NAVO-top
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De heer Stoffer (SGP): Dank, voorzitter. Ik kan niet het hele debat aanwezig zijn vanwege andere verplichtingen die er deze week zijn, maar ik hoop zo veel mogelijk van de eerste termijn bij te wonen. Mijn eerste termijn is als volgt. Volgende week komen de NAVO-regeringsleiders bijeen in Ankara. Zij spreken daar over belangrijke vragen, zoals hoe de in Den Haag afgesproken budgetten worden vertaald naar concrete capaciteiten. Uiteindelijk gaat het niet om streefcijfers of hoeveel geld we uitgeven, maar om wat we militair kunnen leveren om onszelf en onze bondgenoten veilig te houden. Terwijl Oekraïne al meer dan vier jaar moedig weerstand biedt, bouwt Rusland nieuwe barakken en munitiedepots langs de grenzen met Noord-Europese NAVO-landen, de Baltische Staten en Polen. Dat is een uiterst zorgwekkende ontwikkeling. Graag hoor ik van het kabinet hoe de uitbreiding van de Russische militaire aanwezigheid rond de NAVO-buitengrens wordt getaxeerd, maar vooral welke afschrikking het bondgenootschap hiertegenover stelt. Kan de minister de berichtgeving bevestigen dat bepaalde Amerikaanse bijdragen aan de Europese veiligheid nu al niet meer worden meegenomen in de reguliere NAVO-planning, maar alleen nog als back-up gelden voor wanneer Europese landen in een direct conflict terechtkomen? Voorzitter. Terecht heeft Oekraïne, net als voorgaande jaren, een prominente plaats aan tafel bij de NAVO-top. Dat geldt ook voor partnerlanden uit het Midden-Oosten en de Indo-Pacific. Vanzelfsprekend heeft de verdediging van het verdragsgebied de eerste prioriteit. Maar juist daarom kunnen we niet voorbijgaan aan ontwikkelingen daarbuiten. Zoals we dagelijks leren van de Oekraïense tactieken en innovaties, zo kunnen we van Zuid-Korea en Taiwan leren hoe we onze samenleving weerbaar maken tegen intimidatie, desinformatie en andere vormen van hybride oorlogsvoering. Mijn vraag is: kan de minister toelichten hoe de Indo-Pacificpartners worden betrokken bij zowel de NAVO-top zelf als het defensie-industrieforum? Hoe wordt onze Nederlandse industrie in de etalage gezet, is mijn vraag daarbij. Vooruitlopend op de behandeling van de Defensienota na het reces, hoor ik graag alvast een nadere onderbouwing van de keuze om bij de aanschaf van nieuw materieel niet langer in het openbaar te spreken over aantallen en de specifieke invulling van capaciteiten. Transparant waar het kan, maar vertrouwelijk waar het moet; die lijn kan de SGP volgen. We moeten de vijandelijke mogendheden niet wijzer maken dan ze al zijn. Ik heb hier wel een paar vragen over. Kan de minister toezeggen dat aan het budgetrecht van de Kamer niet wordt getornd? Kan zij, met andere woorden, toezeggen dat de Kamer dezelfde informatie blijft ontvangen als voorheen, zij het nu via vertrouwelijke bijlagen? Hoe wordt deze nieuwe vertrouwelijkheid afgestemd met bondgenoten? Waar de minister op de vrijdagse persconferentie sprak over de aanschaf van drones ter waarde van 250 miljoen euro, wist haar Oekraïense ambtgenoot een dag later te melden dat het ging om 700 kruisvluchtwapens. Mijn vraag is: is de minister het met ons eens dat het wenselijk is dat de NAVO één gezamenlijke lijn hanteert voor de omgang met vertrouwelijke informatie over wapenleveranties? Zo voorkomen we dat landen terughoudender worden met steun en dat bondgenoten elkaar onbedoeld in een lastige positie brengen. Voorzitter. Nog enkele woorden over de gastheer. Turkije blijft een noodzakelijke, maar tegelijkertijd ongemakkelijke bondgenoot. Het is voor de SGP echt onbestaanbaar dat Turkse journalisten de toegang tot deze top simpelweg wordt geweigerd. De NAVO gaat niet alleen over dát we verdedigen, maar ook over wát we verdedigen: onze vrijheden en onze democratische rechtsstaat. De doelen van de Turkse buitenlandpolitiek staan regelmatig op gespannen voet met Europese veiligheidsbelangen, maar ook met die van minderheden, onder meer in Syrië. De Turkse defensie-industrie is zodanig sterk verweven met de machtskring rondom Erdogan dat je een Turks defensiebedrijf als Baykar geen toegang moet geven tot Europese defensieketens. Mijn vraag is dan ook of de minister kan bevestigen dat Nederland vasthoudt aan het standpunt dat Turkije geen toegang krijgt tot SAFE? Ik reken erop dat het kabinet ervoor waakt dat Turkije deze top benut om druk uit te oefenen op de Europese bondgenoten. Tot zover, voorzitter. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →De heer Stoffer (SGP): Een terecht pleidooi vanuit D66 voor onze Europese defensie-industrie. Daarbinnen denk ik dan altijd nog: wat betekent dat voor de Nederlandse defensie-industrie? Zou er misschien iets gezegd kunnen worden over de visie van D66 op onze industrie en over hoe wij met ons bedrijfsleven mee zouden kunnen profiteren als we minder in Amerika en meer in Europa doen?
Bron, video en gesprek →De heer Stoffer (SGP): Dank voor dat antwoord. Heel specifiek: natuurlijk gaat het ook over wat we in Brussel doen, maar ik kijk naar de overkant. Daar zit een minister van Defensie met een grote zak geld. Dat betekent dat we ook van daaruit keuzes kunnen maken. Ik hoor van heel veel Nederlandse bedrijven dat zij echt bezig zijn met goede ontwikkelingen, maar dat zij op dit moment niet echt voet aan de grond krijgen bij Defensie. Ik kan niet beoordelen of dat klopt; ik kan daar niet in kijken. Ik weet ook dat aanbestedingen soms best ingewikkeld zijn, maar zou D66 de minister van Defensie en volgens mij ook de staatssecretaris, die over het materieel gaat, er een beetje toe willen aanzetten om ervoor te zorgen dat innovaties die hier in Nederland plaatsvinden echt een kans krijgen, voor mijn part in een pilotstatus of weet ik veel wat? Als het dan nodig is, kunnen we onze rol dan immers echt volop spelen. Laat ik daarbij zeggen dat ik niet bedoel dat alles binnen deze landsgrenzen moet gebeuren en niks in andere landen. Nee, een sterk Europees defensiebeleid, maar ook onze industrie kansen geven.
Bron, video en gesprek →