangen van het Nederlandse bedrijfsleven geborgd zijn. De handelsrelatie met China gaat natuurlijk in belangrijke mate over kritieke grondstoffen. In de mvt benadrukt de minister het belang van het afbouwen van economische afhankelijkheden. Tegelijkertijd schrijft hij dat volledig afbouwen niet realistisch is. Een combinatie van diversificatie, innovatie en gerichte investering kan wel. Ik hoor graag van de minister hoe hij dat precies voor zich ziet. Ziet hij ook mogelijkheden die als hefboom kunnen dienen richting China? Ik denk zelf aan innovatie, diversificatie of recycling, maar ik zie dat de resultaten hierop achterblijven. Hoe ziet de minister dat? Wat is er nodig om te versnellen?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik ben nog niet klaar.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Dank voor deze vraag. Ik zei natuurlijk in mijn verhaal: open waar het kan, beschermen waar het moet. Wij zien natuurlijk dat met name bepaalde industrieën in Europa echt heel erg onder druk staan. Sommige hebben de slag met China wellicht zelfs al verloren. Om te voorkomen dat dat bij meer industrieën gebeurt, vinden wij als VVD het belangrijk om te kijken waar we dan toch nog net iets meer handelsbescherming kunnen bieden dan u misschien van ons zou verwachten.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik vind dat een heel interessante suggestie. In het voorjaar zijn er met name bilaterale contacten geweest tussen lidstaten en China. Ik denk dat het heel goed is om dat meer Europeesbreed te doen. Volgens mij is Sefcovic nu ongeveer onderweg naar China voor zijn gesprekken daar. Ik neem aan dat daar tijdens de RBZ Handel over teruggekoppeld zal worden. Nogmaals, wij zijn absoluut voor een open economie, zo open mogelijk. Tegelijkertijd willen wij ook onze eigen industrie beschermen en bedrijven in Nederland die juist wel met China samenwerken de mogelijkheid geven om dat te blijven doen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): In de toelichting op zijn beleidsbrief schreef de minister dat hij bij de Europese Commissie zal aandringen op aanvullende handelsverdragen op het gebied van grondstoffen. Dat is een mooi streven en ook bittere noodzaak voor de Nederlandse en Europese energietransitie, de digitale transitie en de defensie-industrie. Waar ligt de prioriteit van de minister ten aanzien van die aanvullende handelsverdragen? Dan ons nationale exportfinancieringsinstrumentarium. Dat zou wat de VVD betreft beter moeten aansluiten op wat er nodig is om de opschaling van de defensie-industrie te bewerkstelligen. Defensie- en dualusebedrijven met hun drones en slimme materialen vallen nu vaak buiten de innovatiedekking van de exportkredietverzekering, terwijl banken deze risicodekking juist nodig hebben om investeringen mogelijk te maken. Hoe kijkt de minister naar het openstellen van deze regeling voor een breder scala aan defensie- en dualusetechnologieën? Het versnellen van procedures ten behoeve van de export is ook nodig, want in die snelheid zit ook verdienvermogen voor Nederlandse bedrijven en het eerlijke speelveld in Europa. Bedrijven moeten nu te vaak te lang wachten op exportvergunningen. Bij dualusegoederen kunnen de termijnen oplopen tot een halfjaar. Is de minister van plan om daar iets aan te gaan doen, en zo ja, wat dan? Aansluiten bij het Verdrag van Aken kan mogelijk helpen. De Nederlandse dualuse-export was in 2024 goed voor circa 34 miljard; de moeite waard dus. Juist bedrijven die dualusegoederen maken, moeten internationale markten kunnen aanboren om hun productie op te schalen en concurrerend te blijven. Wat de VVD betreft gaan we veel pragmatischer te werk. Bij identieke herhaalleveringen aan reeds getoetste afnemers of bondgenoten zou niet telkens een volledige, maandenlange herbeoordeling moeten plaatsvinden, maar moet worden gewerkt met een versnelde procedure of doorlopende vergunningen. Tot slot de WTO. Ik was verbaasd dat in de mvt stond dat de WTO voor Nederland de kern is van het open en op regels gebaseerde multilaterale handelssysteem. De theorie daarachter snap ik en die steunen we, maar de praktijk is toch echt anders. Het lukt al jaren niet om binnen de WTO overeenstemming te bereiken over heel veel zaken en dus doen landen wat hen goeddunkt. Mijn partij ziet daarom meer in handelsverdragen die de EU sluit met derde landen zoals India, Indonesië en Australië. In die verdragen zouden dan ook de kritieke grondstoffen aan de orde moeten komen. Hoe ziet de minister dat? Ook vraag ik de minister waarom hij tegen beter weten in blijft geloven in het functioneren van de WTO. Voorzitter, afsluitend. Buitenlandse handel vormt de ruggengraat van het Nederlandse verdienvermogen. We hebben altijd ons geld in het buitenland verdiend. Dat heeft ons land enorme welvaart gebracht. Laten we dus de bedrijven ondersteunen en aanmoedigen die een buitenlands avontuur aangaan. Het kabinet heeft daar allerlei instrumenten voor, maar het kabinet moet bedrijven ook de ruimte geven en hen beschermen als dat nodig is. Dat kan met OESO-richtlijnen, WTO-regels en handelsverdragen van de EU, maar ook door sneller exportvergunningen af te geven, zodat het speelveld in Europa in elk geval gelijk is. Ik dank u.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Dank voor deze vraag. Het is goed dat u dat vraagt, want dan kan ik het verhelderen. Dit zijn natuurlijk bedrijven die allang hun weg hebben gevonden. Het gaat erom dat als nieuwe bedrijven een uitstapje willen maken of willen werken in ontwikkelingslanden, je daar ook iets tegenover kunt stellen in de vorm van een of andere steun. De beste steun die je kunt geven is volgens mij toch het verminderen van de regels.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik heb geloof ik nog drie interrupties, maar ik zal kijken of ik die allemaal ga gebruiken. Mijn vraag ging over het volgende. U heeft veel gezegd over AI en digitale afhankelijkheid. Dat is op zich een onderwerp dat mij uit het hart gegrepen is, want ik denk dat dit zeker ook een grote uitdaging voor de toekomst is. Wat ik daarin miste, is aandacht voor economische veiligheid. Hoe kijkt u daarnaar?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Wat ik vooral bedoel, is het volgende. Als je het hebt over digitale afhankelijkheid, denken we misschien aan de AI-race die nu aan de gang is tussen China en de VS. Maar ik denk bijvoorbeeld ook aan routers die voor het grootste deel van Chinese makelij zijn. Ik zie daar absoluut een risico. Volgens mij is dat in het EP ook echt al doorgedrongen. Ik was dus benieuwd hoe het CDA daarnaar kijkt.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik sla een beetje aan op wat de minister zojuist zei over de WTO: als je de regels opgeeft, heb je niks meer om landen aan te houden. Zijn er niet al heel veel landen die zich helemaal niet houden aan de regels van de WTO?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik had nog een andere vraag, over de dualusegoederen. U zei: dat gaat behoorlijk goed. Ik ben het met u eens dat het ook een waarborg is, een hele belangrijke waarborg zelfs, om te voorkomen dat er dingen worden geëxporteerd die in verkeerde handen komen. Tegelijkertijd hoor ik van bedrijven dat het soms zes maanden of langer duurt voordat zij een vergunning krijgen. Dat vind ik dan weer niet behoorlijk goed. Hoe moet ik "behoorlijk goed" duiden?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik heb nog een vraag over de kritieke grondstoffen. Dat is natuurlijk bij uitstek een onderwerp waarbij wij als Europa onze afhankelijkheden zouden willen afbouwen. Daar werd ook door de heer Lohman wat over gezegd in zijn inbreng. We zien dat verwerking van kritieke grondstoffen niet in Europa plaatsvindt. U zei dat al in uw eerste verhaal. Ziet u mogelijkheden om te zorgen dat dat op termijn wel in Europa gaat plaatsvinden? Dat hoeft niet per se in Nederland te zijn. Dat zou ons natuurlijk ook minder afhankelijk maken van Azië.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Ik had natuurlijk een vraag gesteld aan de minister over lokaal ondernemerschap. Ik kreeg daar een antwoord op, maar ik vroeg of dat nou echt een antwoord op mijn vraag was. Het lokale ondernemerschap dat ik wil stimuleren, gaat namelijk over lokaal ondernemerschap in ontwikkelingslanden. Ik kreeg even het idee dat de minister iets anders bedoelde. Kunt u dat ophelderen?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Dank, voorzitter. Dank aan de minister voor het beantwoorden van alle vragen. Ik denk dat het inderdaad een goed debat was. Fijn dat we dit hebben kunnen doen. Ik heb twee moties.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Dank u.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Maes (VVD): Veel dank voor deze tegemoetkoming. Er kan natuurlijk ook altijd een vertrouwelijke Kamerbrief worden gestuurd. Ik denk dat dat een mooie middenweg zou zijn.
Bron, video en gesprek →