KamerkringInloggen
Tjebbe van Oostenbruggen

Officieel Kamerprofiel

Tjebbe van Oostenbruggen

74debatten
1.921bijdragen
809interrupties
207.057woorden in uitspraken

Partijen door de tijd: Nieuw Sociaal Contract (2023-12-06–2024-11-14) ·

Uitspraken in het geselecteerde debat

Open het volledige debat en de tijdlijn →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Voorzitter, dank u wel. Toch nog een aantal vragen. We kwamen een beetje aan het eind. Dat is hartstikke mooi. Volgens mij zijn er ook heel weinig interrupties over, waarvoor bijzonder veel dank, zeg ik tegen de collega's. Ik ga gewoon lekker snel de inhoud in. Allereerst een vraag van de heer Grinwis, die vroeg naar de aanpassing van het kindgebonden budget in de vorm van een extra steil afbouwtraject na €60.000. Hij vroeg ook of ik het effect op de marginale druk wel voldoende heb meegewogen. Met deze maatregel wordt de inkomensondersteuning via het kindgebonden budget beter gericht op de mensen die de ondersteuning het meest nodig hebben. Dat zijn overigens de mensen onder het knikpunt van €60.000. Zoals aangegeven in de Voorjaarsnota neemt de marginale druk met ongeveer 4% toe voor huishoudens met kinderen en een gezamenlijk inkomen van €60.000 of meer. Doordat gekozen is voor een steilere afbouw vanaf €60.000, zullen de pieken in de marginale druk juist niet toenemen, omdat die vooral vóór het punt van €60.000 liggen. Als kabinet willen we dat werken loont en dat de marginale druk daalt. De stijging van de marginale druk voor deze groep is echter de prijs van het gerichter maken, en daarmee betaalbaar houden, van het kindgebonden budget. Het is goed om te benoemen dat er vanaf €91.000 eigenlijk geen effect meer is op de marginale druk. De heer Flach vraagt of het kabinet extra stappen wil zetten om de kloof tussen een- en tweeverdieners te verkleinen en daarbij specifiek te kijken naar de overdraagbare heffingskorting. Het kabinet is geen voorstander van een verdere uitbreiding. Met de fiscale oplossing voor eenverdieners heeft het kabinet geprobeerd een zo gericht mogelijke oplossing te vinden voor een bepaalde groep huishoudens die door een samenloop van fiscaliteit, toeslagen en sociale zekerheid zonder aanvullende maatregelen verder onder het sociaal minimum uitkomen. Het uitbreiden van deze maatregel is niet in lijn met het streven van dit kabinet naar meer arbeidsparticipatie, vanuit de gedachte dat werken moet lonen en om de economische zelfstandigheid van beide partners te bevorderen. Bij het indienen van het amendement vorig jaar is aangegeven dat het een complexe regeling is voor burgers die in de actualiteit de tegemoetkoming willen ontvangen, ook met de destijds voorgestelde uitbreiding. Ook voor de Belastingdienst is de regeling complex. Tot slot leidt uitbreiding ook tot een derving die gedekt moet worden.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Mijn reactie is dat bepaalde zaken uiteindelijk niet doelmatig zijn in ons totale belasting-, kortingen- en toeslagenstelsel. Dat leidt tot allerlei effecten en ook ongewenste effecten. Dat is precies de reden dat dit kabinet in het hoofdlijnenakkoord heeft afgesproken om het totale stelsel rondom belasting op inkomen te herzien en tegen het licht te houden. Dat is ons onvoldoende gegeven. Ik zal binnenkort wel met een brief komen. Daar was ook net een motie voor ingediend. Tegelijkertijd zeg ik erbij dat het heel moeilijk is om in een algemeen stelsel voor 10 miljoen belastingplichtigen iedereen helemaal goed te behalenden. Daarom hebben we ook een ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat specifiek toeziet op groepen die in de knel komen en daar ook beleid op maakt. Dat doen wij elk jaar in augustus.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Daar kan ik op reageren. Dat zie ik. Dit kabinet geeft specifiek aan dat werken moet lonen, maar dan moet je natuurlijk wel kunnen werken. Daarom hebben we ook in de Voorjaarsnota specifiek geld gereserveerd voor mensen die arbeidsongeschikt geraakt zijn. We vinden het gewoon heel belangrijk dat daar geld naartoe gaat. Als ze het niet kunnen, kun je ook niet van mensen verwachten dat ze werken. Daar zijn we het echt mee eens. In het beleid daaromheen vind ik dat we specifieke groepen moeten ondersteunen. Daar kijkt mijn collega bij het ministerie van SZW naar. Dan vroeg de heer Dassen waarom de algemene heffingskorting en de arbeidskorting niet volledig worden geïndexeerd en waarom niet is gekeken naar fiscale regelingen voor de dekking van het terugdraaien van de btw-verhoging op sport, media en cultuur. Allereerst hebben we hier, zoals ik ook in verschillende commissiedebatten heb gezegd, een probleem gecreëerd waarbij we het zuur en het zoet niet meer in twee wetten hadden. Het draagvlak onder de btw-verhoging was weg en daarom moest die teruggedraaid worden. We hebben hier verschillende debatten over gevoerd. Uiteindelijk zijn we tot de conclusie gekomen dat het de wens van de Kamer is om dat te zoeken buiten de btw. We hebben dat grotendeels gevonden in het aanpassen van de tabelcorrectiefactor, wat feitelijk een gedeeltelijk terugdraaien van de lastenverlichting is. Nu het kabinet demissionair is, past terughoudendheid om dit op een andere manier in te vullen. Bij de voorjaarsbesluitvorming is een integrale afweging gemaakt om de btw op deze wijze te dekken. Uiteraard kunnen we natuurlijk alles nog doen om te kijken naar heffingskorting en arbeidskorting. Dat is echt iets wat gewogen wordt bij de Miljoenennota en niet bij de Voorjaarsnota.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dit zijn twee verschillende dingen. Dit gaat over fiscale regelingen. Laat ik daar zo meteen wat over zeggen. Maar dit gaat — ik neem aan dat meneer Dassen daar bijzonder in geïnteresseerd is — ook over de vraag hoe wij belasten. Dit kabinet heeft er juist voor gekozen om de belasting op arbeid te verlagen en de belasting op consumptie te verhogen. Dat kon uiteindelijk de goedkeuring van de Kamer niet wegdragen. Wij hebben, ook in samenwerking met een aantal andere partijen die geen onderdeel waren van de coalitie, gekeken naar alternatieve invulling. Uiteindelijk is dan toch het deels terugdraaien van de lastenverlichting de alternatieve invulling geworden waarmee de btw de dekkingsbron zou worden voor de lastenverlichtingen. Dat is wat we gedaan hebben. In de fiscale regeling kun je ook dingen zoeken, maar dat zijn lastige zaken, want fiscale regelingen ombouwen is iets wat tijd kost. En ten tweede hebben we daarvoor in het hoofdlijnenakkoord helemaal geen budgettaire dekking afgesproken. We hebben gezegd dat we kijken hoe we dat geld doelmatig kunnen besteden. Het is helemaal niet gezegd dat dit dekkingsbronnen zijn die voor geheel andere zaken kunnen worden ingezet. We hebben vooral gekeken hoe we doelmatiger geld kunnen besteden. Er wordt kritisch gekeken hoeveel Nederland stimuleert op het gebied van bijvoorbeeld innovatie en economie. Moet je eens voorstellen wat je met niet-doelmatige en niet-efficiënte fiscale regelingen zou kunnen doen in de sector waarin die regelingen ook zitten. Dat is een gesprek dat we met elkaar moeten voeren. Voor de zomer komt er nog een rapport naar de Kamer waarin u kunt lezen wat de laatste stand van denken is bij ons op het ministerie rondom die fiscale regelingen.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dan heb ik nog een vraag van de heer Dassen. Is een aanpassing van het rekeningforfait van de schenk- en erfbelasting de meest rechtvaardige belasting die je kunt verhogen voor toekomstige generaties? En — dat is helemaal een interessante — waarom is dit de afgelopen 45 jaar niet gebeurd? Hij dateert van 1979. Dat is een mooi jaar, moet ik zeggen, een prachtig jaar. Er zijn hele mooie dingen gebeurd in dat jaar. Wat zegt u?

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Zekers. Ik deel geheel met de heer Dassen de noodzaak tot aanpassing van de forfaits in de schenk- en erfbelasting, maar het antwoord op de vraag is het resultaat van allerlei omstandigheden over de afgelopen jaren. In 2009 is dit bijvoorbeeld nog geprobeerd, maar niet gelukt. Het is niet zo dat er 45 jaar niets is gebeurd. Het Onderzoek actualisatie rekenforfaits is 5 februari 2025 aan de Kamer gestuurd. Ik heb aangegeven dat de conclusie uit het onderzoek is dat het wenselijk is om de forfaits te actualiseren en dat ik voornemens ben de Kamer in een brief in het derde kwartaal van 2025 nader te informeren over de vervolgstappen tot actualisering, met inbegrip van een tijdpad voor aanpassing van relevante regelgeving. Het onderzoek biedt een goede basis voor actualisatie, maar heeft bijvoorbeeld geen rekening gehouden met gedragseffecten. In berekeningen van Deloitte is op lange termijn sprake van een opbrengst van 190 miljoen. Dat klinkt goed, maar in de eerste jaren na de actualisatie treedt een budgettaire derving op. Het bedrag dat Deloitte heeft genoemd, is nadrukkelijk een bovengrens. Nogmaals, de komende maanden ga ik daar verder naar kijken en zal ik met beleidsvoorstellen komen voor wat we hieraan zouden kunnen doen, want uiteraard komen we uit onszelf niet meer met heel veel beleidsvoorstellen. Dan de brandstofaccijns. De heer Ergin vraagt wanneer het kabinet gaat stoppen met het zien van de automobilist als melkkoe en wanneer de tijdelijke accijnskorting wordt verlegd. Ik zou zeggen: on it. Dat is een onderwerp dat momenteel zeker op de agenda staat. Het kabinet komt nog voor de zomer met een contourenbrief over onze geliefde auto's. Dat schijnt in de volksmond "de autobrief" te zijn en ik weet dat hier hard aan wordt gewerkt. In deze brief staat het spanningsveld benoemd tussen de verschillende beleidsdoelen die we hierop hebben zoals betaalbaarheid, overheidsfinanciën en ook alles wat te maken heeft met klimaat. Ik wil hier ook een beeld geven van de accijnsontwikkelingen over de tijd en de vergelijking met andere landen, met name de landen om ons heen. De ontwikkeling van de accijnstarieven weegt het kabinet in augustus als onderdeel van de integrale koopkrachtbesluitvorming. Daarbij wil ik alvast een paar details aan u meegeven. In 2022 was de benzineprijs heel hoog als gevolg van geopolitieke spanningen. Die is daarna flink teruggelopen. Ik zal u zeggen dat ik twee weken geleden zei "nou jongens, dat ziet er een stuk beter uit dan in 2022". Tegelijkertijd hebben we sinds een aantal dagen toch weer toenemende geopolitieke spanningen in een regio waar veel benzine vandaan komt. Hoe dit zich uiteindelijk in augustus zal vertalen tot wat wij aan beleidsopties hebben, zal ik u tijdig laten weten.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Zoals ik u zei: het punt rondom de prijs van benzine heeft alles te maken met betaalbaarheid en met de overheidsfinanciën, maar ook met de manier waarop wij over klimaat denken. Daarin vergelijken wij ons met landen die in de Europese Unie zitten, en dan vooral de landen dichtbij. We zien ook veel grenseffecten, zoals mensen die over de grens gaan tanken. Ik ken trouwens weinig mensen die naar Zwitserland gaan om te tanken. Het is zeker niet het beleid van Nederland om het allergoedkoopste land ter wereld te zijn op het gebied van fossiele brandstoffen. U vraagt hoe ik dat vergelijk met Zwitserland. Ik kijk op dit moment vooral naar België en Duitsland. Dat zijn naast goede partners ook buurlanden, maar vooral landen waar de benzine op dit moment goedkoper is. En ja, ik zie dat er verschillen zitten in hoe je omgaat met accijns. Niet in de laatste plaats hebben wij in Nederland een systeem waarbij we de accijns ook nog eens elk jaar indexeren. Zelfs als wij vandaag zorgen voor een goed prijsniveau, zullen we volgend jaar weer indexeren, en Duitsland en België niet. Hier is veel over te zeggen. Dat is precies waarom ik een autobrief toezeg waarin ik dat allemaal netjes bespreek en onderbouw.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Laat ik daar twee dingen over zeggen. Allereerst hebben wij allebei evenveel spreektijd. Hij heeft veel vragen en heeft daar weinig woorden voor nodig. Ik heb weinig vragen, maar heb daar veel woorden voor nodig.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Met betrekking tot uw vraag: alles ligt uiteraard op tafel. Goedbeschouwd moet de Miljoenennota gesteund worden door de Tweede Kamer. Uiteraard zal er ook nagedacht worden over hoe de Kamer dit weegt, met alle andere beleidsprioriteiten die genoemd worden. Daar hebben wij afspraken over gemaakt, de zogeheten begrotingsregels. Die beheert mijn collega. Als het specifiek gaat over accijns: ja, die voelen we, maar we voelen nog wel meer. Dit heeft onze aandacht. U vraagt of dat dan ook kan. Ja, alles kan.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: De zomer in parlementaire termen begint volgens mij op 3 juli.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: De heer Dassen vraagt of de werkkostenregeling kan worden uitgebreid voor kleine ondernemers, zodat ook zij fiscaal vriendelijk de studieschuld van hun medewerkers zouden kunnen aflossen. De WKR heeft als doel te borgen dat er geen loonbelasting verschuldigd is wanneer een werkgever zakelijke kosten vergoedt aan diens werknemer. Om dat te bereiken, kent de WKR een aantal gerichte vrijstellingen, zoals voor reiskosten, studiekosten of de bekostiging van ICT-middelen. Er is daarnaast een algemene vrijstelling — de zogenoemde vrije ruimte — die extra groot is voor kleine werkgevers. Daarbinnen kunnen allerlei zaken onbelast vergoed worden. Ook een studieschuld zou eventueel uit deze vrije ruimte kunnen worden vergoed. Ik ben geen voorstander van het introduceren van een nieuwe, gerichte vrijstelling buiten de vrije ruimte. Bovendien is de WKR al een complexe regeling. Er wordt op dit moment onderzoek uitgevoerd om de WKR beter te richten. We kijken hoe we die regeling kunnen verbeteren, ook op het gebied van administratieve lasten en de doelen die we willen behalen. Ik zou graag die evaluatie afwachten voordat we besluiten nemen over een uitbreiding van de gerichte vrijstellingen. De heer Flach vroeg waarom de opbrengst van de constructiebestrijding in de verbruiksbelasting van dranken — het spreekwoordelijke vleugje zuivel — niet wordt ingezet om de verbruiksbelasting om te zetten naar een suikerbelasting. Het kabinet heeft een stelpost afgesproken om constructies te beperken. De constructie "het vleugje zuivel" is ongeveer de meest zuivere vorm van een constructie. Sommige dranken worden alleen verkocht met een klein beetje zuivel, puur om de verbruiksbelasting te vermijden. Dit is niet geraamd, er is niet op geanticipeerd en we zijn dit nu aan het repareren. Als de omzetting naar een suikerbelasting plaatsvindt, zal dit budgetneutraal gebeuren. Het kabinet zal de Kamer hierover nog voor het zomerreces informeren, zoals eerder toegezegd. Overigens, als we deze constructiebestrijding al hadden ingezet bij de verbruiksbelasting, dan hadden we dat moeten dekken met de tabelcorrectiefactor. Dat zou hebben geleid tot minder lastenverlichting. Dan de laatste vraag. Die was van het lid Kostić. Kan de staatssecretaris toezeggen dat het rapport van Oxfam Novib wordt meegenomen in de hervorming van het belasting- en toeslagenstelsel, de zogenoemde Groene Belastinggids? De focus van de hervorming ligt bij de inkomstenbelasting en de toeslagen, want daar is het probleem het grootst. We moeten echt toe naar een eenvoudiger stelsel. Zoals de Kamer met de motie-Kouwenhoven heeft gevraagd, stuurt het kabinet nog voor het zomerreces een brief hierover. Onderdeel van de belastinghervorming is de belastingmix. Daarover zal dit kabinet geen voorstel doen, want dat is aan een volgend kabinet. Daar kan ook gekeken worden naar het rapport van Oxfam Novib. Ook de verkiezingsprogramma's kunnen daar gebruik van maken; wellicht zijn er partijen die daar grote voorstanders van zijn. Ik moet wel zeggen dat er ook een aantal voorstellen in het rapport staan, zoals een vermogensbelasting gebaseerd op CO2-uitstoot, die dan 49 miljard zou moeten opbrengen. Dat is fors. Maar het is uitvoeringstechnisch heel ingewikkeld, omdat voor het te belasten vermogen moet worden vastgesteld hoeveel CO2-uitstoot daarmee gepaard gaat. We hebben net een hele discussie gehad over box 3, die nu een opbrengst kent van ongeveer zes miljard. Als er draagvlak is in de Kamer om 49 miljard uit vermogen te halen, dan kunnen we daar natuurlijk altijd met elkaar over spreken.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dit heeft echt te maken met uitgaven. Dat is het taakgebied van mijn collega, die al aan het woord is geweest. Ik kan u geruststellen: wij gaan in ieder geval de nationale parken niet belasten.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Voorzitter, dank. We beginnen met de motie op stuk nr. 9. Die verzoekt de regering om de btw-verhoging op cultuur, media en sport alsnog door te laten gaan en de inkomstenbelasting niet te verhogen via het beperkt toepassen van de tabelcorrectiefactor. Die moet ik helaas ontraden. De reden is dat wij daar na uitvoerige debatten met uw Kamer andere keuzes in hebben gemaakt.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: De motie op stuk nr. 11 van mevrouw Van Dijk: ontraden. Die motie verzoekt de regering om de nationale CO2-heffing voor industrie af te schaffen. De nationale Klimaatwet met het klimaatdoel voor 2030 is met brede steun aangenomen, inclusief het CDA. Dit betekent ook een opgave voor de industrie. CO2-heffing is een belangrijk onderdeel van het klimaatbeleid. Het geeft bedrijven namelijk een prikkel om te verduurzamen. Dit is onderdeel van het totaalpakket, waarin het kabinet ook subsidies ter beschikking stelt. Het kabinet wil de industrie extra tijd geven om te verduurzamen en verplaatst daarom het heffingsdoel van CO2-heffing van 2030 naar 2032. Het kabinet staat open voor alternatieven die de reductie borgen naast de subsidies en gaat hierover in gesprek met de industrie. Het zomaar afschaffen van deze heffing brengt de klimaatdoelen verder uit beeld. Dat is onverstandig en dat raad ik af.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: De motie op stuk nr. 12 van de heer Idsinga heeft betrekking op het indienen van een wetsvoorstel inzake lucratief belang. Ik verzoek u vriendelijk om deze aan te houden. De internetconsultatie loopt nog of is net afgerond. We zijn bezig met een brief. Die sturen wij in de komende twee weken. Die kan betrokken worden bij het commissiedebat over nationale fiscaliteit.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Voor het commissiedebat over nationale fiscaliteit. Dat is 3 juli aanstaande.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dat is een hele goede. Ik weet niet of we daar voldoende tijd voor hebben. Dan wordt het, denk ik, september, vanwege het feit dat wij hebben afgesproken dat alle kabinetsappreciaties via zowel de onderraden als de ministerraad gaan. Ik vraag me af of dat gaat lukken in een periode van twee weken.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dan maken we een sprong naar de motie op stuk nr. 21, als ik mijn administratie op orde heb, van het lid Kostić. Daarin wordt de regering verzocht bij het vormgeven van belastinghervormingen gebruik te maken van de inzichten uit de Groene Belastinggids en het PBL te verzoeken om de zes fiscale maatregelen uit de Groene Belastinggids te betrekken bij de doorrekening in de Klimaat- en Energieverkenning 2025. Die moet ik ontraden. We zijn een demissionair kabinet. Ik denk dat dit echt iets is voor het volgend kabinet. Ik weet bijvoorbeeld dat het Planbureau voor de Leefomgeving geen nieuwe toevoeging meer kan doen aan de KEV. Om die reden ontraad ik de motie.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dan zitten wij bij de motie op stuk nr. 22 van de heer Flach. Daarin wordt de regering verzocht in het Belastingplan voorstellen te doen om de kloof tussen een- en tweeverdieners te verkleinen. Daar hebben we net een heel debat over gehad. Dit kabinet is daar geen voorstander van, onder andere vanwege het feit dat wij graag zien dat iedereen die kan werken ook bijdraagt aan de maatschappij en werken lonen moet. Eventuele groepen in de knel hebben de aandacht van het ministerie van SZW om daar met gericht beleid te zorgen voor andere oplossingen voor de mensen die niet kunnen. Om die reden moet ik de motie ontraden.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Dan de motie op stuk nr. 24. Die kreeg ik net nog even.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Als dat zo overkomt, excuus aan de heer Flach, want dat is absoluut niet het punt dat ik hier heb willen maken. Ik ben het roerend met hem eens. De motie op stuk nr. 24 is dus dubbel ontraden. De motie op stuk nr. 25 heb ik hier. Dat is een motie van de heer Dassen om te komen tot een gerichte vrijstelling in de WKR voor de vergoeding van studieschuld voor werknemers bij start-ups. Deze wil ik ook op ontijdig zetten, vanwege het feit dat de evaluatie naar de werkkostenregeling nog niet is afgerond en ik ook toegezegd heb dat ik naar aanleiding van die evaluatie in zal gaan op eventuele beleidsopties en die dan ook graag met de Kamer bespreek. Ik zie de heer Dassen overigens niet.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: Helder. Dan heb ik nog een laatste motie. Dat is de motie op stuk nr. 11 (36740) uit het Verantwoordingsdebat. Die moest nog geapprecieerd worden. Dat is een motie van mevrouw De Vries. Daarin wordt de regering verzocht een verantwoording in de vorm van een jaarlijks bericht aan de belastingbetaler vorm te geven en in te voeren, gelijk aan hoe dat in het Verenigd Koninkrijk is gebeurd. Die kan ik oordeel Kamer geven. Ik snap het voorstel van mevrouw De Vries goed. Ik vind het ook sympathiek. Het is belangrijk om als overheid verantwoording af te leggen aan de belastingbetaler. Ik wil wel even goed kunnen onderzoeken hoe we dit makkelijk kunnen uitvoeren. Mocht de motie worden aangenomen, dan vraag ik wel enige lenigheid van denken in de uitvoering van deze motie. Maar als ik die lenigheid van denken krijg, dan kan ik deze oordeel Kamer geven.

Bron, video en gesprek →
18 jun 2025 · Spreekbeurt

Staatssecretaris Van Oostenbruggen: De checkvraag is of de administratie nu compleet is.

Bron, video en gesprek →