KamerkringInloggen
Henk-Jan Oosterhuis

Officieel Kamerprofiel

Henk-Jan Oosterhuis

D66 →
29debatten
608bijdragen
284interrupties
55.947woorden in uitspraken

Uitspraken in het geselecteerde debat

Open het volledige debat en de tijdlijn →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): De heer Stultiens heeft het een aantal keren over 7,8 miljard. Dat is natuurlijk een lekker groot bedrag en een mooi frame. Erkent hij dat 5,1 miljard van die 7,8 miljard puur een kwestie van vestzak-broekzak is door een lagere zorgpremie?

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): We gaan hier een paar weken het debat voeren over het Belastingplan. Ik denk dat het goed is om dat op basis van feiten te doen. Voor mij is het een feit dat de systematiek die hier al twintig jaar wordt gehanteerd wat betreft de samenhang tussen de zorgpremies en de inkomstenbelasting, puur een kwestie van vestzak-broekzak is. Dit is geen belastingverhoging. Er staat eenzelfde bedrag aan lastenverlaging volgens dezelfde inkomensverdeling tegenover. Ik ben van harte bereid om het debat over de vrijheidsbijdrage te voeren. Ik snap dat de heer Stultiens er misschien anders in zit dan een groot deel van de rest van de Kamer, maar laten we de verschillen niet onnodig groot maken. Dat zou mijn oproep zijn aan de heer Stultiens.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): We moeten hier niet de discussie over het eigen risico opnieuw gaan voeren. Het is een feit dat dat nu niet wordt verlaagd. Dat zorgt er inderdaad voor dat mensen meer eigen risico betalen. Het betekent ook dat de €440 aan zorgpremie, die bij het kabinet-Schoof door zou gaan, nu niet doorgaat. Volgens mij is het nog steeds heel legitiem om dezelfde systematiek te hanteren, de 5,1 miljard in de inkomstenbelasting terecht te laten komen en het in die volgorde te doen. Ik zou het debat graag beperken tot de vrijheidsbijdrage. Dan hebben we volgens mij genoeg om over te discussiëren.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Dank, voorzitter. Voor ik begin, wil ik natuurlijk ook graag van de gelegenheid gebruikmaken om collega Grinwis van harte te feliciteren. Want was is er nou mooier dan om je verjaardag te vieren en het uitgebreid te hebben over het Belastingplan? We gaan het uitgebreid vieren. Voorzitter. Laten we ook eerlijk zijn: ik denk dat niemand per se heel blij is met dit Belastingplan. Zonder te weten dat de heer Grinwis vandaag jarig was, kreeg ik dit weekend opeens de gedachte dat het me wel een beetje doet denken aan een kringverjaardag. Ik zal maar niet zeggen van wie het was; dat was niet de heer Grinwis. U snapt dat gevoel vast wel een beetje. Daar heb je niet echt zin in. Iedereen zit dan bij elkaar en heeft een mening. De ene oom vindt de belastingen veel te hoog en een broer vertelt trots hoe hij dankzij slimme constructies nauwelijks belasting betaalt over zijn rendementen. Er is ook altijd wel een neef die vindt dat die rijke broer juist veel meer belasting moet betalen. Voordat de eerste schaal met kaas en worst rondgaat, natuurlijk met een Nederlands vlaggetje erop, is de discussie al losgebarsten. Toch is zo'n kringverjaardag ergens ook wel weer mooi. Want hoe verschillend je er ook in staat: je moet het ook met elkaar doen. Hier vandaag moet dat niet omdat we het over alles eens zijn, maar omdat Nederland voor grote investeringen staat en we samen verantwoordelijkheid moeten nemen voor die rekening. Uiteindelijk is mijn ervaring ook: als je in die kring zit, wordt het vaak ook nog best wel gezellig. Voorzitter. Zelf zou ik, zeg ik heel eerlijk, liever een wat groter feest vieren over dit Belastingplan, maar ik realiseer me ook wel dat dat grote feest er nu nog niet in zit. Voor ik concreet inga op dit Belastingplan, wil ik toch wel aanstippen waar wat mij betreft de komende jaren echt aan gewerkt moet worden. Ons belastingstelsel is echt toe aan een grondige hervorming. De inkomstenbelasting moet, samen met de toeslagen, veel eenvoudiger, zodat mensen weer makkelijker weten waar ze recht op hebben. Het is nu ondoorgrondelijk hoeveel een uur extra werken loont, en terugvorderingen brengen mensen in de betalingsproblemen. Ook wordt er nog steeds aan heffingskortingen gedraaid als koopkrachtknop. Ik hoop dat dat anders kan in de toekomst. Er zijn ook nog veel belastingvoordelen waarvan bekend is dat ze hun doel niet dienen.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ja. Het kabinet heeft in de schriftelijke beantwoording natuurlijk ook iets gezegd over de technische invulling. Dat is juist wat we hier met elkaar gaan bespreken. Ik denk dat het ook belangrijk is dat het kabinet goed naar de inbreng van de oppositie gaat luisteren. Er is volgens mij ook ruimte om daar dan met elkaar over te praten.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik kijk inderdaad welwillend naar alle constructieve voorstellen die er vanuit de Kamer worden gedaan. Ik denk ook dat we hier een cultuur moeten willen hebben waarin we welwillend kijken naar elkaars voorstellen, en zeker in de constructie waarin we nu werken met elkaar.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik vind dit wel een terechte vraag van de heer Grinwis, want het kabinet werkt natuurlijk op basis van een coalitieakkoord dat we met drie fracties hebben gesloten. Inmiddels is dat coalitieakkoord alweer een aantal keren aanzienlijk aangepast, overigens ook weer met steun van de coalitiefracties. Wat dat betreft is er ook vanuit de coalitiefracties, misschien niet altijd in de openbaarheid, wel degelijk de wil om te luisteren en aanpassingen te doen. De komende weken zullen we daar enerzijds op die manier en anderzijds ook via amendementen die in de Kamer worden ingediend het gesprek met elkaar over voeren. Ik zal daar ook vanuit de Kamer mijn oordeel over vellen, overigens wel altijd in samenhang met wat dat voor de samenwerking in de coalitie betekent.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Dank, voorzitter. Er zijn ook veel belastingvoordelen waarvan bekend is dat ze hun doel niet dienen. Wat mij betreft zijn dat misgelopen belastinginkomsten, die beter besteed kunnen worden in onze economie of ergens anders tot lagere lasten kunnen leiden. Gelukkig maakt dit Belastingplan al wel een einde aan een aantal ondoelmatige fiscale regelingen, maar nog steeds blijven er veel over, van hypotheekrenteaftrek tot landbouwvrijstelling, of van de doorschuifregeling tot de willekeurige afschrijving voor zeeschepen. Er zijn ook nog veel mogelijkheden om een belastingstelsel te bouwen dat bijdraagt aan de economie van morgen, door vergroening te stimuleren en fossiele subsidies af te bouwen, vooral in internationaal verband, en door innovatie en investeringen aan te moedigen. Voorzitter. Het is geen geheim dat de relatief hoge lasten op arbeid tegen relatief lage lasten op kapitaal economische dynamiek tegenwerken, want als bezit aantrekkelijker is dan werk groeit het verschil tussen mensen die vermogen hebben en mensen die ervan afhankelijk zijn. Wie een koopwoning bezit, bouwt vaak vanzelf vermogen op en wie huurt heeft die kansen veel minder. Steeds belangrijker is ook de vraag of je ouders een koophuis of een huurhuis hebben. De komende tien jaar wordt 240 miljard euro aan erfenissen nagelaten, waarvan de helft terechtkomt bij de rijkste 10%. Dit geheel zet de kansengelijkheid onder druk en belemmert het benutten van talent en brede welvaart. Op al deze vraagstukken zullen we de komende jaren een antwoord moeten vinden. Daarmee kom ik op dit Belastingplan.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Hoe eerder, hoe beter. We zien het natuurlijk al wel een tijdje aankomen. Ik weet niet of er dit jaar al ruimte is om dat ook daadwerkelijk te doen, maar ik vind het wel echt een gesprek dat we nadrukkelijker met elkaar moeten voeren. We zien natuurlijk wel dat de verschillen groter worden. Ook de erfenissen worden steeds groter. Als we dat niet tijdig adresseren, gaat dat ons de komende decennia wel in de problemen brengen, denk ik.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik weet inderdaad niet of we alle technische oplossingen al hebben, maar ik zie ook nog geen breed draagvlak. Ik kan het hierover met de heer Dassen en de heer Stultiens eens zijn, maar dan houdt het volgens mij wel een klein beetje op hier aan tafel. Misschien dat Grinwis en Beckerman het ook nog steunen, maar heel veel breder is de steun nog niet, geloof ik. Het telt nog niet op tot 76, laat staan meer.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik deel dit met de heer Dassen. Het is natuurlijk ook niet voor niets dat ik het onder de aandacht breng. Ik vind het namelijk belangrijk om dit gesprek met elkaar te voeren. Ook al is de steun er nu nog niet, ik hoop wel dat de steun de komende jaren zal groeien en dat we breder gaan inzien dat dit een probleem wordt.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik weet niet wat het bommetje is waar mevrouw Beckerman op doelt. Volgens mij heeft het kabinet het namelijk juist nog per nota van wijziging toegevoegd om die duidelijkheid zo snel mogelijk te geven. Het komt nu ook in de wet, dus het moet nu volgens mij zo snel mogelijk in werking treden.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Die ATAD-maatregel is een heel concrete maatregel waarmee woningcorporaties de ruimte krijgen om 22.000 extra betaalbare woningen te bouwen. Mevrouw Beckerman doet alsof het niets is, maar dat is natuurlijk wel echt majeur. Het is echt een grote maatregel. Ik vind het verstandig dat het kabinet daar nog wel even voor zorgt en de juridische zekerheid borgt. Ik ga er ook van uit dat de staatssecretaris, als hij over twee weken antwoordt, aangeeft wat daarvan de status is. Wat mij betreft treedt dit zo snel mogelijk in werking, maar we moeten er ook voor zorgen dat het juridisch sound is. Ik ga ervan uit dat het per 1 januari 2028 in werking treedt.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik ben het mevrouw Beckerman eens dat woningcorporaties zo snel mogelijk die zekerheid moeten hebben, dus vraag ik ook aan de staatssecretaris om die zekerheid te geven. Volgens mij vinden we het allemaal belangrijk dat dat kan.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik denk dat het, los van wat er nu in dit Belastingplan staat of van hoe op dit moment de verhoudingen in de Kamer zijn, belangrijk is om ook te zeggen hoe het er eigenlijk uit zou moeten zien, zeker eens in het jaar als we het Belastingplan bespreken. Ik vind ook dat ik dat vanuit mijn eigen visie hier kan doen. Daar heb ik de tijd voor genomen. In hoeverre dat nu gaat leiden tot aanpassingen, is de komende weken ook onderdeel van het politieke gesprek dat nog rond het Belastingplan wordt gevoerd.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nee, helaas heb ik ook geen 76 zetels. We hebben afspraken gemaakt in het coalitieakkoord. Daar hou ik me ook aan vast. In beginsel heeft dit Belastingplan mijn steun en vind ik het wel belangrijk om tegelijkertijd de discussie richting de toekomst te blijven voeren.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, ik denk dat dat net een beetje te gemakkelijk is van de heer Stultiens. Ik vind het echt belangrijk dat we hier werken aan een brede meerderheid. Het gaat echt om grote dingen. Ook zo'n Belastingplan is niet niks, dus laten we toch echt kijken of we dat in een brede samenwerking kunnen doen, ook met de hele coalitie.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik denk dat het proces begint met dat wij hier vandaag in eerste termijn het debat met de Kamer voeren en horen hoe iedereen erin zit. Het proces is natuurlijk eigenlijk ook al veel eerder begonnen, want het kabinet heeft in de augustusbesluitvorming al op 25 punten het coalitieakkoord aangepast en heeft een Miljoenennota ingediend die op heel veel punten al aan bezwaren vanuit de Kamer tegemoet is gekomen. Vorige week is daar nog een brief bij gekomen, waarin de bezuinigingen van de SZW-begroting zijn afgehaald, waarin een richting voor box 3 is gekozen. Dus op die manier past het kabinet steeds de plannen aan om stap voor stap in de buurt van een meerderheid te komen. Ik denk dat dat ook het proces is dat we de komende weken met elkaar doorlopen.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Het liefst had ik natuurlijk gehad dat er al brede steun was en dat we hier nu gezellig Kumbaya zingend rond het kampvuur blij zaten te zijn over hoe we het met elkaar eens waren. Zover is het nog niet, dus ik verwacht dat het kabinet vandaag ook heel goed gaat luisteren. Ik denk ook echt dat het kabinet al grote stappen heeft gezet. Ik zal daar zo meteen zelf nog wat dingen over zeggen, want ik zie echt al forse stappen, ook in de richting van de oppositie. Dan moeten we werkende weg met elkaar kijken hoe we dit doen. Deze werkwijze is uiteindelijk nieuw voor ons allemaal.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Zoals ik al zei: juist als er hapjes en drankjes op tafel komen, wordt het vaak toch nog best gezellig. Dat doe ik dus met plezier.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, ik denk dat dat wel meevalt. Zoals ik al zei: het Belastingplan dat er nu ligt, heeft in principe mijn steun. U zult begrijpen dat ik aanpassingen die aan het Belastingplan gebeuren, natuurlijk het liefste in de richting van mijn programma zie gaan. Tegelijkertijd constateer ik dat daar nog weinig meerderheden voor zijn en dat we het ook in samenwerking met elkaar moeten doen. Het liefst doe ik dat in een brede samenwerking, want ik vind echt dat de opgaven die we hebben zo groot zijn dat we dat in brede samenwerking moeten doen. Ik zal daar zo meteen nog iets meer over zeggen, want ik wil dit Belastingplan niet alleen geïsoleerd bekijken. Het Belastingplan is onderdeel van een Miljoenennota waarin waanzinnig wordt geïnvesteerd, waarin er geld is voor de stikstofcrisis, voor betaalbare energie, voor defensie, en voor onderwijs en innovatie. Ik bekijk het dus graag vanuit het geheel van die afspraken. Dan is het voor mij absoluut in balans.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Volgens mij doelt mevrouw Beckerman hier op de motie-Stultiens die vorige week is aangenomen. Die ging niet over het zwaarder belasten van kapitaal. Ik heb de indruk dat de motie dan weleens geen meerderheid zou hebben gehaald, als ik net een aantal voorstemmers van die motie hoorde. Ik heb niet de indruk dat zij graag kapitaal meer zouden belasten. Waar die motie wel om vroeg, was het niet laten stijgen van de belasting op arbeid met 7,8 miljard. Ik heb net ook al betoogd in een interruptiedebatje met de heer Stultiens: 5,1 miljard van die 7,8 is vestzak-broekzak met de zorgpremie. Dan houden we de vrijheidsbijdrage nog over. Die was 3,4 miljard structureel. Die is al door dit kabinet in de augustusbesluitvorming met ruim 700 miljoen verlaagd. Daar is nog 2,7 miljard van over. Voor komend jaar gaat het zelfs om nog minder. Dat was 1,5 miljard. Dat is nu al met 1,1 miljard verlaagd. Daar is nog 349 miljoen van over. Dat is het voor komend jaar: 349 miljoen lasten op arbeid. Om het even in perspectief te zetten moeten we volgens mij dus wel allemaal even de juiste bedragen gebruiken.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik denk dat mevrouw Beckerman het allemaal iets te makkelijk maakt. Ik denk dat niemand hier aan tafel graag de belastingen op werk gaat laten stijgen. Althans, dat hoop ik. In ieder geval wil ik ook geen rekening doorschuiven naar de toekomst. Dat betekent dus wel dat we het ook met elkaar eens zullen moeten worden over hoe we dat betalen als we die belasting op arbeid niet willen laten stijgen. Komt dat uit vermogen of uit lagere uitgaven? Daar zijn we het met elkaar veel minder hard over eens. Het is hartstikke leuk dat er dus moties worden aangenomen waarin staat: goh, de belasting op arbeid mag niet omhoog. Alleen, zolang we collectief nog geen goed antwoord hebben op hoe het dan wel betaald wordt, is dat ook een beetje gratuit.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Voorzitter. Daarmee kom ik op dit Belastingplan. We moeten niet vergeten dat dit Belastingplan vandaag niet op zichzelf staat. Het hangt samen met de Miljoenennota, waarin enorm geïnvesteerd wordt in onderwijs en innovatie, in defensie en veiligheid, betaalbare woningen, infrastructuur, duurzame energie en een stikstofcrisis die wordt opgelost. De rekening van die investeringen schuiven we niet door. We vragen de overheid de broekriem stevig aan te halen, we remmen de groei van de zorguitgaven en we vragen van alle Nederlanders een vrijheidsbijdrage. Niemand vindt hogere belastingen leuk, maar we kunnen die rekening dus niet doorschuiven. Met het koopkrachtpakket van het kabinet blijft de koopkracht grosso modo op peil. Daar ben ik blij mee. Dat de koopkracht op peil blijft, is ook niet gek, want de belasting stijgt per saldo dus helemaal niet met die bijna 8 miljard die we veel horen. Voor komend jaar is dat een bedrag van 349 miljoen. Daar hebben we het over: 349 miljoen stijging van de inkomstenbelasting op een totaal van 166 miljard. Laten we de verschillen dus ook niet groter maken dan ze zijn. Ik heb nog wel wat vragen over de gekozen vorm. Kan de staatssecretaris toelichten waarom is gekozen voor een verhoging van de arbeidskorting? Past die keuze bij de ambitie om het belastingstelsel eenvoudiger te maken en bij de afspraak om inkomensafhankelijke heffingskortingen af te bouwen? Heeft het kabinet ook alternatieven overwogen, bijvoorbeeld met een aanpassing van tarieven of door de tweede schijf van de inkomstenbelasting wat minder te laten stijgen dan de eerste schijf? Dan zou de verruiming van de aftrekposten, een erfenis van het vorige kabinet, namelijk ook niet doorgaan. Welke variant levert volgens het kabinet de grootste bijdrage aan arbeidsparticipatie, gegeven de marginale druk? Steeds meer mensen hebben namelijk te maken met een marginale druk van boven de 60%, las ik in de schriftelijke antwoorden. Dat baart mij wel zorgen. Voorzitter. Ik zou ook de staatssecretaris willen vragen om nog eens uit te leggen wat de relatie is tussen de stijgende tarieven in box 1, het eigen risico en de zorgpremie. Tegenover die kleine 8 miljard hogere inkomstenbelasting staat dus ook ruim 5 miljard lagere zorgpremies. Mensen kijken natuurlijk niet naar één belastingmaatregel, maar die kijken uiteindelijk naar wat er onder aan de streep overblijft aan het einde van de maand. Kan de staatssecretaris inzichtelijk maken hoe de koopkrachtmaatregelen zich verhouden tot de zorgpremies en het eigen risico, en kan hij bevestigen dat huishoudens hierdoor gemiddeld uiteindelijk minder kwijt zijn? Voorzitter. D66 is blij met de keuze van het kabinet om de ... Ik kijk even naar de voorzitter.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ja, dat klopt, de zorgpremie stijgt, alleen wel veel minder dan het geval zou zijn als het eigen risico zou zijn verlaagd. Dan zou de zorgpremie namelijk met €440 extra gestegen zijn.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): De zorgpremie stijgt dus veel minder dan anders het geval zou zijn. En ja, hier doet zich het vervelende geval voor dat het vorige kabinet al wel het zoet van de belastingverlaging had uitgedeeld, terwijl het zuur van de hogere zorgpremie er nog moest komen. Het is een beetje het lot van ons als financieel woordvoerders dat wij hier altijd met een basispad zitten te werken en daarmee altijd dingen die nog niet gebeurd zijn, maar wel zouden gebeuren, zitten terug te draaien. Dat is hier helaas ook het geval.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Dat klopt inderdaad. Daarmee is het voor mij nog wel steeds een vestzak-broekzakoperatie, omdat dus die hogere zorgpremie niet doorgaat. Daar zit uiteindelijk wel de winst.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nee, dat ben ik niet met de heer Vermeer eens, want juist een verlaging van het eigen risico zorgt in totaal voor hogere zorgkosten. Daardoor zijn we in totaal als samenleving duurder uit als het eigen risico wordt verlaagd.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik weet maar al te goed hoe dit werkt. Ik weet ook heel goed dat dit niet boekhoudkundig is. Mijn vrouw is huisarts en ik zie hoe het ze daar over de schoenen loopt, hoe de wachtlijsten toenemen en hoe dat alleen maar erger zou worden, ook als je het eigen risico zou verlagen. Ik vind dat dus echt een onverstandige maatregel en ik vind het dan ook verstandig dat die is teruggedraaid. We zien nu nog wel even het effect hier in het Belastingplan. Dat is vandaag jammer voor deze discussie, maar ik vind het nog steeds wel heel verstandig beleid.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Volgens mij is het heel praktisch: een lager eigen risico leidt tot langere wachtlijsten en hogere zorgkosten. Dat blijkt uit elk onderzoek dat hiernaar is gedaan. Dat kan helaas ook leiden tot een hogere zorgpremie, waardoor we met z'n allen duurder uit zouden zijn als we dat zouden doen. Dat gaat nu niet door. Dan is er de vestzak-broekzakoperatie die we nu in het Belastingplan zien. Maar onderaan de streep richt ik mij op de 349 miljoen aan vrijheidsbijdrage. Dat bedrag vind ik overzichtelijk.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Voorzitter. Dan kom ik op de woningcorporaties, waar ik net met mevrouw Beckerman al even een interruptiedebatje over heb gehad. Dat onderwerp is nu bij nota van wijziging toegevoegd aan het Belastingplan. De inwerkingtreding is beoogd per 2028, afhankelijk van staatssteungoedkeuring. Maar woningcorporaties hebben nu al wel die duidelijkheid nodig om over enkele jaren de woningen te kunnen bouwen. Kan de staatssecretaris aangeven hoe en wanneer corporaties definitief duidelijkheid krijgen over de aangekondigde ATAD-vrijstelling? Welke zekerheid kan hij in de tussentijd bieden zodat bouwprojecten niet vertragen? Voorzitter …

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ook als je het op een andere manier zou doen, zou dat risico van staatssteun er volgens mij zijn. Ik ben bereid om overal naar te kijken, want ik vind het belangrijk dat er veel meer gebouwd wordt. Ik hoop in de antwoorden van de staatssecretaris ook te horen of dit nou een formaliteit voor de juridische borging is, of een echt risico dat we nog moeten uitsluiten. Hoe meer zekerheid er kan worden gegeven, en hoe eerder die kan worden gegeven, hoe liever we dat volgens mij collectief zouden willen zien.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Mevrouw Beckerman zoekt volgens mij naar een verschil dat er niet is, want we doen volgens mij allebei de oproep aan de staatssecretaris om te zorgen voor zo veel mogelijk zekerheid, zo vroeg mogelijk. Die oproep doe ik hierbij nog een keer, maar volgens mij stellen we hier dezelfde vraag.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Maar wat betreft het budgetrecht: die 450 miljoen staat er gewoon; die staat gewoon in de boeken voor 2028. Dat geld is er dus. Het geld is niet het probleem. Maar ik neem aan dat mevrouw Beckerman ook niet wil dat we straks het geld beschikbaar hebben gesteld, de korting hebben gegeven, maar dat er vervolgens juridische procedures komen en dan blijkt dat het niet mag. Dan heb ik wel liever de zekerheid aan de voorkant. Ik vraag de staatssecretaris om die zekerheid te geven.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik denk dat de staatssecretaris er meer duidelijkheid over kan geven, ook op basis van de vraag welke gesprekken er nu al gevoerd zijn, in hoeverre dit risico er daadwerkelijk is, of dat het meer een formele toets is. Volgens mij is op dit moment het enige gebrek aan zekerheid dat de inwerkingtreding per koninklijk besluit gaat. Hebben wij dus over een maand zo veel zekerheid dat we kunnen zeggen dat dit met zekerheid per 1 januari 2028 kan en dat we dit ook in de wet kunnen zetten? Dat vind ik een interessant gesprek met de staatssecretaris.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, ik vind dat een hele legitieme vraag. Ik sluit dat niet uit, maar ik heb er wel de antwoorden van de staatssecretaris voor nodig om daar voldoende zekerheid over te hebben.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik durf niet te zeggen of dat te voorzichtig is geïnterpreteerd. Ik denk wel dat het zaak is dat het zich voornamelijk op het laagste segment richt, omdat er voor het middenhuursegment natuurlijk ook breder dan bij corporaties aanbod is. Dan komen er natuurlijk ook weer andere budgettaire gevolgen bij kijken.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Voorzitter. Ik heb ook een vraag over de aftrek specifieke zorgkosten. Die regeling is negatief geëvalueerd. Die is erg complex, is moeilijk uitvoerbaar, komt niet terecht bij de juiste mensen en is vatbaar voor niet-gebruik en oneigenlijk gebruik. Tegelijkertijd is er voor deze doelgroep ook nog niet echt een goed alternatief uitgewerkt en blijkt het ook ingewikkeld om dat te doen, want de regering is nog aan het studeren. Dus wanneer volgt er nou duidelijkheid over de invulling van de envelop van 350 miljoen voor chronisch zieken?

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Dat kan ik op dit moment nog niet beoordelen, omdat ik de uitwerking van die envelop nog niet heb gezien. Dat vind ik dus ook ongemakkelijk, zeg ik heel eerlijk tegen de heer Vermeer.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, daar interpreteert de heer Vermeer mijn woorden weer net wat anders dan dat ik ze zei, want ik krijg heel graag duidelijkheid van het kabinet over hoe die envelop wordt ingevuld. Die invulling had er wat mij betreft al moeten zijn, want die 350 miljoen was in eerste instantie voor 2027 beschikbaar. Pas in de augustusbesluitvorming is besloten dat we dit pas vanaf 2028 doen. Maar de regeling had er wat mij betreft in augustus al gewoon moeten zijn. Hierop had ook ik wat meer verwacht van het kabinet, zeg ik tegen de heer Vermeer.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Voorzitter. Dan heb ik een vraag over de youngtimerregeling, want ik wil graag dat ons belastingstelsel de toekomst stimuleert en niet het verleden. Ik ben daarom ook blij met de aangekondigde greentimerregeling, maar ik blijf kritisch kijken naar de youngtimerregeling. Het voorstel is nu om deze te versoberen naar een leeftijd van 20 jaar, maar dan kan nog steeds een oudere diesel aantrekkelijker uitpakken dan een duurzaam alternatief. Is dat nou nog de richting die de overheid wil stimuleren? Welke mogelijkheid is er om de regeling geleidelijk volledig af te bouwen en waarom heeft de staatssecretaris er niet voor gekozen om deze alleen voor bestaande auto's nog open te houden en bijvoorbeeld auto's die na 1 januari 2011 zijn toegelaten niet meer tot de regeling toe te laten? Voorzitter. Nederland verandert. Onze economie draait steeds minder op grondstoffen en fossiele energie en steeds meer op duurzame energie, innovatie en kennis. Het belastingstelsel zou de keuzes die goed zijn voor de economie van de toekomst moeten stimuleren, maar sluiten onze fiscale prikkels daar eigenlijk wel op aan? De vraag is niet óf de wereldeconomie overstapt op duurzame energie, maar de vraag is welke landen daarvan gaan profiteren. De schoonste keuze is uiteindelijk ook de slimste keuze. Dat is nu nog te vaak niet zo. Neem afval. Het kabinet verhoogt de afvalstoffenbelasting en de CO2-heffing voor afvalverbrandingsinstallaties. Ik begrijp die richting, maar als het consumenten niks oplevert om te recyclen en nieuwe grondstoffen voor de productie van verpakkingen goedkoper blijven, dan blijft de prikkel beperkt voor het doel, namelijk de overstap naar een schone en circulaire economie. Welke aanvullende mogelijkheden ziet de regering om hergebruik en recycling daadwerkelijk aantrekkelijker te maken? Ik hoor ook zorgen of de hogere CO2-heffing de deelname van afvalverbranders aan de CO2-opslag via Aramis onder druk zet. Dat heeft ook risico's voor de definitieve totstandkoming van Aramis. Hoe weegt het kabinet dit? Als alternatief zou het kabinet er ook voor kunnen kiezen om de plasticafdracht van 235 miljoen, die we elk jaar aan de Europese Unie doen, door te berekenen aan de plasticindustrie. Welke mogelijkheden ziet het kabinet daarvoor? Voorzitter. Verduurzaming stimuleren gaat verder dan alleen hergebruik en recycling. Het gaat ook om het stimuleren van elektrisch rijden en het aantrekkelijker maken om je woning te isoleren en aardgasvrij te maken. Daarnaast moet de businesscase van elektrificatie rendabel zijn voor bedrijven om te kunnen investeren. Ik denk bijvoorbeeld aan de binnenvaart, waar gasolie nog altijd is vrijgesteld van accijns, terwijl over elektriciteit wel belasting moet worden betaald. Prikkels de goede richting op helpen om de energietransitie te versnellen, waardoor we minder afhankelijk worden van buitenlandse fossiele energie en waardoor we onze klimaatdoelen halen. Welke fiscale maatregelen ziet de staatssecretaris nou zelf als de grootste belemmering voor verduurzaming? Waar is de groene en schone keuze nog niet fiscaal de beste keuze? Welke concrete hervormingen bereidt het kabinet voor richting het voorjaar om te zorgen dat investeringen in verduurzaming renderen? Voorzitter. De technologische innovaties van de toekomst kennen we nog niet, maar volgens het Internationaal Energieagentschap moet een derde van de CO2-reductie na 2030 komen uit technologieën die nu nog niet op commerciële schaal beschikbaar zijn. Innovatie is daarom een randvoorwaarde, ook voor het behalen van de klimaatdoelen, maar ook voor het behoud van onze arbeidsproductiviteit en ons concurrentievermogen. Daarvoor is innovatie van belang. Zonder innovatie komen nieuwe oplossingen simpelweg te laat beschikbaar. Maar beloont ons belastingstelsel vernieuwing voldoende? Voorzitter. Innovatie vergt ondernemers die risico durven te nemen. Het kabinet zet in dit Belastingplan stappen met de fiscale stimulering van start-ups en scale-ups en aanpassingen om de innovatiebox toegankelijk te maken voor het mkb. Beide voorstellen vind ik goede stappen. Wel zie ik in de uitvoeringstoets op de wet voor de start-ups de risico's die er ook bij horen. Wat mij betreft horen die risico's er ook bij als we groei en innovatie willen stimuleren. Dan moeten we risico durven nemen, ook als overheid. Tegelijkertijd zie ik dat de evaluatie pas na zeven jaar plaatsvindt. Dat vind ik wel laat, want het zou toch ook al eerder duidelijk moeten zijn of deze wet er voldoende aan bijdraagt dat start-ups makkelijker talent kunnen aantrekken en behouden? Is de staatssecretaris bereid om deze evaluatie te vervroegen? Ik zou de staatssecretaris ook nog willen uitdagen of hij meer mogelijkheden ziet om innovatie en ondernemen fiscaal te stimuleren. Is ons belastingstelsel niet te veel gericht op het zíjn van ondernemer in plaats van ondernémend te zijn? Is het niet te veel gericht op behoud van vermogen in plaats van het stimuleren van investeren en risico nemen? Welke maatregelen zouden volgens hem het grootste verschil maken voor innovatieve bedrijven? Wat kunnen we doen om meer particulier kapitaal te laten stromen richting ondernemingen die willen groeien? Uiteindelijk ontstaat economische groei niet uit bestaande zekerheden, maar groei ontstaat uit nieuwe ideeën, risico nemen en investeren. Ziet de staatssecretaris richting het volgende Belastingplan mogelijkheden om hier verdere voorstellen voor te doen? Voorzitter. Nederland staat voor grote investeringen: nieuwe woningen, een sterke defensie, een duurzaam energiesysteem en goed onderwijs. Dat vraagt om keuzes. Soms zijn die keuzes niet leuk, zoals hogere belastingen. Aan het begin vergeleek ik het Belastingplan met een kringverjaardag. Ik hoop dat het de komende weken lukt om de kring zo groot mogelijk te maken en dat een ruime meerderheid het plan uiteindelijk zal kunnen steunen. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd. Dank u wel.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik vind het echt belangrijk dat we dit zo breed mogelijk doen. Ik vind het echt een kwestie van politieke cultuur dat we bij grote hervormingen — de bewegingen die worden ingezet, zijn echt groot — moeten streven naar breed draagvlak. Bij een kringverjaardag is het altijd gezelliger als er meer mensen zijn. Dan zijn er ook meer mensen met wie je het eens kunt zijn of niet. Zeg ik op voorhand nee? Nee, natuurlijk niet.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik denk dat het feest altijd doorgaat. Er zal sowieso een Belastingplan moeten komen. We gaan zien wie dat uiteindelijk kunnen steunen. Wat mij betreft is dat het liefst een zo breed mogelijke meerderheid.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik ga er bij elke motie van uit dat die wordt uitgevoerd. Voor de overwinstbelasting krijgen we in Europa helaas de handen nog niet op elkaar. Ten aanzien van de papieren schenkingen wacht ik met smart op de uitwerking van het kabinet. Over de hypotheekrenteaftrek wil ik nog wel een klein ding zeggen. Wat mij betreft is de kwestie daarbij als volgt. De tweede schijf van het belastingstelsel stijgt iets harder dan de eerste schijf. Daardoor stijgen ook de aftrekposten. Dat is een uitwerking van het vorige kabinet. Het komt niet door het beleid van dit kabinet. Mocht het in de hele uitwerking van de technische invulling lukken om ook de 12 procentpunt dit jaar nog uit te werken, dan valt daar wat mij betreft over te praten.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ja, dat vind ik absoluut een zorg. Daar hebben we vorige week in het commissiedebat Belastingdienst uitgebreid met elkaar over gesproken. In het voorjaar heb ik daar moties over ingediend, bijvoorbeeld om het nalevingstekort te verkleinen. Vorige week heb ik aan de staatssecretaris een concreet plan gevraagd voor het invullen van de besparing op de Belastingdienst en ik heb hem gevraagd wat ervoor nodig is om dat op een verantwoorde manier te kunnen doen, bijvoorbeeld ook aan de wetgevingskant. Ik vind dat ook wij een verantwoordelijkheid hebben om de wetgeving zo eenvoudig mogelijk te maken, zodat de Belastingdienst die zo goed mogelijk kan uitvoeren.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ja, ik vind dit belangrijk. Ik ben het met de heer Dassen eens. Ik ken de heer Dassen als een pleitbezorger van de mogelijkheden en ook de bedreigingen van bijvoorbeeld AI en hoe dat ons kan helpen. We zien natuurlijk ook dat de Belastingdienst de afgelopen jaren heel veel capaciteit kwijt is geweest aan hersteloperaties. Die hersteloperaties waren er ook mede als gevolg van niet al te beste wetgeving, zullen we maar zeggen. Ik vind dus ook dat we naar onszelf moeten kijken. Ik vind dit echt een probleem waar we met z'n allen naar moeten kijken. Tegelijkertijd mogen we ook van de Belastingdienst verwachten dat die efficiënt werkt en op die manier zo klein mogelijk is om hun goede werk te doen.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Over het eerste punt van de heer Dassen zou ik willen zeggen dat de huidige tegenbewijsregeling in box 3 ook bepaald niet onbewerkelijk is voor de Belastingdienst. Ik ben het met hem eens: het moet wel haalbaar en doenbaar zijn. Daarom wil ik ook een concreet plan van de staatssecretaris over de invulling en heb ik hem ook gevraagd wat dat vraagt van ons als Kamer en of het nodig is om wetgeving aan te passen en te vereenvoudigen om dit doenbaar te maken. Want dan snijdt het mes volgens mij aan twee kanten: dan hebben we een eenvoudiger belastingstelsel en is dat eenvoudiger voor burgers en voor de Belastingdienst.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, het laatste wat ik zou willen, zeker op zijn verjaardag, is dat de heer Grinwis stopt met zijn medewetgevende werk, want ik zie met regelmaat originele en vaak ook goede — die zijn soms iets minder — amendementen. Het lijkt me buitengewoon zinvol om dat te doen. Tegelijkertijd snapt de heer Grinwis ook dat er amendementen zullen zijn die belangrijker en minder belangrijk zijn voor het stemgedrag van partijen en meerderheden voor het Belastingplan. Maar ik zou hem vooral uitnodigen om amendementen in te dienen.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Nou, het ligt al in de naam van mijn partij besloten: ik ben een democraat. Dat betekent ook dat ik oprecht vind dat we hier naar alle 150 zetels moeten luisteren en dat iedereen daarin gehoord moet kunnen worden. Dat betekent ook dat we het debat hier wat mij betreft zo veel mogelijk langs de lijnen van de inhoud voeren en zo min mogelijk langs die van de macht.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Dat is een scenario waar ik op dit moment niet van uitga. Volgens mij is er tot dusverre altijd een belastingplan geweest. Het lijkt me heel verstandig dat er ook dit jaar een belastingplan komt, want er zit natuurlijk nogal wat in. We kunnen het allemaal reduceren tot een platte discussie over belasting op arbeid, maar het gaat ook over investeren voor woningcorporaties en over accijnzen. Er zit een waaier aan maatregelen in. Ik ga er dus van uit dat er uiteindelijk een belastingplan komt, het liefst met een zo breed mogelijke meerderheid.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Spreekbeurt

De heer Oosterhuis (D66): Ik zou toch echt nog de richting open willen houden dat het met steun van beide kanten kan. Daarin zal niemand volledig zijn zin krijgen. Daarin wordt niet het verkiezingsprogramma van de heer Stultiens, van de heer Hoogeveen of van de heer Stoffer volledig waargemaakt, en bepaald ook niet mijn verkiezingsprogramma, zeg ik er heel eerlijk bij. De ideeën over hoe het belastingstelsel eruit moet zien, liggen nou eenmaal nogal uiteen aan deze tafel. Wat er uiteindelijk ook uitkomt, het zal geen belastingplan worden waarvan iemand denkt: yes, dit is fantastisch. Dat geloof ik echt niet. Wat volgens mij wel de inzet moet zijn, is dat er een belastingplan ligt waarover uiteindelijk een brede meerderheid zegt: nou, laten we het zo maar doen, want dit is uiteindelijk wel verstandig voor het land.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): De heer Vermeer is kritisch op deze maatregel rond de branche-eigen producten, maar die is natuurlijk een direct gevolg van een motie van de Tweede Kamer, van de heer Flach, die ook is gesteund door de heer Vermeer. Waarom heeft hij dan zijn hand opgestoken bij deze motie?

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): De heer Vermeer begon zo eerlijk: ik had eigenlijk tegen moeten stemmen. Had hij het daar nou maar bij gelaten. Want ja, tussen twee kwaden kiezen is natuurlijk wel onderdeel van ons werk. Dat geldt niet alleen voor hier: als ik thuis een uitgave doe waardoor ik iets anders niet kan doen, moet ik ook kiezen; op een gegeven moment is de portemonnee gewoon leeg. Je kunt niet alleen maar de leuke dingen doen. Volgens mij moeten we toch wel aan de praktijk vasthouden dat we zeggen: als we het een niet doen, kan het ander ook niet. We kunnen niet alleen maar voor de leuke dingen kiezen. Als de heer Vermeer nu dus zegt "ik wil die vrachtwagenheffing wel omlaag, maar ik wil die maatregel rond de branche-eigen producten niet" dan verwacht ik ook wel van hem dat hij zegt hoe dat dan moet gebeuren.

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): In een eerder interruptiedebatje had de heer Vermeer het over "het met 200 moties per week aannemen van ongedekte voorstellen". Nu had de heer Vermeer er vorige week zelf drie moties voor nodig om heel box 3 af te schaffen, de btw te verlagen naar 6% en 19% en de lasten op arbeid niet te verhogen. In dit debat komt ook weer van alles langs, zoals sierteelt en afvalstoffen. Dat telt op tot 35 miljard, als ik snel reken. Zegt de heer Vermeer nou: geen enkele belasting kan omhoog en die 35 miljard moeten we helemaal uit de uitgaven halen?

Bron, video en gesprek →
12 okt 2026 · Interruptie

De heer Oosterhuis (D66): Los van dat ik het er niet per se mee eens ben, zet het niet al te veel zoden aan de dijk. Defensie minder snel laten oplopen is structureel natuurlijk geen enkele oplossing, tenzij de heer Vermeer de NAVO-norm wil loslaten, maar dat staat niet in zijn programma. Ik ben het er niet mee eens dat we minder aan de NPO moeten uitgeven, maar dat levert hooguit een paar honderd miljoen op. Als we ontwikkelingssamenwerking helemaal zouden schrappen — ik ben het er niet mee eens — gaat het om 6,5 miljard; ik reken even mee. Voor het gemak neem ik ook Asiel en Migratie nog mee. Ik ben het er niet mee eens en zeg niet dat het moet, maar stel dat je daar helemaal mee zou stoppen, dan gaat het om 4 miljard. Als je dit allemaal bij elkaar optelt, zitten we op 10 miljard. Dan blijft er nog 25 miljard over. Dan hoor ik de heer Vermeer nog zeggen dat er meer geld naar het Gemeentefonds, SZW en VWS moet. Dat rekent toch nooit rond? Ik hoor weleens zeggen dat de heer Vermeer uit het bedrijfsleven komt, maar als je op deze manier je bedrijf runt, is het binnen de kortste keren failliet.

Bron, video en gesprek →