Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–2026Aanhangsel van de HandelingenVragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door deregering gegeven antwoorden792Vragen van het lid Kathmann (GroenLinks-PvdA) aan de Minister vanEconomische Zaken en de Staatssecretarissen van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties en van Justitie en Veiligheid over het slopen van deprivacybescherming in de nieuwe Europese Omnibus-wetgeving (ingezonden17 november 2025).Antwoord van Staatssecretaris Rutte (Justitie en Veiligheid), mede namens deMinister van Economische Zaken en de Staatssecretaris van BinnenlandseZaken en Koninkrijksrelaties (ontvangen 5 januari 2026). Zie ook AanhangselHandelingen, vergaderjaar 2025–2026, nr. 583.Vraag 1Bent u bekend met het bericht «EU Commission internal draft would wreckcore principles of the GDPR» en de brandbrief van 127 organisaties over deDigitale Omnibus?1Antwoord 1Ja.Vraag 2Wat is uw reactie op het bovenstaande bericht en de brandbrief? Kunt uingaan op de inhoudelijke bezwaren en zorgen die hierin worden geuit?Antwoord 2Wij hebben kennisgenomen van de bezwaren en zorgen en nemen dezeopmerkingen serieus. De bezwaren en zorgen waren evenwel gericht op eennog niet gepubliceerde versie van de zevende omnibus verordening.Alhoewel het kabinet bij de gepubliceerde voorstellen veel aanpassingenbinnen de Omnibus AI en Omnibus Digitaal kan steunen omdat deze in lijnzijn met de Nederlandse inzet, heeft het kabinet vooral bij een aantalfundamentele wijzigingen aan de Algemene Verordening Gegevensbescher-ming (AVG) serieuze zorgen, omdat deze wijzigingen het niveau vangegevensbescherming wezenlijk verminderen, zonder dat er sprake is van eeneffectieve bijdrage aan het verlagen van regeldruk. Via een versnelde1Noyb, 10 november 2025, «EU Commission internal draft would wreck core principles of theGDPR». (noyb.eu/en/eu-commission-about-wreck-core-principles-gdpr); European DigitalRights, 13 november 2025, «Forthcoming Digital Omnibus would mark point of no return».(edri.org/our-work/forthcoming-digital-omnibus-would-mark-point-of-no-return/) ah-tk-20252026-792ISSN 0921 - 7398’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel1 Beoordeling Nieuwe Commissievoorstellen (BNC)-route is uw Kamer op12 december met een BNC-fiche geïnformeerd over de positie van het kabinetop de Omnibus Digitaal. In het antwoord op vraag 3 wordt hierop naderingegaan.Vraag 3Wat is uw zienswijze op de Digitale Omnibus, die ook aanpassingen van deAlgemene Verordening Gegevensbescherming en de voorgesteldee-Privacyverordening bevat?Antwoord 3In navolging van een vierde Omnibuspakket, waarin ook sprake was van eenaantal gerichte vereenvoudigingen voor de AVG heeft de Europese Commis-sie (EC) op 19 november 2025 het zevende Omnibuspakket (ook wel het«Digitale Pakket») gepubliceerd. Zoals aangegeven in het BNC-fiche,verwelkomt het kabinet dat de Commissie met de omnibussen erop inzetdigitale wetgeving te vereenvoudigen en stroomlijnen. Dit past binnen debredere doelstelling van het kabinet om de regeldruk terug te dringen. Hetkabinet ziet dat het pakket mogelijk ook kansen biedt voor de ontlasting vande uitvoeringsorganisaties en de vereenvoudiging van de uitvoering vanbeleid. Het kabinet zet erop in dat deze omnibussen zich focussen opversimpeling, verduidelijking en stroomlijning van wetgeving en dat dedoelen van de wetgeving daarbij overeind blijven.De voorgestelde wijzigingen aan de AVG geven wel aanleiding tot zorgen,omdat deze kunnen leiden tot een wezenlijke vermindering van het niveauvan gegevensbescherming, zonder dat er sprake is van een effectievebijdrage aan het verlagen van regeldruk.Vraag 4Zal de Digitale Omnibus de privacybescherming van burgers verzwakken?Kunt u antwoorden met een heldere ja of nee, en dit vervolgens onderbou-wen?Antwoord 4Het kabinet is het voorstel nog aan het bestuderen en heeft uw Kamer via hetBNC-fiche geïnformeerd over zijn positie op de Omnibus Digitaal. Hetontbreken van een impact assessment maakt het moeilijk om deze vraag meteen helder ja of nee te beantwoorden. Het kabinet zal opheldering vragen bijde Commissie en de gevolgen voor regeldruk, uitvoerbaarheid en bescher-ming van grondrechten verder in kaart brengen, voordat het tot een definitiefoordeel komt op deze onderdelen. Het kabinet hecht er dan ook aan dat er inhet bijzonder voor wijzigingen met impact op gegevensbescherming engrondrechten gelegenheid is om de voorstellen en de gevolgen daarvangedegen te analyseren en deze inhoudelijk te bespreken. Het kabinet vindtdaarnaast dat het nog te verschijnen advies van de Europees Toezichthoudervoor gegevensbescherming (EDPS) al dan niet in samenspraak met EuropeesComité voor gegevensbescherming (EDPB) moet worden betrokken bij debespreking van dit voorstel.Vraag 5Deel u de mening dat «simplificatie» van wetgeving nooit mag leiden totderegulering en een feitelijke verzwakking van de privacybescherming?Antwoord 5Met betrekking tot de Omnibus Digitaal en Omnibus AI zet het kabinet erop indat de omnibussen digitale wetgeving versimpelen, verduidelijken enstroomlijnen en dat de doelen van de wetgeving daarbij overeind blijven.Het kabinet steunt het doel van simplificatie van digitale wetgeving en zalzich hier proactief voor inzetten in het kader van de omnibus, maar in hetbijzonder voor wijzigingen met impact op gegevensbescherming hecht hetkabinet er als gezegd aan dat er gelegenheid is om de voorstellen en degevolgen daarvan gedegen te analyseren en deze inhoudelijk te bespreken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel2 Vraag 6Deelt u de opvatting dat het beschermen van privacy een kernwaarde is vande Europese Unie, een uitvloeisel is van een gezamenlijk wereldbeeld én delessen getrokken uit de Tweede Wereldoorlog, en dat dit onder geen enkelevoorwaarde geweld mag worden aangedaan?Antwoord 6Het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer (het «recht opprivacy»), daaronder begrepen het recht op gegevensbescherming, is eengrondrecht dat onder meer is neergelegd in artikel 10 Grondwet en artikel 8van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Sinds deinwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon op 1 december 2009, is hetrecht op gegevensbescherming in het Handvest van de grondrechten van deEuropese Unie een op zichzelf staand grondrecht, expliciet ontkoppeld vanhet recht op privacy. In artikel 7 Handvest Grondrechten EU staat het recht opeerbiediging van het privéleven, in artikel 8 het recht op bescherming vanpersoonsgegevens. De Unierechtelijke uitwerking is gedaan in de Algemeneverordening gegevensbescherming (AVG). Het recht op bescherming vanpersoonsgegevens heeft geen absolute gelding (overweging 4 AVG). Zo kanhet recht bij wet worden ingeperkt, mits voldaan is aan de eisen vannoodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit en de inperkingenvoldoende voorspelbaar en voorzienbaar zijn voor de betrokkenen. Dat ondergeen enkele voorwaarde inbreuk mag worden gemaakt op dit grondrecht,onderschrijven wij derhalve niet.Vraag 7Op welke manieren en op welke momenten heeft Nederland haar zienswijzeover de Digitale Omnibus gedeeld met de Europese Commissie? Kunt u dezecontactmomenten uiteenzetten?Antwoord 7Het versimpelen van (onderdelen van de) digitale wetgeving is onderwerpgeweest van diverse Raadsbesprekingen waar de Europese Commissie aandeelnam en besprekingen in EU-verband. Potentiële wijzigingen aan de AVGwaren daarbij niet altijd onderwerp van gesprek. Versimpeling van deAI-verordening is besproken tijdens meetings van de AI-Board en versimpe-ling van de Dataverordening, Datagovernanceverordening en de Free Flow ofDataverordening is onderwerp geweest van de Raadswerkgroep Telecom. Hetkabinet heeft het non-paper regeldruk en digitale wetgeving onder deaandacht gebracht bij de informele Telecomraad van 9 en 10 oktober en inhoogambtelijke besprekingen met de Commissie.Vraag 8Kunt u alle relevante documenten, die betrokken zijn bij het bepalen van deNederlandse inzet delen met de Kamer? Heeft u ook adviezen van burgerrech-tenorganisaties hierbij betrokken?Antwoord 8Het kabinet heeft u via een versnelde BNC-route geïnformeerd over de inzetten aanzien van de Omnibuswetgeving. Vanwege de snelle doorlooptijd vanhet omnibusvoorstel en brede betrokkenheid van meerdere departementen iser geen overzicht van alle input die is ontvangen en betrokken. Het kabinetkrijgt soms van stakeholders, zoals belangenorganisaties, proactief inputtoegestuurd. Daarnaast neemt het kabinet ook input in beschouwing die hemvia de media bereikt, zoals de brandbrief waar u in vraag 1 naar verwijst. Hetkabinet betrekt ook adviezen van burgerrechtenorganisaties hierbij.Vraag 9Acht u het verantwoord en acceptabel dat AI-bedrijven, waaronder Ameri-kaanse techgiganten als Google en Meta, meer mogelijkheden krijgen omgegevens van Europese burgers te gebruiken om AI-modellen te trainen?Antwoord 9In het voorstel van de Commissie wordt een artikel 88c aan de AVG toege-voegd, waarin het expliciet de grondslag «gerechtvaardigd belang» (artikel 6lid 1 onder f) wordt aangewezen als de grondslag voor – kort gezegd – hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel3 ontwikkelen en toepassen van AI-modellen. Om de gevolgen van dezevoorgestelde wijziging goed te overzien, is meer duidelijkheid daarover nodigen Nederland heeft op dat punt vragen gesteld aan de Commissie. Demogelijkheid om persoonsgegevens te gebruiken voor het trainen vanAI-modellen bestaat overigens ook nu al. De EDPB, waarin de Europesetoezichthouders samenwerken, heeft hierover op 18 december 2024 eenadvies aangenomen.2 Uit dat advies volgt dat de AVG ruimte biedt om ookzonder toestemming van de betrokkene op basis van de verwerkingsgrond-slag «gerechtvaardigd belang» (artikel 6, eerste lid, onder f AVG) persoonsge-gevens voor dit doel te verwerken. Of van deze grondslag gebruik kanworden gemaakt, wordt bepaald door de omstandigheden van het geval. Zomoet worden vastgesteld dat de beoogde verwerking noodzakelijk is terbehartiging van het gerechtvaardigde belang én dat de belangen of funda-mentele rechten en vrijheden van betrokkenen die door de verwerking vanpersoonsgegevens worden geraakt, niet zwaarder wegen dan het gerecht-vaardigde belang dat met de verwerking wordt gediend. Ook moet elkeverwerkingsverantwoordelijke aantoonbaar maatregelen nemen om deimpact van de verwerking op de belangen van betrokkenen te verkleinen.Daarbij speelt de toegang tot rechten van betrokkenen onder de AVG een rol,zoals het recht op inzage en het recht op bezwaar. De toezichthouderbeoordeelt uiteindelijk of een dergelijke vorm van verwerking rechtmatig is.Of deze mogelijkheden verder moeten worden verruimd, vergt naderebeoordeling. Dit zou alleen aan de orde kunnen zijn als de gevolgen voorfundamentele rechten voldoende gewaarborgd zijn.Vraag 10Deelt u de mening dat bescherming van gevoelige gegevens, zoals politiekevoorkeur, seksuele oriëntatie, en gezondheidsdata, geen geweld mag wordenaangedaan?Antwoord 10Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 5 hanteert het kabinet in hetkader van de omnibus het uitgangspunt dat de omnibus moet focussen opverduidelijking, versimpeling en het vergroten van consistentie van digitalewetgeving. De inzet is dat daarbij de doelen van de wetgeving niet wordenafgezwakt. Onder de AVG is de verwerking van deze bijzondere categorieënvan persoonsgegevens verboden, vanwege de impact die dit kan hebben.Verwerking kan alleen plaatsvinden, als er een wettelijke uitzonderingsgrondbestaat. Met het voorstel worden twee nieuwe uitzonderingsgrondenopgenomen in de AVG. Deze worden op dit moment nog beoordeeld. UwKamer is hierover geïnformeerd met het BNC-fiche.Vraag 11Welk signaal geeft het verzwakken van de AVG en de e-Privacyverordening afaan het Nederlandse en Europese midden- en kleinbedrijf dat volop inzet ophet ontwikkelen van verantwoorde en privacyvriendelijke AI conform dezeregelgeving?Antwoord 11De voorgestelde wijzigingen aan de AVG en de e-Privacyverordening zijn nogonderwerp van onderhandeling. Deze wetten zijn dus nog niet gewijzigd. Hetkabinet heeft het streven om de regeldruk terug te dringen. Regeldruk zet eenrem op de productiviteitsgroei van bedrijven en dus ook op het concurrentie-vermogen van onze economie. Dit kan op den duur ook de financiering vanpublieke taken onder druk zetten. Het kabinet zet zich daarom constructief invoor het versimpelen van digitale wetgeving, waarbij één van de uitgangs-punten is dat de bescherming van grondrechten gewaarborgd blijft. Ditbetekent dat het kabinet kritisch beziet of de voorstellen het doel vanverlaagde regeldruk daadwerkelijk dienen en welke gevolgen dit heeft voorhet niveau van gegevensbescherming. Het kabinet hecht waarde aanduidelijkheid en rechtszekerheid voor het bedrijfsleven. Bij fundamentele2Advies 28/2024 over bepaalde aspecten van gegevensbescherming in verband met deverwerking van persoonsgegevens in het kader van AI-modellen | European Data ProtectionBoardTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel4 wijzigingen aan wetgeving, zeker als die impact hebben op het recht opgegevensbescherming, hecht het kabinet aan een impact assessment zodathet kabinet kan beoordelen of voorgestelde wijzigingen noodzakelijk,proportioneel en subsidiair zijn en de gevolgen voorspelbaar en voorzienbaar.Vraag 12Deelt u de mening dat het verduidelijken van wet- en regelgeving voor hetmidden- en kleinbedrijf niet ten koste hoeft te gaan van privacybescherming?Is dit ook uw uitgangspunt?Antwoord 12Ja. Het is al langere tijd een doel van het kabinet om regeldruk terug tedringen en daartoe zijn ook al oplossingsrichtingen in kaart gebracht. Hierbijkan worden gedacht aan praktische hulpmiddelen, zoals sjablonen enpraktische richtsnoeren van de toezichthouder, de Autoriteit Persoonsgege-vens (AP), om naleving van de wet- en regelgeving voor kleinere organisatieste vereenvoudigen. Ook kunnen lijsten van verwerkingsactiviteiten met eenlaag risico die door toezichthoudende autoriteiten worden verstrekt, meerduidelijkheid verschaffen en kan de ontwikkeling en het gebruik vangedragscodes en certificering worden gestimuleerd. Ten aanzien van hetgebruik van gedragscodes en certificering, overweeg ik om hier naderonderzoek naar te laten doen. Het uitgangspunt van het kabinet bij deOmnibus Digitaal is dat bij het versimpelen van de wetgeving de doelen,inclusief de bescherming van grondrechten, van de wetgeving niet wordenafgezwakt.Vraag 13Bent u bereid om in gesprek te treden met onafhankelijke experts, waaronderde Autoriteit Persoonsgegevens en burgerrechtenorganisaties op het gebiedvan privacy, om de Digitale Omnibus te beoordelen en in kaart te brengen ofdeze in de praktijk zal leiden tot een verzwakking van de privacybescherming?Antwoord 13Het is vanzelfsprekend dat het kabinet goede contacten onderhoudt met hetveld, met inbegrip van burgerrechtenorganisaties, maar ook met partijenzoals VNO-NCW. Ten aanzien van de omnibus betrekken wij in elk geval deinformatie van deze organisaties die zij publiceren bij de zelfstandigeoordeelsvorming, en is er contact met de AP. Waar het om gegevensbescher-ming gaat kijken wij uit naar het gezamenlijke advies van de EDPB/EDPS.Vraag 14Bent u bereid om een voorbehoud te maken op het steunen van de DigitaleOmnibus, zolang niet is uitgesloten dat deze de privacybeschermingverzwakt?Antwoord 14Het kabinet is het voorstel nog aan het bestuderen en heeft uw Kamer via hetBNC-fiche geïnformeerd over zijn positie op de Omnibus Digitaal. In beginselsteunt Nederland voorstellen om digitale wetgeving te vereenvoudigen en deregeldruk ervan te verlagen. Daarbij is het wel belangrijk dat de doelen, metinbegrip van het niveau van gegevensbescherming, van de wetgevingovereind blijven en er gelegenheid is om de voorstellen, en de gevolgendaarvan voor onder andere de bescherming van grondrechten, gedegen teanalyseren, de impact ervan te kunnen doorgronden, en goed inhoudelijk tebespreken. Het kabinet vindt het in het algemeen van belang dat bijfundamentele wijzigingen aan wetgeving, zeker als die impact hebben op hetrecht op gegevensbescherming, een impact assessment wordt gedaan. Ook ishet van belang om bij wijzigingen die impact hebben op het recht opgegevensbescherming, het advies van Europees Toezichthouder voorgegevensbescherming (EDPS) al dan niet in samenspraak met het EuropeesComité voor gegevensbescherming (EDPB) te betrekken bij de verdereanalyse en bespreking, om te voorkomen dat de bescherming van grondrech-ten, waaronder gegevensbescherming, wordt verlaagd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel5 Vraag 15Kunt u deze vragen afzonderlijk van elkaar en zo snel mogelijk beantwoorden,en toezeggen om geen definitief standpunt in te nemen over de DigitaleOmnibus zolang de Kamer zich hierover niet heeft uitgesproken?Antwoord 15De vragen zijn zo snel als mogelijk en separaat beantwoord. Het kabinetbestudeert momenteel het gepubliceerde voorstel van de EC en heeft uwKamer via het BNC-fiche geïnformeerd over zijn positie op de OmnibusDigitaal.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, Aanhangsel6
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
c5f73cd0-bc5b-4817-99dc-6f2e6cf0f813
30debatten
1.345bijdragen
18interrupties
169.383woorden in uitspraken