de goedkeuring van de op 28 mei 2022 te Genève aangenomen wijzigingen van de op 23 mei 2005 te Genève tot stand gekomen Internationale Gezondheidsregeling (2005) (Trb. 2022, 135) (36534-(R2193))
Bron, video en gesprek →Partijen door de tijd: PVV (2023-12-06–heden) ·
Bijdragen bij de geselecteerde bron
Open de volledige bron →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Dank u, voorzitter. Vandaag spreken we over een wetsvoorstel dat op papier technisch en procedureel lijkt, maar dat bij nadere beschouwing fundamentele vragen oproept over democratische controle, nationale afwegingsruimte en grondrechtenbescherming. De regering stelt voor om de termijnen voor het verwerpen en implementeren van toekomstige wijzigingen van de Internationale Gezondheidsregeling fors te verkorten, niet omdat er aantoonbaar iets misging in het verleden, maar omdat men zich wil voorbereiden op wat er mogelijk komt in de toekomst. Voorzitter. Daar wringt het. Sinds 2005 is de IHR slechts één keer inhoudelijk gewijzigd. Dat betrof een beperkte technische aanpassing in 2014. De minister erkende eerder bovendien dat er geen gegevens beschikbaar zijn waaruit blijkt dat de bestaande termijn van achttien maanden ook tekort is geschoten. Er is geen casus, geen voorbeeld en geen concrete situatie aangevoerd waaruit blijkt dat Nederland of andere lidstaten door die termijn in de problemen kwamen. En toch wordt vandaag voorgesteld die termijn bijna te halveren. Voorzitter. Dat roept de vraag op welk probleem de minister hiermee feitelijk denkt op te lossen. De regering verwijst naar de COVID-19-pandemie, maar op vragen daarover antwoordt de minister zelf dat tijdens de coronacrisis geen enkel voorstel tot wijziging van de IHR is gedaan. Er is dus geen enkel moment aan te wijzen waarop de bestaande termijnen de internationale respons hebben belemmerd. COVID-19 wordt wel genoemd, maar het wordt niet onderbouwd. Tegelijkertijd wordt als doel genoemd: snellere implementatie van toekomstige verbeteringen van de IHR. Daarbij worden expliciet voorbeelden genoemd, zoals nieuwe technologieën voor surveillance en monitoring. Dat zijn geen neutrale technische aanpassingen. Dat zijn inhoudelijke beleidskeuzes, met potentieel verstrekkende gevolgen voor privacy, grondrechten en nationale bevoegdheden. Dat roept een volgende wezenlijke vraag aan de minister op. Welke verbeteringen worden er eigenlijk verwacht dat nu alvast de democratische reactietijd moet worden ingekort? De regering zegt dat er geen overdracht van bevoegdheden plaatsvindt. Formeel is dat misschien ook niet zo, maar materieel gebeurt er wel degelijk iets anders. De tijd voor nationale politieke afweging wordt structureel verkort, terwijl toekomstige inhoudelijke wijzigingen sneller internationaal bindend kunnen worden, tenzij een parlement actief en tijdig ingrijpt.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Nee, zeker niet. We zouden gekke Henkie zijn als we alles altijd maar gewoon voor lief nemen. Wij willen gewoon ons eigen democratische proces in de hand houden, en dus ook onze termijnen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Daar kijken wij dus echt anders naar. Wij zijn echt van mening dat we de tijd die we er nu voor hebben — dat kunt u misschien ook nog beluisteren in een verder stukje van mij — misschien wel nodig kan zijn. Ook al kan het dan nog steeds, we leggen onszelf een tijdsdruk op door het te verkorten, en dat vinden wij gewoon onverstandig. We willen gewoon onze eigen periode, de termijnen die we nu hebben, daarvoor behouden.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Ik heb niet vier, vijf voorbeelden. Het feit is gewoon dat een versnelling van een procedure kan leiden tot slechte resultaten. Wij willen dat voorkomen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Voorzitter. Het betekent meer druk, minder reflectietijd — daar heeft u uw antwoord — en minder ruimte voor een grondige analyse van de risico's, een serieuze proportionaliteitsafweging en een deugdelijke maatschappelijke en juridische impactanalyse. Procedure is hier geen neutraal instrument; procedure bepaalt macht. Wie de termijnen verkort, verschuift de balans van besluitvorming. Daarom vraag ik de minister het volgende. Kan de minister één concrete historische gebeurtenis noemen die deze termijnverkorting noodzakelijk maakt? Kan de minister uitleggen waarom deze wijziging proportioneel is, nu er geen aantoonbaar probleem bestaat? En kan de minister garanderen dat bij toekomstige IHR-wijzigingen altijd vooraf een grondige analyse van de risico's en een deugdelijke impactanalyse plaatsvindt voordat internationale binding dreigt? Tot slot, voorzitter. Wat hier voorligt, lijkt minder een oplossing voor het verleden en meer een vooruitlopen op onbekende toekomstige inhoudelijke wijzigingen. Dat vraagt niet om versnelling, maar juist om terughoudendheid. Snelheid mag nooit belangrijker worden dan democratische controle. Het verkorten van de termijnen kan ervoor zorgen dat nationale besluitvorming door internationale druk wordt omzeild. De PVV vindt dat maatregelen die in Nederland ingrijpen in bijvoorbeeld grondrechten, altijd door onze eigen democratische instituties moeten worden kunnen getoetst. Daar moet voldoende tijd voor zijn en blijven.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Ja, zeker. Snelheid kan essentieel zijn bij maatregelen, maar daar spreken we hier niet over. We hebben het hier over een wijziging van een verdrag en niet over crisisbesluiten. Dat is iets anders.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Als er een crisis is, kan je altijd nog snel handelen. Hier gaat het erom dat ze iets willen wijzigen in een verdrag. Dat is iets wat wij niet willen. Wij willen gewoon bij die termijnen blijven.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Ik doe geen enkele suggestie. De regering verwijst zelf naar verwachte toekomstige inhoudelijke wijzigingen. Dat is geen speculatie; dat staat gewoon zwart-op-wit. Wij willen de termijnen behouden die er nu voor staan, zodat we altijd een goede democratische afweging kunnen maken. Dat is mijn antwoord.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Ik hou het kort en heb één vraag. Ik vraag het toch nog een keer aan de minister. Volgens mij staat mijn verhaal gewoon als een huis. Kan de minister één concreet probleem noemen dat tijdens de covidpandemie niet is aangepakt vanwege de huidige termijnen? Volgens mij is dat dus niet het geval. We kunnen wel zeggen "we kijken naar de toekomst", maar we gaan nu dus iets veranderen waarvan we niet weten of het nodig is. Het is ook niet zo gebleken. In mijn optiek is het niet nodig. Ik denk dus dat mijn verhaal klopt en ik vraag nogmaals: heeft u een voorbeeld?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Van Meetelen (PVV): Dank, voorzitter. Allereerst dank ik de minister voor de beantwoording van de vragen. Ik heb één motie. Het zal u niet verbazen dat die over het verwerpen gaat.
Bron, video en gesprek →