KamerkringInloggen
Kamerbrief

Interdepartementale Uitvoeringsagenda Biotechnologie 2026

23 jun 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie bbb49deb71bd6b46 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202627 428Beleidsnota BiotechnologieNr. 413 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN ENKLIMAAT, DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT, DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VANLANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSELZEKERHEID EN NATUUR, DEMINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT EN DEMINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 23 juni 2026In het Coalitieakkoord 2026–2030 is life sciences en biotechnologiebenoemd als één van de vier strategische domeinen die essentieel zijnvoor onze toekomstige economie en ons maatschappelijk welzijn. Ookwordt genoemd dat biotechnologie zal bijdragen aan de voedselproductievan de toekomst. Het Coalitieakkoord benadrukt de ingezette lijn van deKabinetsvisie Biotechnologie 2025–20401 en het belang van biotechno-logie voor de economie en onze maatschappelijke opgaven.Het kabinet heeft op 6 maart jongstleden zes taskforces een opdrachtgegeven. Eén van deze taskforces is gericht op toekomstige welvaart envestigingsklimaat2. Hierin wordt gevraagd om binnen zes maanden eenplan van aanpak te formuleren voor elk van de strategische domeinen inhet industriebeleid, waaronder life sciences en biotechnologie. Debestaande interdepartementale samenwerking op biotechnologie zalactief gebruikmaken van dit momentum.Met deze brief biedt het kabinet de Interdepartementale Uitvoeringsa-genda Biotechnologie 2026 (hierna Uitvoeringsagenda 2026) aan uwKamer aan (bijlage 1), die voortvloeit uit de eerder aan uw Kamergestuurde Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025 – 20403. Ook wordt hetrapport Burgerconsultatie Biotechnologie bij deze brief meegestuurd(bijlage 2) wat als opmaat dient voor het inrichten van een structureledialoog met burgers over ontwikkelingen in de biotechnologie.1Kabinetsvisie op biotechnologie 2025-20402Opdrachtbrief Ministeriële Taskforce Toekomstige Welvaart en Vestigingsklimaat3Kamerbrief over Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025-2040 Kamerstuk 27 428, nr. 408 kst-27428-413ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4131 Wat is biotechnologie?Biotechnologie is het gebruik van levende organismen of hunonderdelen (zoals enzymen of cellen) om producten te ontwikkelenen processen te verbeteren. Het combineert biologie met techno-logie. Dit gebeurt al eeuwenlang, bijvoorbeeld bij het maken vankaas, brood en yoghurt via fermentatie.De mogelijkheden om in te grijpen in biologische processen nementoe, evenals de snelheid waarmee dit gebeurt. Deze «moderne»biotechnologie kent veel toepassingen in gezondheid, voedselpro-ductie en de circulaire economie. Denk aan gewassen die beterbestand zijn tegen droogte en ziekten, nieuwe gentherapieën voor(zeldzame) aandoeningen en het omzetten van biomassa induurzame materialen en brandstoffen. Met deze nieuwe mogelijk-heden komen ook nieuwe vragen over wat (on)wenselijk is.De Uitvoeringsagenda 2026 richt zich enerzijds op de acties die afgelopenjaar in gang zijn gezet, en anderzijds op wat de komende periode nodig isom de ambities uit de Kabinetsvisie een stap dichterbij te brengen. Dezerollende Uitvoeringsagenda is in ontwikkeling en zal jaarlijks wordenherijkt om te zorgen dat we ons blijven richten op de actuele kansen enknelpunten. De agenda zal de komende jaren dus steeds concreter wordenen een actuele reflectie geven van de benodigdheden uit de samenleving.Het kabinet gaat hierover graag het gesprek aan met uw Kamer.Leeswijzer bij deze Kamerbrief:In deze Kamerbrief wordt allereerst ingegaan op de ambities en doelengesteld in de Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025–2040 en wordt belichtwelke (beleids)thema’s daarbij een rol spelen. Afgelopen jaar zijn erbinnen en buiten het biotechnologie-beleid veel ontwikkelingen geweestdie in deze brief geschetst worden. Vervolgens komt de uitvoering van deKabinetsvisie meer in praktische zin aan de orde: wat is hierbij van wienodig en welke randvoorwaarden zijn daarbij van belang. Tenslotte wordtde Uitvoeringsagenda kort geïntroduceerd en krijgen de belangrijksteacties daaruit een plek in deze brief.Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025–2040Stip op de horizon:«In een veranderende wereld willen we als Nederland wereldwijd totde kopgroep behoren in onderzoek, ontwikkeling en toepassing vanbiotechnologie. Biotechnologie draagt bij aan de maatschappelijkedoelstellingen die we hebben op het terrein van gezondheid, vancirculaire economie en van voedselproductie.We zetten onze overheidsinstrumenten op het gebied van innovatieen valorisatie hier gerichter op in en we maken ons in Nederland enEuropa sterk voor een toekomstgericht en veerkrachtig regelgevendkader. Hiermee worden de kansen die biotechnologie biedt benut enblijft de veiligheid voor mens, dier en milieu gewaarborgd.»Vier beoogde maatschappelijke effecten:ËIn 2040 draagt biotechnologie meer bij aan een bloeiende entoekomstbestendige economie;ËIn 2040 draagt biotechnologie eraan bij dat mensen langer ingoede gezondheid leven dan nu;ËIn 2040 draagt biotechnologie meer bij aan een leefbaar klimaaten een circulaire economie;Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4132 ËIn 2040 draagt biotechnologie meer bij aan voedselzekerheid,duurzame landbouw en voedselproductie, en aandierwaardigheid.De noodzaak van een langetermijnvisie biotechnologieDe ontwikkeling van biotechnologie gaat razendsnel en het internationalespeelveld is sterk in beweging. Dit vraagt om versnelling in onderzoek,innovatie en toepassing van kennis, zodat Nederland de kennispositie kanbehouden en kansen kan benutten. Tegelijkertijd kunnen biotechnolo-gische toepassingen gevolgen hebben voor de veiligheid van mens, dieren milieu en de nationale veiligheid4. Dit vraagt om zorgvuldigheid endialoog met stakeholders en burgers. Hierbij is een afgewogen integralelangetermijnvisie noodzakelijk om richting te geven aan publieke enprivate investeringen, ruimte te bieden aan innovatie binnen duidelijkekaders, en het brede veld van partijen in en rondom de biotechnologietijdig en zorgvuldig te betrekken5.Snelheid versus zorgvuldigheidHet kabinet staat voor een voortdurende afweging tussen snelheid enzorgvuldigheid op het gebied van biotechnologische ontwikkelingen.Versnelling van innovatie en toepassing kan bijdragen aan economischeen maatschappelijke doelen, maar kan ook vragen oproepen over(ethische) risico’s en randvoorwaarden. In de komende periode zullen bijde verdere uitwerking van beleid steeds weer keuzes nodig zijn over waarversnelling wenselijk is – of waar bijvoorbeeld extra waarborgen ofmaatschappelijke dialoog nodig is. Juist op het gebied van biotechnologiekunnen (ethische) dilemma’s opspelen en is maatschappelijk draagvlaknodig om beleid te maken dat past bij de wensen uit de samenleving. Ditalles vraagt om zorgvuldige afwegingen, een gedegen regelgevend kaderen een ethisch afwegingskader.De terugkerende uitdaging bij de Kabinetsvisie op Biotechnologie ende bijbehorende uitvoering is: hoe benutten we het potentieel vanbiotechnologie optimaal en hoe minimaliseren we tegelijkertijd derisico’s? En: hoe zorgen we blijvend voor maatschappelijkdraagvlak?Wat vinden Nederlandse burgers van biotechnologie?Conclusie uitgevoerde burgerconsultatie: de mate vanacceptatie van biotechnologie hangt niet alleen af van de toepassingzelf, maar ook van de manier waarop zij wordt ontwikkeld, geregu-leerd en ingebed in de samenleving. Wanneer biotechnologieaantoonbaar veilig is, transparant wordt toegepast, duidelijkeethische grenzen respecteert en zichtbaar bijdraagt aan publiekedoelen, bestaat er brede bereidheid om deze innovaties te onder-steunen. Tegelijkertijd blijft er een duidelijke verwachting datoverheid, wetenschap en bedrijven gezamenlijk verantwoorde-lijkheid nemen om risico’s te beperken en publieke waarden centraalte stellen.4Onder nationale veiligheid verstaan we de bescherming van onze nationale veiligheidsbe-langen tegen dreigingen die deze belangen kunnen schaden en daarmee maatschappelijkeontwrichting kunnen veroorzaken. Dit doen we door dreigingen te verminderen en deweerbaarheid tegen dreigingen te vergroten.5Trendanalyse biotechnologie 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4133 Vanwege de geschetste uitdagingen acht het kabinet het van groot belanginzicht te hebben in de wijze waarop in de samenleving wordt gedachtover biotechnologie. Ten behoeve van deze Uitvoeringsagenda Biotechno-logie 2026 is daarom een eerste verkennend onderzoek uitgevoerd (bijlage2), gericht op het in kaart brengen van de kansen, zorgen en wensen dieburgers ten aanzien van biotechnologie ervaren. Dit burgerperspectiefvormt een aanvulling op de inzichten van stakeholders in het biotechnolo-gieveld. Het kabinet is voornemens dit perspectief in de komende jarenmet regelmaat te blijven ophalen. Als eerste zal gelijktijdig met deuitvraag aan de COGEM en Gezondheidsraad voor het opstellen van eenvolgende Trendanalyse Biotechnologie een gepaste vorm van burgercon-sulatie over biotechnologie plaatsvinden.Biotechnologiebeleid in een bredere (politieke) contextAfgelopen jaar hebben er binnen en buiten het biotechnologiebeleid veelrelevante ontwikkelingen plaatsgevonden die we hier kort schetsen enkoppelen aan wat er de komende tijd concreet moet gebeuren op hetgebied van biotechnologie.Internationale relevantieHet mondiale speelveld is sterk in beweging. Landen als de VerenigdeStaten en China zien de potentie van biotechnologie en investeren hierfors in. Tegelijkertijd nemen geopolitieke spanningen toe en groeit hetbelang van strategische autonomie op kritieke technologieën zoals ookbiotechnologie. Het meest recente Dreigingsbeeld Statelijke Actorenonderstreept de onverminderd hoge dreiging vanuit statelijke actoren dieheimelijke en openlijke economische instrumenten inzetten om hungeopolitieke doelen te bereiken6. Ook tegen deze achtergrond is het voorNederland van toenemend belang om de sterke kennispositie tebehouden en innovaties te valoriseren.Momentum in EuropaIn het licht van bovengenoemde geopolitieke ontwikkelingen is er veelEuropees momentum ontstaan op het gebied van strategische autonomieen weerbaarheid. Biotechnologie wordt nu ook in Europa gezien als vancruciaal belang voor het concurrentievermogen en de modernisering vande Europese economie7. Daarnaast wordt Europees de connectie gelegdtussen verdienvermogen en duurzaamheid8 en wordt een stevigekennispositie als essentieel gezien9.Afgelopen jaar zijn er door de Europese Commissie dan ook diversevoorstellen gedaan en aangekondigd waarin harmonisatie van regel-geving een belangrijke pijler is, zoals de Biotech Acts I & II en de OmnibusFood & Feed Safety. Ook IPCEI (Important Project of Common EuropeanInterest) is een Europees instrument dat kansen biedt op het gebied vanbiotechnologie. Een actieve, doelgerichte inzet van Nederland zowelrichting de Europese Commissie als via partnerschappen met gelijkge-stemde lidstaten ziet het kabinet als van groot belang.6AIVD, MIVD, NCTV, Dreigingsbeeld Statelijke Actoren 2025.7Mededeling van de Europese Commissie. Bouwen aan de toekomst met de natuur: biotechno-logie en biofabricage in de EU bevorderen (2024).8EU Bioeconomy Strategy9Strategy for European Life Sciences – Research and innovationTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4134 Wennink-rapport «de route naar toekomstige welvaart»Zoals in de introductie van deze brief is aangegeven wordt het belang vanbiotechnologie in het Coalitieakkoord onderstreept. Voorafgaand aan hetcoalitie-akkoord is in december 2025 het Wennink-rapport De route naartoekomstige welvaart10 gepubliceerd als «vertaling» naar de Nederlandsecontext van het Draghi-rapport11. Het Wennink-rapport duidt biotechno-logie expliciet aan als een cruciale technologie voor de toekomst vanNederland, met in het bijzonder aandacht voor de economische kansen ophet gebied van gezondheid, duurzaamheid en landbouw. In deNTS-actieagenda biomolecular & cell technologies die begin 2026 isverschenen wordt dit belang nogmaals onderstreept12.Het Wennink-rapport stelt dat life sciences & biotechnologie één vande vier bepalende domeinen voor onze toekomstige welvaart is.Deze vier domeinen vormen gezamenlijk de ruggengraat van degrote transities van deze eeuw, kennen een explosief groeiendevraag en spelen een steeds grotere rol in de geopolitieke machtsver-houdingen. Door gericht in deze gebieden te investeren kanNederland zijn strategische positie binnen Europa en de wereldversterken en bijdragen aan oplossingen voor de grote uitdagingenvan deze tijd13.Biotechnologiebeleid in samenwerking met het brede veldDe uitvoering van de Kabinetsvisie blijft om nauwe samenwerking tussende betrokken departementen vragen. De Minister van Economische Zakenen Klimaat is in samenwerking met de Staatssecretaris van Infrastructuuren Waterstaat het eerste aanspreekpunt. De uitwerking van specifiekeacties ligt bij de departementen die inhoudelijk verantwoordelijk zijn. Dehuidige interdepartementale samenwerking wordt gecontinueerd en waarnodig verder versterkt.Bij het aanbieden van de Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025–2040 heefthet kabinet óók aangegeven het essentieel te vinden de verdereuitwerking en uitvoering van de visie in structurele samenwerking te latenplaatsvinden met het brede biotechnologieveld (bedrijven, kennisinstel-lingen, maatschappelijke organisaties, burgers). Om de ambitieuze doelenuit de visie te realiseren, werkt het kabinet aan een versteviging enverduidelijking van de governance rond het biotechnologiebeleid.Het kabinet neemt hiertoe het voortouw en werkt vanuit de Kabinetsvisieaan een Uitvoeringsagenda die jaarlijks bijgesteld en geconcretiseerdwordt. Binnen de voorziene governancestructuur worden verschillendestakeholdergroepen betrokken via een investeringstafel met het bedrijfs-leven en een maatschappelijke tafel met maatschappelijke organisaties.Daarnaast richt het kabinet burgerconsultatie op structurele wijze in. Dezegremia leveren input en signaleren knelpunten14: de uiteindelijkebesluitvorming over de Uitvoeringsagenda ligt bij het kabinet. Debenodigde governancestructuur wordt in de tweede helft van 2026 verderuitgewerkt en ingericht, waarbij ook wordt gekeken naar aansluiting bijbestaande overlegstructuren en samenwerkingsverbanden.10Rapport Wennink – De route naar toekomstige welvaart11Kabinetsreactie Draghi-rapport12NTS Actieagenda biomolecular & cell technologies (2026)13Strategy for European Life Sciences – Research and innovation14Richting responsief biotechbeleid | Rathenau Instituut (2026)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4135 InvesteringenDe Kabinetsvisie en bijbehorende acties in de Uitvoeringsagenda voor dekorte en lange termijn zijn ambitieus. Als wordt gekeken naar devoorstellen van Wennink op het terrein van life sciences en biotechno-logie, de NTS agenda biomoleculair & cell technologies en het budget datnodig is om mee te kunnen doen met IPCEI’s op het terrein van biotechno-logie, vraagt dit om forse publieke en private investeringen. Voor depublieke investeringen wordt gekeken naar de bestaande middelenbinnen de Rijksbegroting. Aan de Taskforce Toekomstige Welvaart enVestigingsklimaat is de opdracht gegeven om voor het domein lifesciences en biotechnologie te komen met een investeringsplan gebaseerdmede op de voorstellen van «Wennink»15.Acties en vervolgSinds het uitkomen van de Kabinetsvisie op Biotechnologie 2025–2040 iser hard gewerkt aan een divers en omvangrijk pallet aan acties. In deUitvoeringsagenda 2026 zijn alle activiteiten in detail terug te lezen, ziebijlage 1.Een greep uit de Interdepartementale Uitvoeringsagenda2026:•Actieve beïnvloeding van EU-wetgeving (gericht op o.a. innova-tie, harmonisatie, toekomstbestendigheid en vereenvoudiging).•Toewerken naar meer ruimte voor experimenten met biotechno-logische innovaties binnen bestaande wet- en regelgeving(regulatory sandboxes).•Verhogen private investeringen met het 3%-R&D-actieplan.•Investeringsstrategie biotechnologie Invest-NL om grootsteeconomische kansen te identificeren: het adresseren vanopschalings- en financieringsknelpunten.•Creëren van lead markets (vraagcreatie) op EU-niveau.•Opschaling naar commerciële installaties en realisatie first-of-a-kind innovaties.•Inzet op Important Projects of Common Europe Interest (IPCEI)voor biotechnologie.•Specifieke acties op drie maatschappelijke opgaven: (1) beteregezondheid, (2) leefbaar klimaat en circulariteit & (3) voedselze-kerheid, duurzame landbouw & voedselproductie en dierwaardig-heid.•Start burgerconsultatie biotechnologie en ontwikkeling structu-rele aanpak.VervolgstappenMet de rollende Uitvoeringsagenda worden de lange termijn ambities uitde Kabinetsvisie jaarlijks geconcretiseerd en gemonitord. Steeds moetkritisch worden bezien wat overstijgend nodig is en welke specifiekeacties nodig zijn op de afzonderlijke maatschappelijke doelen. Devoortgang en aanscherpingen komen ieder jaar terug in een geactuali-seerde uitvoeringsagenda die in het tweede kwartaal aan de TweedeKamer wordt verstuurd.De komende periode richt de interdepartementale samenwerking zich op:–Het uitwerken van tussentijdse doelen voor 2030;–Het koppelen van publieke en private acties, planningen en middelenaan die tussentijdse doelen;15Rapport Wennink – De route naar toekomstige welvaartTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4136 –Het inrichten van monitoring, gestandaardiseerde voortgangsrappor-tage en bijsturing waar nodig;–Het inbedden van cyclische burgerconsultatie en het ontwikkelen vaneen (ethisch) afwegingskader;–De implementatie van een passende biotechnologie governance(voorzien voor de tweede helft van 2026) met bijbehorende periodiekeoverlegmomenten met stakeholdergroepen.Leeswijzer bij de Uitvoeringsagenda Biotechnologie 2026In bijlage 1 bij deze brief treft u de Interdepartementale Uitvoeringsa-genda Biotechnologie 2026. Paragraaf 1 daarin behandelt de diverseacties die tezamen bijdragen aan de integrale versterking van biotechno-logie in Nederland. Dit gebeurt in lijn met de Kabinetsvisie langs vieruitvoeringsthema’s: (I) economie, (II) onderzoek, innovatie en mensen, (III)nationale veiligheid en (IV) wet- en regelgeving. Dan volgen drieparagrafen met acties gekoppeld aan specifieke maatschappelijke doelen.Kort gezegd gaat dit over een betere gezondheid (par 2), leefbaar klimaaten circulariteit (par 3) en duurzame landbouw en voedselproductie, endierwaardigheid (par 4). Paragraaf 5 gaat over governance en daarmeeover het verstevigen van de interdepartementale samenwerking én desamenwerking met partners buiten de rijksoverheid.Tot slot gaat paragraaf 6 over burgerconsultatie waarin wordt geïntrodu-ceerd hoe burgers worden betrokken bij biotechnologische ontwikke-lingen.De Minister van Economische Zaken en Klimaat,H.G. HerbertDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.W.H. BertramDe Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,J. van EssenDe Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,S.P.A. ErkensDe Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,S.T.M. HermansDe Minister van Klimaat en Groene Groei,S. van Veldhoven-van der MeerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 27 428, nr. 4137

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · a7df0ecdf3294491

14 okt 2026 · 6a17d808a9c10fe9

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.