Verslag van de Milieuraad van 16 december 2025
Brontekst
Versie ae9b643e89d31438 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-08MilieuraadNr. 1021 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS EN MINISTER VAN INFRA-STRUCTUUR EN WATERSTAAT, DE MINISTER VAN KLIMAAT ENGROENE GROEI EN DE STAATSSECRETARIS VAN LANDBOUW,VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 14 januari 2026Met deze brief ontvangt u het verslag van de Milieuraad die op16 december 2025 in Brussel plaatsvond. Tijdens de Milieuraad is(gedeeltelijk) uitvoering gegeven aan een vijftal moties: 1) de motie vanKamerleden Huidekooper (D66) en Zalinyan (GroenLinks-PvdA)(10 december 2025) die oproept voor een versneld traject voor EU-bredeminimumeisen voor gerecyclede kunststof voor nieuwe producten(Kamerstuk 21 501-08, nr. 1016); 2) de motie van Kamerlid Buijsse (VVD)(9 april 2025) over een tijdige herziening van de Pyrorichtlijn (Kamerstuk28 684, nr. 777); 3) de motie van Kamerlid Kostic (PvdD) (10 december2025) over borgen dat vereenvoudigingen in Europese wet- en regel-geving niet leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur en Milieu(Kamerstuk 21 501-08, nr. 1020); 4) de motie Kamerleden Huidekooper(D66) en Zalinyan (GroenLinks-PvdA) (10 december 2025) over eenvoortvarende publicatie van de REACH-herziening (Kamerstuk 21 501-08,nr. 1015); 5) de motie van Kamerlid Kostic (10 december 2025) om deKamer proactief te informeren over de Europese aanpak van ultra fastfashion (Kamerstuk 21 501-08, nr. 1017).Daarnaast treft u bij dit verslag het non-paper over de UitgebreideProducentenverantwoordelijkheid (UPV) stedelijk afvalwater, en deRaadsconclusies over het Europese Oceaanpact.Ook wordt via dit verslag het antwoord van de Staatssecretaris vanLandbouw Visserij, Voedselzekerheid en Natuur en de Minister vanKlimaat en Groene Groei aan de Kamers toegestuurd op de vraag van lidZwinkels van het CDA over CO2 toedeling in de tuinbouw, gesteld tijdenshet tweeminutendebat voor de Milieuraad op 10 december 2025. U wordt kst-21501-08-1021ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10211 daarnaast geïnformeerd over de stand van zaken van de Green ClaimsRichtlijn.1 Tot slot wordt u geïnformeerd over het akkoord dat in detrilogen is bereikt over de wijziging van de EU klimaatwet.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.A. AartsenDe Minister van Infrastructuur en Waterstaat,R. TiemanDe Minister van Klimaat en Groene Groei,S.Th.M. HermansDe Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,J.F. Rummenie1Kamerstuk 22 112, nr. 3671.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10212 Verslag Milieuraad 16 december 2025 Tijdens de Milieuraad van 16 december 2025 in Brussel stond eengedachtewisseling over de Europese bio-economie strategie op deagenda. Daarnaast hebben lidstaten ingestemd met de Raadsconclusiesover het milieu in Europa in 2025 en de weg vooruit richting 2030. Ookstonden verschillende diversenpunten op de agenda: het diversenpuntvan Nederland, Frankrijk en Spanje over de Pyrorichtlijn, een reflectie vanhet voorzitterschap op COP30, een presentatie van de Commissie over hetjaarlijks voortgangsrapport over simplificatie en de Milieuomnibus, hetdiversenpunt van Frankrijk, Oostenrijk, België, Italië, Polen, Portugal enSlowakije over ultra fast fashion, van Oostenrijk, Duitsland en Litouwenover de lithiumbatterijen en Europees statiegeldsysteem voor batterijen,van België en Polen over het versterken van markttoezicht en productcon-formiteit in de EU, van de Commissie over marktstabiliteitsreserve voorETS-2 en van Polen, Estland en Litouwen over CBAM. Daarnaast gaf deCommissie een terugkoppeling van de internationale bijeenkomsten; deAarhus Conventie (MOP8), Minamata Conventie (COP6), CITES CoP20,UNEA-7 en het Montreal Protocol (MOP37). Tot slot heeft het inkomendCypriotisch voorzitterschap een presentatie gegeven over hetwerkprogramma.I. Agendapunten Gedachtenwisseling over de Europese Bio-economie strategieTijdens de Milieuraad vond een gedachtewisseling plaats over deStrategie voor een Concurrerende en Duurzame bio-economie. Delidstaten reageerden over het algemeen positief op de strategie,aangezien het volgens de lidstaten bijdraagt aan het versterken van hetEuropese concurrentievermogen en de strategische autonomie.Een aantal lidstaten benadrukte dat een gezond ecosysteem en hetverminderen van administratieve lasten voorwaarden zijn voor eeneffectieve strategie. Lidstaten benoemden veel verschillende toepassingenen bronnen voor de bio-economie. Een grote groep lidstaten vroegaandacht voor het belang van financiering en ondersteuning van lokale enregionale initiatieven, met boeren in het bijzonder. Nederland benadruktehet belang van vraagcreatie voor biogebaseerde producten, het steunenvan boeren en de industrie en het vergroten van de beschikbaarheid vanduurzame biogrondstoffen. Daarnaast benadrukte Nederland het belangvan geharmoniseerde duurzaamheidscriteria voor het creëren van eengelijk speelveld tussen verschillende toepassingen van biogrondstoffen ensprak over mogelijkheden voor gerichte staatssteun in het kader van inzetvan voedselgewassen voor de productie van biogebaseerde materialen.Daarnaast vroeg een groep lidstaten aandacht voor het cascaderings-principe2 in wetgeving. Enkele lidstaten benoemden daarentegen dat ergéén nieuwe wetgeving moest komen over cascadering, waarbij enkelelidstaten het belang benadrukten van (houtige) biogrondstoffen voorenergievoorziening3. De Commissie benoemde dat het cascaderings-principe voldoende is geborgd in haar voorstel.2Dit houdt in dat biogrondstoffen stap voor stap (in «cascades») worden ingezet, waarbij eerstde hoogste waarde uit de biogrondstoffen wordt gehaald; Daarna de restmaterialen opnieuwgebruikt worden voor toepassingen met lagere waarde; Als laatste stap wordt de biogrond-stoffen gebruikt voor energie (verbranding of biogas).3Nederland kan zich vinden in de oproep voor meer aandacht voor het cascaderingsprincipe, enzet zelf in op afbouw van bio-energie en opbouw van inzet van duurzame biogrondstoffen inhoogwaardige toepassingen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10213 Raadsconclusies over het Europees milieu in 2030 – bouwen aaneen veerkrachtiger en circulair EuropaTijdens de Milieuraad zijn de Raadsconclusies over het Europees Milieu in2030, gericht op het bouwen aan een veerkrachtiger en circulair Europa,unaniem aangenomen. Vrijwel alle lidstaten erkenden dat Europa niet opschema ligt om de milieudoelen voor 2030 te behalen, zoals blijkt uit deanalyse van het Europees Milieuagentschap.Op het gebied van klimaatadaptatie benadrukten veel lidstaten,waaronder Nederland, de noodzaak van een geïntegreerde aanpak. Methet oog op het European Climate Adaptation Plan (Q4 2026) onderstreepteeen grote groep lidstaten, waaronder Nederland, het belang vanerkenning van geografische verschillen, terwijl enkele lidstaten specifiekhet belang van subsidiariteit en proportionaliteit benadrukten. Tegelij-kertijd wezen verschillende lidstaten op de noodzaak van grensoverschrij-dende samenwerking, de koppeling met de waterweerbaarheidsstrategieen de bescherming van (kritieke) infrastructuur. Enkele lidstaten,waaronder Nederland, benadrukten het belang van innovatieve oplos-singen, zoals nature-based solutions, evenals een gedegen monitoring-systeem om de voortgang te volgen. Nederland wees daarnaast op hetbelang van het breed verankeren van adaptatie in verschillende beleids-terreinen, waaronder infrastructuur, woningbouw, natuur en financieelbeleid.Ten aanzien van de circulaire economie benadrukte een grote groeplidstaten het belang van het versterken van de interne markt en hetverminderen van administratieve lasten. In aanloop naar de publicatie vande Circular Economy Act (Q3 2026) benoemden lidstaten diverseprioriteiten, waaronder het verzekeren van een gelijk speelveld, ook vooronline marktdeelnemers. Ter bevordering van dit gelijk speelveldkondigde de Commissie aan dat zij op korte termijn, het winterpakketpresenteert met maatregelen ter ondersteuning van de Europeseplasticrecyclingindustrie. De Commissie heeft dit winterpakket inmiddelsgepresenteerd op 23 december 2025. Dit wordt besproken op de informeleMilieuraad van 5 en 6 februari 2026. Door middel van de geannoteerdeagenda van deze Milieuraad wordt u geïnformeerd over de inhoud van hetpakket. samen met aankomende Milieuraadstukken. Nederlandbenadrukte dat de Raadsconclusies van belang zijn voor de vormgevingvan de Circular Economy Act. Daarbij vroeg Nederland om ambitieuzeherzieningen van onder meer de Waste Framework Directive en deWEEE-richtlijn, met nadruk op harmonisatie van end-of-waste criteria,uitgebreide producentenverantwoordelijkheid en een snelle invoering vanproductstandaarden zoals verplichte recyclingdoelstellingen. Dezemaatregelen moeten bijdragen aan een gelijk speelveld binnen en buitende EU, de interne markt versterken en zorgen dat alle materialen wordenhergebruikt of gerecycled. Hiermee de motie van het Kamerlid Huide-kooper (D66) afgedaan die oproept om samen met andere landen tepleiten voor een versneld traject voor EU-brede minimumeisen voorgerecyclede kunststof voor nieuwe producten.4II. Diversenpunten Diversenpunt: Oproep tijdige herziening PyrorichtlijnOp initiatief van Nederland brachten Frankrijk, Spanje en Nederland eenDiversenpunt in met de oproep tot een tijdige herziening van dePyrorichtlijn om effectief op te treden tegen groeiende probleem van4Kamerstuk 21 501-08, nr. 1016.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10214 misbruik van vuurwerkproducten, met negatieve effecten voor mens enmilieu. Hiermee is de motie van het Kamerlid Buijsse uitgevoerd die deregering verzoekt in de Milieuraad samen met gelijkgezinde landen deleiding te nemen voor een Europees verbod op, en aanpak tegenproductie en handel in zwaar F4 vuurwerk.5 Enkele lidstaten spraken steunuit voor het diversenpunt. De Commissie erkende de problematiek, enwees op resultaten uit haar eigen evaluatie en haalbaarheidsstudie. DeCommissie denkt nog na over vervolgstappen en benoemde dat lidstatenzelf al maatregelen kunnen nemen, zoals het opleggen van restricties enhet versterken van grensoverschrijdende samenwerking.Diversenpunt: Reflecties COP30Het Deense voorzitterschap presenteerde in een besloten sessie degeleerde lessen van COP30. Hierin reflecteerden het Deens Voorzitter-schap, de Commissie en de lidstaten over de Europese inzet tijdens deCOP30 in Belém. Het aankomende Cypriotische en Ierse voorzitterschapgaf aan de lessen mee te nemen in de voorbereiding richting COP31.Diversenpunt: Milieuomnibus en jaarlijks rapport vereenvou-diging en implementatieDe Commissie presenteerde de onlangs gepubliceerde milieuomnibus,samen met het rapport over vereenvoudiging en implementatie. Deomnibus bestaat uit 1) gerichte vereenvoudigingsvoorstellen op hetgebied van circulaire economie, milieudata en industriële emissies, en2) een verordening voor het versnellen van milieueffectenbeoordelingent.b.v. de vergunningverlening. Een grote groep lidstaten sprak steun uitvoor vereenvoudiging, en benadrukte hierbij vast te willen houden aanbestaande milieudoelen. Veel lidstaten plaatsten een voorbehoud, omdatze de voorstellen nog verder moeten bestuderen. Voor wat betreftvergunningverlening wees een grote groep lidstaten de Commissie op hetbelang van subsidiariteit en het stroomlijnen van het momenteelgefragmenteerde EU-wetgevingslandschap op vlak van vergunningver-lening. Gestroomlijnde en versnelde vergunningverlening voor strate-gische projecten moet de concurrentiekracht van de EU ten goede komen.Enkele lidstaten gaven aan vereenvoudiging als een prioriteit van de EU tezien, die nog niet ver genoeg gaat. Nederland benadrukte het belang vande balans tussen vereenvoudiging en de bescherming van mens enmilieu, waarbij effectieve simplificatie kan worden verzekerd door impactassessments. Hiermee is de motie van het Kamerlid Kostic uitgevoerd dieverzoekt de regering te borgen dat vereenvoudiging in Europese wet- enregelgeving niet zal leiden tot extra schade aan gezondheid, natuur enmilieu, en daarom ook te pleiten voor een vorm van een onafhankelijketoets die in kaart brengt wat de effecten zijn op milieu, natuur engezondheid6. Daarnaast vroeg Nederland specifiek aandacht voor eentijdige herziening van de REACH-verordening. Hiermee is invullinggegeven aan het eerste deel van de motie van het Kamerlid Huidekooperen Zalinyan waarbij de regering verzocht wordt tijdens de Milieuraad tepleiten voor een voortvarende publicatie van de REACH-herziening, zodatduidelijkheid ontstaat over toezicht, handhaving en restricties. Later ditjaar wordt u verder geïnformeerd over het tweede deel van de motiewaarin de regering wordt verzocht, samen met gemeenten en provincies,te zorgen voor een eenduidige interpretatie van risicogrenzen.75Kamerstuk 28 684, nr. 777.6Kamerstuk 21 501-08, nr. 1020.7Kamerstuk 21 501-08, nr. 1015.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10215 Diversenpunt: Oproep tot actie op Europees niveau aangaandemilieu- en economische impact van ultra fast-fashionFrankrijk, samen met Oostenrijk, België, Italië, Polen, Portugal enSlovenië, bracht een diversenpunt in om de problematiek rond ultrafast-fashion aan te kaarten. Een grote groep lidstaten, waaronderNederland, erkende de urgentie van dit vraagstuk en riep de Commissieop passende maatregelen te nemen. Hiermee is de motie van hetKamerlid Kostic uitgevoerd waarin de regering verzocht wordt om zich inde Milieuraad samen met Frankrijk in te zetten voor snelle en sterkestappen in de nationale en Europese aanpak van fast fashion.8 DeCommissie bevestigde de geschetste problematiek en wees op reedsgenomen stappen om negatieve effecten tegen te gaan, zoals de recentedeel herziening van de Kaderrichtlijn Afval en het werk aan de implemen-tatie van eco-modulatie binnen de uitgebreide producentenverantwoorde-lijkheid. Daarnaast verwees de Commissie naar de verwachte Ecodesign-maatregelen voor textiel (2027), de invoering van het verbod opvernietiging van onverkochte goederen (zonder genoemde datum), deDigital Services Act en maatregelen op het douaneterrein rond dede-minimis-regeling.Diversenpunt: Gevaren van lithiumbatterijen en haalbaarheid enpotentiële voordelen van de invoering van een EU-breed statie-geldsysteem voor batterijenOostenrijk bracht samen met Duitsland en Litouwen een diversenpunt inover de gevaren van lithiumbatterijen en de haalbaarheid en potentiëlevoordelen van een EU-breed statiegeldsysteem voor batterijen. Verschil-lende lidstaten onderschreven de zorgen rond lithiumbatterijen, in hetbijzonder het risico op branden binnen de afvalbeheerketen. Enkelelidstaten benadrukten dat een statiegeldsysteem hiervoor mogelijk eenoplossing kan bieden. De Commissie wees erop dat de implementatie vande Batterijenverordening, zoals via ontwerpvereisten en inzamelings-doelen, kan bijdragen aan het verminderen van deze risico’s. Daarnaastgaf de Commissie aan dat momenteel een analyse wordt gedaan naar dehaalbaarheid van een statiegeldsysteem. Ook benadrukte de Commissiedat lidstaten zelf nationale maatregelen kunnen nemen, zoals hetverstrekken van consumenteninformatie. Nederland heeft niet geïnterve-nieerd.Diversenpunt: Versterken van markttoezicht en productconfor-miteit in EUBelgië bracht samen met Polen een diversenpunt in over het versterkenvan markttoezicht en productconformiteit binnen de EU. In het verlengdevan eerdere diversenpunten over ultra fast-fashion en lithiumbatterijenriepen zij de Commissie op om het markttoezicht en de productconfor-miteit te versterken, in het bijzonder voor producten die online wordenverkocht. Deze oproep werd door meerdere lidstaten onderschreven. Inreactie verwees de Commissie opnieuw naar de implementatie vanmaatregelen uit de Digital Services Act, het douanedomein (de-minimisen het agentschap) en de Markttoezichtverordening. Daarnaast wees deCommissie op het verwachte voorstel voor de European Product Act(2026), waarin veel aandacht zal worden besteed aan toezicht op importen het versterken van de handhaving.8Kamerstuk 21 501-08, nr. 1017.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10216 Diversenpunt: Voorstellen om prijsstabiliteit van het Emissiehan-delssysteem voor gebouwde omgeving en wegtransport (ETS2) tevergrotenDe Commissie presenteerde de op 27 november en 8 december jl.gepubliceerde voorstellen om de stabiliteit en voorspelbaarheid van deETS2 prijs te vergroten. De Commissie stelt voor hiertoe de veilingen tevervroegen, het prijsbeheersingsmechanisme te versterken, de injectiesuit de Marktstabiliteitsreserve minder abrupt maken en de liquiditeit in deMarktstabiliteitsreserve te vergroten. Een grote groep lidstaten gaf aanoverwegend positief te zijn over het voorstel. Enerzijds benadruktenenkele lidstaten dat ETS-2 niet verder mag worden uitgesteld. Anderzijdspleitten enkele lidstaten juist uitstel van ETS-2 tot ten minste 2030. UwKamer wordt in januari nader geïnformeerd over deze voorstellen en hetkabinetsstandpunt.Diversenpunt: Impact van CBAM op niet-commerciële elektrici-teitsimport uit OekraïnePolen, Estland en Litouwen vroegen tijdens de Milieuraad om vrijstellingen compensatie van het Europese Mechanisme voor Koolstofcorrectie aande Europese Grens (CBAM) voor niet commerciële elektriciteitsimportvanuit Oekraïne in het geval van operationele noodsituaties. Dit punthebben dezelfde lidstaten ook ingediend op de Energieraad van15 december jl. De Commissie gaf aan het gesprek met lidstaten voort tezetten.Diversenpunt: Recente internationale overleggenDe Commissie en het voorzitterschap gaven een terugkoppeling vanverschillende recente internationale bijeenkomsten: de 6e Conferentie vande Partijen bij het Verdrag van Minamata inzake kwik (COP 6), de 8evergadering van de partijen bij het Verdrag van Aarhus betreffendetoegang tot informatie, inspraak bij besluitvorming en toegang tot derechter inzake milieuaangelegenheden (MOP 8), de 20e vergadering vande Conferentie van de Partijen bij het Verdrag inzake de internationalehandel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten (CITESCoP20), 5) de zevende zitting van de Milieuvergadering van de VerenigdeNaties (UNEA-7).Diversenpunt: EU missie klimaatneutrale en slimme stedenDe Commissie herbevestigde de belangrijke rol voor steden en regionaleautoriteiten bij klimaatadaptatie. Horizon Europe ondersteunt hen via ditprogramma: ruim 300 steden en regio’s ontvangen nu al technischeondersteuning. De Commissie roept lidstaten op tot actieve betrok-kenheid.Diversenpunt: Werkprogramma inkomend voorzitterschapHet inkomend Cypriotische voorzitterschap gaf een presentatie van hetwerkprogramma. De focus ligt op vijf Green Deal initiatieven, 1) water-weerbaarheid en klimaatadaptatie; 2) klimaatmitigatie; 3) circulaireeconomie en nul-vervuiling; 4) milieu-omnibus; 5) voorbereidinginternationale milieu- en klimaatevenementen. Op 5 en 6 februari 2026 isde informele Milieuraad in Nicosia, met aandacht voor klimaatadaptatie,financiering van milieudoelen en het circulaire economie winterpakket. Deformele Milieuraden zullen op 17 maart en 25 juni 2026 plaatsvinden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10217 III. Overige punten Non-paper Richtlijn Stedelijk Afvalwater UPVNederland heeft een Duitse non-paper ten aanzien van de UPV in deRichtlijn Stedelijk afvalwater medeondertekend. In deze non-paper wordtde Commissie gevraagd om de uitvoeringshandeling voor de UPV in dezerichtlijn al in 2026 af te ronden en bovendien duidelijkheid te geven overeen aantal belangrijke interpretatie- en uitvoeringskwesties. De herzienerichtlijn is op 27 november 2024 vastgesteld, en moet op 31 juli 2027geïmplementeerd zijn. Op grond van deze richtlijn moeten de produ-centen van geneesmiddelen en cosmetica gaan betalen voor een extra(i.e. vierde) zuiveringsstap bij veel rioolwaterzuiveringsinstallaties,waarmee microverontreinigingen (zoals medicijn- en cosmeticaresten) uithet rioolwater worden gehaald. Over de UPV medicijn- en cosmetica-resten zijn in Nederland (en veel andere Europese landen) zorgen over demogelijke impact op de beschikbaarheid en betaalbaarheid vanmedicijnen. Ook zijn er meerdere interpretatie- en uitvoeringsvragen bijdeze UPV en bepaalt de richtlijn dat de Commissie een uitvoeringshan-deling moet opstellen voor 31 december 2027. De non-paper vraagtdaarmee om nog voor de implementatiedeadline de uitvoeringshandelingaf te ronden en onduidelijkheden weg te nemen, om zodoende een goedeimplementatie en geharmoniseerde aanpak binnen de EU te waarborgen.Raadsconclusies OceaanpactOp 8 december 2025 zijn Raadsconclusies over het Europees Oceaanpactaangenomen in de Raad voor Concurrentiekracht.De milieu- en natuuraspecten van het Oceaanpact, waaronder deherziening van de Kaderrichtlijn Mariene Strategie, zijn eerder besprokentijdens de Milieuraad van 21 oktober 2025. De lidstaten benadrukten hetbelang van een samenhangend en geïntegreerd EU-kader voor oceaan- enzeebeleid. Dit kader moet ecologische, sociale en economische doelstel-lingen verwezenlijken en geen onnodige complexe regelgeving bevattendie innovatie en aanpassing aan veranderende omstandigheden in deweg staat. Ook moet het coherentie en effectieve afstemming tussenbestaand beleid en bestaande rechtskaders versterken en de samen-werking tussen lidstaten en regio’s bevorderen.Daarnaast geven de lidstaten gezamenlijk aan dat zij positief staantegenover het voornemen van de Commissie om met het oceaanpact hetgovernance kader te versterken. Ze benadrukken het belang van eenbetere onderlinge integratie, coördinatie en afstemming van de richtlijnmaritieme ruimtelijke planning, de Kaderrichtlijn Mariene Strategie, deverordening natuurherstel, de habitat- en de vogelrichtlijn, het gemeen-schappelijk visserijbeleid (GVB), en ander relevant marien en maritiembeleid van de EU. Specifiek benadrukken de lidstaten dat dit in overeen-stemming moet zijn met het internationaal recht en hetVN-zeerechtverdrag.Stand van Zaken Green Claims richtlijnIn deze brief wordt u geïnformeerd over de stand van zaken van de GreenClaims richtlijn9. Zoals het er nu uitziet ligt een akkoord tussen de Raad,het Europees Parlement (EP) en de Europese Commissie niet langerbinnen bereik. Zowel binnen het EP als binnen de Raad lopen de positiesdermate uiteen, dat een uiteindelijk akkoord voorlopig niet haalbaar lijkt.9Kamerstuk 22 112, nr. 3671.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10218 Het voortzetten van de onderhandelingen wordt dan ook niet meerverwacht komende tijd. Deze patstelling is teleurstellend gezien deNederlandse ambitieuze inzet op het dossier de afgelopen jaren en vooralmet het oog op het belang van het tegengaan van greenwashing en debescherming van consumenten tegen ongefundeerde groene claims.Uiteraard zal Nederland zich hiervoor blijven inzetten via andere (toekom-stige) relevante dossiers en wordt de Kamer nader geïnformeerd op hetmoment er toch een verschuiving in het Europese krachtenveld of andererelevante ontwikkelingen plaatsvinden.Antwoord Kamervraag TuinbouwBij het tweeminutendebat voor de Milieuraad op 10 december 2025 is eenvraag van lid Zwinkels van het CDA over CO2 toedeling in de tuinbouwgesteld. Deze vraag wordt hierbij beantwoord.De leden van de CDA-fractie vragen over de recente berichtgeving dat CO2mogelijk niet langer aan de tuinbouw kan worden toegewezen maar datdeze automatisch zou moeten worden opgeslagen onder de Noordzeevanwege een juridische interpretatie van Europese regels. Zij vragen zichaf of deze interpretatie klopt. Als dit klopt, vragen zij of de Staatssecretarisin Europa kan aangeven dat Nederland dit onwenselijk vindt vanwegenegatieve gevolgen voor onder meer verduurzaming van de sector.Daarnaast horen de leden graag hoe de Staatssecretaris dit op kortetermijn kan ophelderen en of hij bereid is om te zoeken naar eenadministratief sluitende oplossing ten behoeve van duaal gebruik vanéén CO2-transportmiddel die de CO2-toevoer richting kassen waarborgt.Antwoord:Een administratief sluitende oplossing ten behoeve van duaal gebruik vanéén CO2-transportmiddel is belangrijk voor zowel aanbieders van CO2 alsvragende partijen. De Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselze-kerheid en Natuur en de Minister van Klimaat en Groene Groei trekkensamen op richting de Europese Commissie en zetten zich actief in om tekomen tot een oplossing. Het kabinet beoogt onduidelijkheid tevoorkomen in de business cases. Daarbij gaat het niet alleen om delevering van CO2 aan de tuinders, maar ook over het transporteren vanCO2voor permanente opslag (CCS). Of en hoe snel ruimte kan wordengevonden is nog onduidelijk, maar gezien het belang van dit onderwerpzullen Staatssecretaris Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur ende Minister van Klimaat en Groene Groei de Kamer hierover in het eerstekwartaal van 2026 nader informeren.Akkoord trilogen Wijziging EU KlimaatwetIn de nacht van 9 op 10 december 2025 heeft het Deens voorzitterschapnamens de Raad een akkoord bereikt met het Europees Parlement en deEuropese Commissie in de triloog over de wijziging van de EU klimaatwet.De finale wettekst verschilt slechts op één punt van de uitkomst van deAlgemene Oriëntatie waarover u in het verslag van de Milieuraad van4 november 2025 bent geïnformeerd: de voorwaarden voor de inzet vaninternationale koolstofkredieten zijn verder aangescherpt. Dit is in lijn metde Nederlandse positie uit het BNC-fiche en de inzet van Nederland in deonderhandelingen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-08, nr. 10219
Gerelateerde bronnen
- Naar verwachting wordt de Kamer voor de zomer geïnformeerd over de uitkomsten en het vervolg van de evaluatie van de Pyrorichtlijn.
Naar verwachting wordt de Kamer voor de zomer geïnformeerd over de uitkomsten en het vervolg van de evaluatie van de Pyrorichtlijn.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.