met de regering het rapport van de parlementaire enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening "Blind voor mens en recht" (35867, nr. 6)
Bron, video en gesprek →Bijdragen bij de geselecteerde bron
Open de volledige bron →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Dank u, voorzitter. Een volgend toeslagenschandaal kan morgen weer gebeuren. Dat was de hoofdboodschap van het rapport Blind voor mens en recht, van twaalf maanden geleden. Dat is een rapport waar jarenlang aan gewerkt is door het zwaarste instrument dat wij als Kamer hebben: de parlementaire enquêtecommissie. Een volgend schandaal kan morgen weer gebeuren. Een van de oorzaken van het schandaal is dat waarschuwingen veel te vaak niet serieus werden genomen. Adviezen werden genegeerd. Rapporten zijn in een diepe la beland. Zie de vele voorbeelden van de Raad van State, de Nationale Ombudsman en het memo-Palmen. We kennen ze allemaal. Er is vaak aan de bel getrokken, maar er is weinig mee gebeurd. Daarom vond ik het pijnlijk om deze kabinetsreactie te lezen. Zo'n groot schandaal en zo'n stevig rapport, maar dan zo'n slappe reactie; ik vind het onbegrijpelijk. Het kabinet toont veel te weinig urgentie. Aanbevelingen worden doorgeschoven, verder onderzocht of soms zelfs gelijk in de prullenbak gekieperd. We hebben het hier niet over aanbevelingen van een stageopdracht of over een willekeurig lobbybriefje. Het gaat om aanbevelingen van een enquêtecommissie waarin partijen van links tot rechts vertegenwoordigd waren. Daarom vindt mijn fractie — en ik hoop de hele Kamer — het onacceptabel dat een groot deel van de aanbevelingen in een la dreigt te landen. Als het kabinet echt wil voorkomen dat een volgend schandaal morgen weer kan gebeuren, dan verwacht ik een kabinetsreactie met op pagina 1 de boodschap: we nemen het hele rapport over, en ja, het gaat tijd kosten, maar alle aanbevelingen zullen worden uitgevoerd. Dan verwacht je na twaalf maanden dat een groot deel van de aanbevelingen al in gang is gezet of vergevorderd is. Maar dat is niet het geval. Het rapport zei duidelijk: er rust een zware taak op de Tweede Kamer. Het is aan hen om een nieuw grondrechtschandaal te voorkomen, door voortvarend aan de slag te gaan met de aanbevelingen. Als Kamer hebben we dat gelukkig gedaan, een halfjaar geleden. Voor de zomer zeiden we, van links tot rechts: we omarmen het rapport en de aanbevelingen. Ik hoop daarom dat we als Kamer vandaag vasthouden aan die lijn en het kabinet oproepen om met een betere reactie te komen. Een reactie die wel recht doet aan de Kamermotie en aan de enquêtecommissie, maar belangrijker: een reactie die recht doet aan al die ouders en hun gezinnen die zijn getroffen door de overheid. Laat ik even stilstaan bij over wie we het vandaag hebben: de ouders zelf. Deze groep mogen wij als Kamer nooit vergeten. We hebben het over ouders die hun kinderen geen onbezorgde jeugd konden geven; over ouders die soms zelfs hun kinderen zijn kwijtgeraakt; over een moeder die een jaar lang in de auto heeft moeten slapen; over families bij wie er geen water meer uit de kraan kwam; over onschuldige mensen die jarenlang moesten blijven vragen wat ze nou verkeerd hadden gedaan, maar nooit antwoord kregen; over mensen die onterecht als fraudeur werden gezien, bijvoorbeeld omdat ze een handtekening waren vergeten of een verkeerde geboortedatum hadden ingevuld; over mensen die soms wel twee keer hun eigen jaarsalaris moesten terugbetalen; over mensen die aan een onmogelijke bewijslast moesten voldoen, terwijl de Belastingdienst zelf de stukken kwijtraakte. Het gaat over alleenstaande moeders, mensen met een migratieachtergrond of mensen met een kleine portemonnee, die disproportioneel vaak werden getroffen. Het gaat over mensen wier grondrechten zijn geschonden en wier levens zijn vermorzeld. Dat zijn de mensen over wie het vandaag gaat. Mensen die het debat thuis volgen, zeker de ouders zelf, ik vind het knap dat jullie weer de moed en de energie kunnen opbrengen, want ik weet hoeveel pijn het doet om elke keer opnieuw te worden geconfronteerd met al het leed. Heel veel dank aan jullie. Sterkte ermee! Voorzitter. Dan kom ik bij de aanbevelingen zelf. Ik ga ze vandaag toch allemaal even langslopen. Eigenlijk kun je ze opdelen in drie categorieën. Er zijn aanbevelingen die nog moeten worden uitgevoerd. Er zijn aanbevelingen die verder onderzocht moeten worden en, vrees ik, niet worden uitgevoerd. En er zijn aanbevelingen die al gelijk in de prullenbak zijn beland. Laat ik beginnen met de eerste categorie. Ik snap dat sommige aanbevelingen meer tijd kosten, maar ik mis de urgentie. We hebben de aanbevelingen nu al twaalf maanden en toch moeten we het als Kamer vooral doen met doorverwijzingen naar andere brieven, andere trajecten en nieuwe wetsvoorstellen. Ik wil graag weten van het kabinet wat de planning is. Wanneer verwacht het kabinet wel te kunnen zeggen dat het vergevorderd is en dat de aanbevelingen zijn opgevolgd? Ik ga het rijtje langs van aanbevelingen die verder onderzocht worden. De Wet versterking waarborgfunctie: de consultatie is een halfjaar geleden afgerond, maar er is nog geen geld beschikbaar. Constitutionele toetsing: er zou een contourennota liggen, maar die is uitgesteld. Etnisch profileren: er komt nog een reactie op het rapport van Amnesty. Opsplitsen van de Raad van State: er komt nog een contourenbrief. Recht op vergissing in de wet: komt er later aan. Maximumhoogte bij boetes: wordt de Kamer nog over geïnformeerd. Ik zie dat de bedoelingen goed zijn, maar ik vind het te lang duren. Ik wil graag weten wat de planning van het kabinet is, totdat deze aanbevelingen zijn opgevolgd. Dan komen we bij de tweede categorie. Dat zijn aanbevelingen die niet worden overgenomen, maar verder worden onderzocht. Aanbeveling 1: schaf het toeslagenstelsel af. Vijftien jaar geleden lag er al een advies om het stelsel eenvoudiger te maken. Al jarenlang worden er moties aangenomen in de Kamer, met bijna altijd dezelfde strekking: schaf het stelsel af. Een jaar geleden verscheen het Eindrapport toekomst toeslagenstelsel. Nu zegt het kabinet dat het in het voorjaar komt met een variant en met opties. Er wordt wel vast bij gezegd dat het geen geld mag kosten. Dat belooft weinig goeds. De tijd van verkennen is voorbij, het is nu tijd om politieke knopen door te hakken. Aanbeveling 2: maak de overheid aanspreekbaar … Ik wacht nog even met aanbeveling 2.
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Dank voor die vraag. Die is heel terecht. Toeslagen belanden vooral bij mensen met lage en middeninkomens. Dat weten we allemaal. Als je daarmee stopt, hebben die mensen een gigantisch probleem. Er moet dus wel iets voor terugkomen. Dat kost vaak geld. Als het geen geld kost, moet het geld worden herverdeeld van andere groepen. Ik lees echter ook in de kabinetsbrief dat aan de huidige inkomensverdeling niet getornd mag worden, maar dat die blijft staan. Dus het mag geen geld kosten, maar er mag ook niemand op voor- of achteruitgaan. Dan weet ik wel wat we over een jaar constateren, namelijk dat er niets veranderd is. Als je zo'n operatie begint, heb je aan het begin smeergeld nodig om bepaalde groepen te kunnen compenseren. Anders wordt het heel moeilijk om de toeslagen af te schaffen. Dat weten alle partijen, ook D66 en GroenLinks-PvdA. Wij hebben ook pogingen gedaan in onze doorrekeningen. En ja, het kost zeker in het begin geld. Anders heb je een hele grote groep die er fors op achteruitgaat en dat willen we als Kamer ook vaak niet. Aanbeveling 2. Maak de overheid aanspreekbaar op discriminatie. Laat eenzijdig overheidshandelen ook vallen onder de Wet gelijke behandeling. Deze aanbeveling hebben we al heel vaak gehad. Nu staat ze in het enquêterapport, maar ook de Nationaal Coördinator, de staatscommissie tegen discriminatie en racisme, het College voor de Rechten van de Mens en de parlementaire onderzoekscommissie hebben het gezegd. En wat zegt het kabinet? We gaan het verder onderzoeken; er worden verkennende gesprekken gevoerd. Hoe vaak moet deze aanbeveling nog gedaan worden? Hoeveel rapporten zijn er nodig voordat het kabinet eindelijk besluit: dit gaan we gewoon overnemen? Aanbeveling 3. Verhoog de vergoedingen voor de sociale advocatuur. Het is cruciaal, zo weten we ook uit het toeslagenschandaal, dat het recht beschikbaar is voor iedereen. Mensen kunnen immers in grote financiële problemen komen door bijvoorbeeld ontslag, scheiding, verlies van verblijfsvergunning of een woning. Ze hebben zelf vaak niet genoeg geld om advies in te winnen. Daarom moet rechtshulp er voor iedereen zijn. Het kabinet schrijft: we wachten nog op de commissie-Van der Meer II. Dan is wel de vraag: gaat het kabinet vervolgens dat advies overnemen of — dat is mijn vrees — is er geen geld gereserveerd en betekent het eigenlijk helemaal niks? Graag een reactie. Aanbeveling 4. Harmoniseer relevante begrippen in de sociale zekerheid. Het kabinet zegt: we gaan verder onderzoeken wat er mogelijk is. Aanbeveling 5. Zorg voor een landelijk dekkend netwerk bij sociaal-juridische vraagstukken. Het kabinet gaat onderzoeken of dit kan. Voorzitter. Worden er alleen maar aanbevelingen vooruitgeschoven door dit kabinet? Nee. Bij sommige aanbevelingen is het kabinet heel helder. Die worden gelijk in de prullenbak gegooid: Aanbeveling 1. Versterk de Autoriteit Persoonsgegevens, door het budget te verhogen, zodat ze haar wettelijke taak naar behoren kan vervullen. Het kabinet weigert dit te doen. Aanbeveling 2. Verleng de bezwaartermijn tot twaalf maanden, zodat burgers beter gehoord en gezien kunnen worden. Het kabinet weigert dit te doen. Aanbeveling 3. Introduceer een recht op persoonlijk contact. Ouders hebben jarenlang in onzekerheid gezeten, omdat niemand bij de overheid ze kon vertellen wat er aan de hand was. En toch weigert het kabinet deze aanbeveling over te nemen, met als onderbouwing dat niet elk contactmoment tussen burger en overheid gepaard kan gaan met persoonlijk contact. Maar dat hoeft ook helemaal niet. De meeste keren is het gelukkig niet nodig; het gaat juist om de gevallen waarin het wel nodig is. Het Juridisch Loket zegt dan ook: zorg voor een dienstbare overheid, een overheid die begrijpelijke brieven stuurt, die je kan bellen voor uitleg als je het niet begrijpt en waar ambtenaren ook de tijd en ruimte krijgen om mensen te helpen. Aanbeveling 4. Zorg voor divers samengestelde teams met voldoende ruimte voor ambtelijke tegenspraak. Voorzitter. We hebben allemaal de brandbrief kunnen lezen van twee maanden terug, waarin ambtenaren aangeven nog steeds grote problemen te hebben met discriminatie op de werkvloer. Deze mensen worden keer op keer geconfronteerd met ongelijkheid, wantrouwen en vooringenomenheid. Ik hoor graag van deze minister van Binnenlandse Zaken, maar eigenlijk, belangrijker nog, van het hele kabinet hoe het ervoor gaat zorgen dat de overheid daadwerkelijk een werkplek is voor en door alle Nederlanders. Voorzitter. Ik kom tot een afronding. De enquêtecommissie schrijft terecht: het zou onvergefelijk zijn als uit dit rapport geen lering wordt getrokken. En deze negentien aanbevelingen zouden voor Kamer en kabinet topprioriteit moeten zijn, want de patronen die ten grondslag lagen aan het schandaal zijn tot op de dag van vandaag niet doorbroken, waardoor een volgend schandaal morgen weer kan gebeuren. Er zijn de afgelopen jaren veel excuses gemaakt en er is veel "sorry" gezegd, en terecht. Wat hebben de mensen thuis aan "sorry", als we met elkaar niet bereid zijn om vervolgens ook echt actie te ondernemen? Die verwoeste levens van al deze ouders zijn immers niet meer te repareren. Die ontnomen zorgeloze jeugd kunnen we helaas nooit meer teruggeven. Wat we wel kunnen doen voor al deze ouders, is ervoor zorgen dat niemand ooit nog mee hoeft te maken wat deze ouders is aangedaan. Ik roep daarom het kabinet op: kom snel met een betere kabinetsreactie, een reactie die wel recht doet aan alle negentien aanbevelingen. Maar ook de Kamer spreek ik aan. Met elkaar waren we eensgezind voor de zomer. Laten we dit vasthouden met elkaar en oproepen tot een betere reactie, zodat we er alles aan gedaan hebben om te zorgen dat een volgend schandaal nooit meer kan gebeuren. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ja, hoe heet hij ook alweer?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ik ben het heel erg eens met het laatste betoog van mevrouw Van Dijk, dat we het als Kamer ook prioriteit moeten blijven geven. Aan het begin zei mevrouw Van Dijk: er is een verschil tussen woorden en daden. Dat klopt. Tegelijkertijd waren ook alle partijen hiervoor kritisch op de woorden van het kabinet, op de reactie zelf. Deelt het CDA die kritiek?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Toen ik de reactie van het kabinet las, was de grote vraag bij onze fractie: wat is hier nou misgegaan? Ik zal een vooroordeel delen. Ik dacht: de VVD-fractie heeft vast dingen geblokkeerd. Ik ben blij om te horen dat dat eigenlijk helemaal niet het geval is. Sterker nog, ik hoor: "Pijnlijk zichtbaar; teleurstellend. De urgentie wordt onvoldoende gevoeld. Ik mis samenhang. Ik mis reflectie. Ik mis een rode draad." Dat zijn eigenlijk allemaal woorden die ik heel erg deel. Dus mijn cruciale vraag aan de VVD is: deelt de VVD de oproep van alle partijen hiervoor dat er een betere kabinetsreactie moet komen?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Dat is nog het minst erge aan uw betoog. We hebben net acht partijen gehad, van de SP tot en met de VVD, die zeiden: teleurstellende reactie van het kabinet. Schaart de PVV zich in dat rijtje of is de PVV de enige partij die het wel een goede reactie van het kabinet vond?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Het gaat om het deel dat niet uitgevoerd wordt, de aanbevelingen die blijven liggen. Nu zeggen alle partijen: er moet meer gebeuren, want we willen voorkomen dat een volgend schandaal weer kan gebeuren. Deelt de PVV die opvatting of zegt zij: hier kunnen we mee verder; laat maar zoals het is?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Dat was in april. Ik was erbij. Het punt is juist ... Ik weet dat de PVV niet alle aanbevelingen steunt, maar vindt zij wat hier nu ligt voldoende? Is deze brief goed genoeg? Anders hebben we straks een situatie ...
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ik was nog even bezig. Anders hebben we straks de situatie dat de hele Kamer het onvoldoende vindt, behalve de PVV. Dat komt niet vaak voor. Ja, misschien bij de persworst van mevrouw Faber, maar bij deze reactie had ik niet verwacht dat alleen de PVV zou zeggen "wat er nu ligt is voldoende".
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Een korte vraag om dat nog duidelijker te krijgen. In april kwam er een tweet van Nieuw Sociaal Contract met de boodschap: "Laat het duidelijk zijn: NSC omarmt alle aanbevelingen ruimhartig". Nu hebben wij een brief gehad, en dat is niet gebeurd; ze zijn niet allemaal overgenomen en zeker niet ruimhartig. Deelt NSC de kritiek van de SP tot en met de VVD dat er een betere reactie moet komen of gaan we hier nu toch doen alsof dat eigenlijk wel al gebeurd is? Volgens mij kan het niet allebei waar zijn.
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ik wou een punt van orde maken, want ik ben eigenlijk door mijn interrupties heen. Aan het begin van het debat zeiden we: we nemen goed de tijd, want we hebben tot vanavond laat de tijd. Daarna werd gezegd: het worden zes interrupties. Ik zou willen voorstellen om daar toch twee aan toe te voegen. De SP en D66 zijn anders klaar met interrupties. Dat zou zonde zijn voor het debat.
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Een punt van orde is toch ook een vraag aan de collega's van de andere fracties of zij het verzoek kunnen steunen?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Ik vind het prima als dit een nieuw systeem wordt. Ik vind alle vragen van de heer Omtzigt terecht, maar wat is de boodschap aan het kabinet na dit debat? Dat blijft voor mij de cruciale vraag. Bijna alle fracties hiervoor zeiden dat er echt iets beters moet komen. Ik hoor dat NSC vooral voortgangsrapportages wil. Daar ben ik het mee eens, maar moet er een tandje bij of kunnen ze doorgaan op de ingeslagen weg? Met dat laatste ben ik bang dat het rapport in een la belandt. Dat zei de oud-voorzitter gisteren ook. Dat doet hij niet zomaar. Deelt de heer Omtzigt die angst dat het rapport in een la gaat belanden?
Bron, video en gesprek →De heer Stultiens (GroenLinks-PvdA): Dank aan collega Flach voor deze laatste interruptie. Ik heb die stukken gelezen. In geen stuk staat dat alle negentien aanbevelingen worden overgenomen. Dat staat niet in het coalitieakkoord, niet in het regeerprogramma en ook niet in deze kabinetsreactie. Daar maak ik me zorgen over. Ik had juist graag gelezen dat het kabinet ze allemaal overneemt, maar dat het tijd gaat kosten. Daar ben ik het mee eens. Misschien duurt het nog wel jaren. Maar is het eindpunt als Kamer dat we eisen dat alle negentien aanbevelingen een groen vinkje moeten krijgen, binnen een halfjaar, een jaar of twee jaar? Is dat waar we naar streven met elkaar? Ik hoop van wel.
Bron, video en gesprek →