Begroting Economische Zaken (36800-XIII) 1e TK
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Oualhadj (D66): Voordat de minister zo meteen afrondt, wil ik nog heel even terugkomen op zijn antwoord in de schriftelijke beantwoording over ondernemingen in moeilijkheden. Ik heb het antwoord gelezen. Ik snap natuurlijk helemaal waar het lastig is en waarom het zo beperkt is. Daar hebben wij het op 18 december ook over gehad. Heel fijn dat de minister dit op Europees niveau probeert op te lossen. We weten waarom dat voor mij zo'n lastig punt is. 2027 is nog ver, maar ik heb toch even de volgende vraag. Als u dan toch met die andere lidstaten optrekt, praat u dan ook met de lidstaten die dit al wel geregeld hebben op nationaal niveau? Wat is nou precies het verschil met hoe wij het in Nederland organiseren waardoor dat hier niet kan?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Oualhadj (D66): Ja, dank. Dat is echt heel fijn, ook voor de ondernemers die meekijken. Toch kan in Duitsland een achtergestelde lening in de nationale boekhoudwetgeving wel worden gekwalificeerd als eigen vermogen, omdat die de kenmerken daarvan heeft. Ik ben dan dus toch benieuwd waarom de buren dat wel kunnen en wij niet, en of u hen gesproken heeft, zeg ik via de voorzitter tegen de minister.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Oualhadj (D66): Dank u wel, voorzitter. Ik dank de minister voor de beantwoording en de collega's voor het debat. Misschien is het leuk om nog even iets te vermelden: mijn opa is als gastarbeider naar Nederland gekomen en heeft ook in een melkfabriek gewerkt. We hebben dus toch wat meer gemeen, zeg ik via de voorzitter tegen de minister. Dit was mijn allereerste begrotingsdebat. Het is bemoedigend om te zien hoe hier een gedeelde urgentie naar voren komt ten aanzien van innovatie, strategische autonomie en de toekomst van onze welvaart. Ik kijk er dan ook zeker naar uit om de komende jaren dit debat verder met u te voeren. Zoals ik in mijn eerste termijn heb aangekondigd, dien ik een motie in. Deze motie is gericht op het benutten van het groeipotentieel van vrouwen. Zo zorgen we ervoor dat vrouwelijke ondernemers zo snel mogelijk net zoveel financiering ophalen als hun mannelijke collega's. Dat is niet alleen een kwestie van rechtvaardigheid, maar ook van economisch verstand.
Bron, video en gesprek →