Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2026–2027 21 501-02 Raad Algemene Zaken en Raad Buitenlandse Zaken Nr. 3490 MOTIE VAN HET LID HOOGEVEEN Voorgesteld 8 oktober 2026 De Kamer, gehoord de beraadslaging, constaterende dat zowel de Combined Maritime Forces als de EU-operaties ASPIDES en ATALANTA actief zijn op het terrein van maritieme veiligheid in en rond de Rode Zee; overwegende dat Nederland formeel deelnemer is aan de Combined Maritime Forces, waarin ook belangrijke bondgenoten als de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk met omvangrijke militaire capaciteiten actief zijn; constaterende dat de IOB in haar evaluatie van de Nederlandse inzet in de Rode Zee concludeert dat de internationale militaire inspanningen versnipperd waren en dat bundeling van krachten mogelijk effectiever was geweest; verzoekt de regering om bij toekomstige Nederlandse maritieme inzet in en rond de Rode Zee nadrukkelijk de mogelijkheden binnen de Combined Maritime Forces te bezien; verzoekt de regering in Europees verband aan te dringen op bundeling van krachten met internationale partners voor een effectievere inzet van beschikbare capaciteiten, en gaat over tot de orde van de dag. Hoogeveen kst-21501-02-3490 ISSN 0921 - 7371 ’s-Gravenhage 2026 Tweede Kamer, vergaderjaar 2026–2027, 21 501-02, nr. 3490 -- 1 of 1 --
Bron, video en gesprek →72debatten
712bijdragen
328interrupties
89.498woorden in uitspraken
Partijen door de tijd: JA21 (2025-11-12–heden) ·