Pakket Belastingplan 2027
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De heer Dassen (Volt): Het is een heel terecht punt dat de heer Oosterhuis maakt. Alleen, dan is de vraag: wat gebeurt er de komende jaren? De komende jaren is die omwenteling er precies. Dan wordt het geld juist overgebracht van de ene op de andere generatie. Ik denk dat we er dit jaar wat aan zouden moeten doen willen we daar ook daadwerkelijk de gelijke kansen in meenemen. Hoe kijkt de heer Oosterhuis daarnaar?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ook dat ben ik volledig met de heer Oosterhuis eens. Ik ben alleen zoekende naar de reden waarom we daar dit jaar nog niks aan zouden kunnen doen. Is dat vanwege het feit dat de coalitie daar niet uit kan komen? Of zijn er andere technische redenen waarvan ik geen weet heb?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Het CDA is hier volgens mij ook nog wel voor te porren, dus dan komen we toch al een heel eind. Ik hoop dus dat we de collega's er vandaag toch deels van weten te overtuigen dat we ook naar dit soort zaken moeten kijken. We hebben het namelijk over hoe we het systeem rechtvaardig maken, hoe we ervoor zorgen dat er gelijke kansen zijn en hoe we ervoor zorgen dat de verschillen op de huizenmarkt niet groter worden. Dit gaat wel steeds meer gebeuren, omdat het hebben van ouders met een koophuis en een erfenis, meteen doorwerkt. Ik hoop dus dat de heer Oosterhuis en mevrouw Van Dijk, en uiteindelijk ook mevrouw Van Eijk, daar toch met elkaar uit kunnen komen. Zo kunnen we hier ook echt een stap zetten om Nederland in de toekomst een stukje rechtvaardiger te maken en zo blijft het hebben van gelijke kansen in Nederland mogelijk.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Het is belangrijk dat we met elkaar bespreken dat we de belastingen die we met elkaar willen innen, op een juiste manier op blijven halen. We zagen gisteren bij Buitenhof, maar ook al eerder in verschillende artikelen, dat de Belastingdienst niet in staat is om heel veel belastingen te innen, omdat ze daar gewoon de capaciteit niet hebben. Deelt de heer Oosterhuis die zorg?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Vorig jaar zijn hierover ook al moties aangenomen. De Kamer wil dus al langer dat het beter geregeld wordt. Ik geloof dat de staatssecretaris vorige week een toezegging heeft gedaan om ervoor te zorgen dat de capaciteit in ieder geval gelijk blijft. Tegelijkertijd zie je dat er in de afgelopen tien jaar een daling is geweest van het aantal boekenonderzoeken dat de Belastingdienst kan doen. Ik heb het opgeschreven. Het ging van 28.000 naar 8.000. Dat is echt een gigantisch verschil. Als we dit blijven afzwakken, gaat het echt om substantiële bedragen. Zouden we de daling niet moeten omkeren naar een stijging en zouden we de staatssecretaris niet moeten vragen wat ervoor nodig is om het tij te keren en terug naar de tijd van 2016 te kunnen gaan?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik denk inderdaad dat we moeten oppassen met novelles die door de Kamer heen gejaagd worden om te zorgen dat we deugdelijke wetgeving hebben. Ik ben blij dat de heer Oosterhuis dat ook ziet. Nog even over uw laatste punt. Ik ben het er natuurlijk helemaal mee eens dat de Belastingdienst zo efficiënt mogelijk het werk moet doen, maar wel op een manier waarop het nog te doen blijft. Over dat laatste maak ik me zorgen. Ook nu staan er weer bezuinigingen ingepland bij de Belastingdienst, terwijl ze het werk eigenlijk al niet rondkrijgen. Dan denk ik: dan maken we volgens mij ook verkeerde keuzes, zeker als het gaat over het Belastingplan dat we hier bespreken. We willen dat er goed onderzoek gedaan wordt naar belastingen die geïnd worden.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Moeten we niet kritisch zijn richting de staatssecretaris, waken voor de bezuiniging en er juist voor zorgen dat er extra capaciteit bij komt, omdat dat op de langere, maar ook op de korte termijn uiteindelijk meer gaat opleveren?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik probeer iets beter te begrijpen wat mevrouw Van Eijk zegt. Het gaat namelijk over fiscale regelingen. Daar hebben we er heel veel van. Er zijn al heel veel rapporten over geschreven. Eigenlijk zijn die regelingen heel vaak doorgeakkerd om te kijken of ze nog doelmatig en doeltreffend zijn. Die rapporten zijn ook heel kritisch over het aantal regelingen dat we hebben. Veel regelingen dragen ook niet bij aan de economie. Zegt de VVD: "we zijn bereid om daar nu kritisch naar te kijken om te zorgen dat we die kunnen gaan afbouwen"? Of heb ik dat verkeerd begrepen?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik ben er natuurlijk heel positief over dat mevrouw Van Eijk dit zegt, ook over die uniformering van het btw-tarief; daar zijn wij op zich ook voorstander van. Alleen, de vraag die ik heb, is als volgt. We hebben eerder dit jaar ook een motie hierover ingediend om te kijken of we door al die fiscale regelingen heen kunnen akkeren, om daarmee de lasten op arbeid te verlagen. Daarbij is het kabinet tot 45 miljoen gekomen. Ik proef iets bij de heer Oosterhuis. Ik ga het dadelijk natuurlijk ook aan mevrouw Van Dijk vragen. CDA en D66 zeggen dan: wij willen eigenlijk alweer verdere stappen daarop maken; wij zijn bereid om daar hardere keuzes in te maken. Is de VVD dan ook bereid om die stappen nu te gaan maken? Eerder stemde de VVD namelijk tegen deze motie.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Dat is precies mijn vraag, want ik heb het gevoel dat CDA en D66 op best wel veel maatregelen stappen willen nemen. De hypotheekrenteaftrek is ook ondoelmatig en ondoeltreffend. Ik snap dat dat lastig is. Maar zo zijn er nog veel meer maatregelen. Denk aan de cultuurgrondvrijstelling en noem maar op. Kunnen we dan niet zeggen: "we gaan de komende weken met elkaar zitten om te kijken hoe we daar een hele lijst van kunnen maken, om te zorgen dat die lasten op arbeid naar beneden kunnen gaan"? Of zegt de VVD: "dat gaat ons dan toch te snel"? Volgens mij hebben we namelijk nu de kans om dit met elkaar in de Kamer te regelen. Er is daarvoor een meerderheid.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik snap heel goed wat de heer Vermeer zegt, ook zijn laatste opmerking: ik ga hier niet zitten onderhandelen. Tegelijkertijd heeft ook de BBB in de Eerste Kamer nog laten weten dat de hele stikstofbrief van tafel moet omdat zij anders het Belastingplan niet gaat steunen. Het is dus niet een onbelangrijke discussie die hier gevoerd wordt, aangezien de vraag hier natuurlijk ook op tafel ligt hoe het kabinet aan een meerderheid gaat komen voor dit plan, nu die er nog niet is. Ik ben toch benieuwd wat dit dan betekent, want deze uitspraken worden nu wel gedaan. Wellicht kan de heer Vermeer daar toch nog iets aan duidelijkheid over geven.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ook die frustratie delen we. Volgens mij zouden we zo snel mogelijk moeten onderhandelen met het kabinet. Maar eigenlijk is de vraag heel simpel. Als ik de opmerking van de BBB in de Eerste Kamer moet geloven dat de hele stikstofbrief van tafel moet, wil de BBB het hele pakket dat nu voorligt van het kabinet niet en als dat niet volledig verandert of in ieder geval niet dusdanig veel verandert dat het in het BBB-straatje past, dan zal de BBB het Belastingplan niet steunen.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Dan is het antwoord van de heer Vermeer voor mij heel duidelijk. De heer Vermeer zegt: het hele stikstofpakket moet van tafel en daarna gaan we opnieuw onderhandelen over het pakket; anders steunen wij het Belastingplan niet. Een heel duidelijk antwoord. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Dank, voorzitter. Vandaag is deel één van de langverwachte trilogie van het Belastingplan. Laten we eerlijk zijn: met deze prequel of the rise of box 3 voelt iedereen de spanning wel. Er is hier ook wel wat aan de hand. Er ligt een belastingplan waar nog geen meerderheid voor is en er hangt bovendien een groot dekkingsvraagstuk boven de markt. Spaarders, beleggers en werkenden: eigenlijk weten maar weinig mensen waar ze precies aan toe zijn volgend jaar. Oftewel, er is nog heel veel onduidelijk. Ik ben dan ook benieuwd hoe de staatssecretaris daarnaar kijkt en hoe hij dit communiceert naar al die mensen die op dit moment nog wachten. Voorzitter. Er is ook een gelukje, want met Volt en PRO is er kans op een stabiele meerderheid. En ja, ook als je vandaag naar de discussie luistert en naar de woorden die de heer Vermeer vanuit zijn positie terecht uitspreekt, namelijk dat er een connectie is met bijvoorbeeld de stikstofplannen, lijkt mij dat toch een goede route om te bewandelen voor het kabinet. Ik ben dus benieuwd hoe de staatssecretaris daarop reflecteert, ook gezien de uitspraken die in de Eerste Kamer door verschillende partijen zijn gedaan. Voorzitter. Ik zou willen dat werken meer gaat lonen. Er is een flinke meerderheid in de Kamer die graag wil dat werken weer gaat lonen. Van het CPB tot de Raad van State en talloze economen: iedereen zegt dat het dan verstandig is om te zorgen dat er een lagere belasting op arbeid komt en een hogere op kapitaal. Werkgevers staan te springen om meer personeel, want de krapte is ongekend. Maar dan moet je werken ook lonender maken. Als mensen willen werken, verdienen ze meer en geven ze meer uit. Daar profiteren bedrijven ook weer van. Oftewel, het is ook nog eens goed voor de hele economie. Voorzitter. Economen, kennisinstituten en een meerderheid van de Kamer stellen dat vermogen zwaarder belast kan worden ten behoeve van arbeid. Neem dan ook de schenk- en erfbelasting mee. Dan heb ik het niet over de kleine erfenissen van mensen die hard hebben gewerkt, maar over grote erfenissen. Het tarief in de schenk- en erfbelasting is gemiddeld de helft van de inkomstenbelasting. Als iemand tonnen erft, is-ie eerder geneigd om te stoppen met werken. Maar toch zien we een enorme lastenverzwaring op werk en blijft het heilige huisje van de erfenissen buiten schot. Dit is allesbehalve logisch. Is de staatssecretaris dat met mij eens?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Inderdaad, het gaat mij zeker niet om de kleinere erfenissen. Het grotere gedeelte van de kleinere erfenissen, ik geloof de helft van de erfenissen, zit onder de €50.000. Dit gaat echt over erfenissen boven de drie, vier of vijf ton. Daar praat je dan over; daar begint het zwaarder belasten. Volgens mij is dat een hele goede zaak. We zien ook dat een groot gedeelte van de erfenissen deels opgebouwd is doordat de eigenwoningwaarde flink is gestegen. Dat is een belangrijke reden waarom erfenissen groter zijn geworden dan ze bijvoorbeeld in de jaren tachtig gemiddeld waren. Een van de problemen daarvan is dat als je gaat overerven, er een ongelijkheid in de samenleving gaat ontstaan. Dan is het namelijk niet meer werken wat loont, maar wat je erft. Dat vinden wij onterecht.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Daarom hebben we bijvoorbeeld ook een progressieve inkomstenbelasting, juist om ervoor te zorgen dat die ongelijkheid wordt aangepakt. Daarom willen we ook dat onderwijs op een goede manier toegankelijk is voor iedereen, zodat je al bij de kern begint. Daarom zijn we ook voor gratis kinderopvang, omdat je ziet dat de ongelijkheid daar al start. Dus ja, er zijn heel veel factoren in de samenleving die ongelijkheid veroorzaken. Soms komt dat gedeeltelijk door geluk, soms niet. Ik vind alleen dat wij als politiek daarin een keuze kunnen maken: waar leggen wij het zwaartepunt als het gaat om een bijdrage aan een rechtvaardige samenleving? Daar kunnen we wel degelijk wat aan doen. Je kunt dan ook kijken naar de schenk- en erfbelasting.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Als de heer Vermeer nu bedoelt dat we per regio moeten gaan kijken wat de energiebelasting zou moeten zijn of de accijns op benzine, dan lijkt me dat onverstandig en onuitvoerbaar.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Dit is geen voorstel van PRO of Volt, maar dit is wel iets waarvan wij zeggen: hier moet zeker kritisch naar gekeken gaan worden. Een groot gedeelte van de huizen is de afgelopen jaren flink in prijs gestegen, niet doordat mensen er harder voor zijn gaan werken, maar gewoon doordat er te weinig woningen gebouwd zijn. De prijs is gestegen doordat er geld in de markt is gepompt, wat uiteindelijk de waarde van een woning heeft doen stijgen. Daar hebben mensen niks voor hoeven te doen. Is het dan rechtvaardig dat de mensen van wie de ouders een huis hebben en de waarde daarvan in de afgelopen jaren flink hebben zien stijgen, uiteindelijk een flink grotere erfenis krijgen dan de mensen met ouders die huren? Ik denk van niet. Ik denk dat we daar best weleens wat kritischer naar mogen kijken. Dat betekent ook dat van de mensen die een woning hebben en die uiteindelijk nalaten aan hun kinderen, een bijdrage gevraagd mag worden. Overigens had mevrouw Van Brenk het over een half miljoen, maar als je de grotere schenkingen en erfenissen zwaarder gaat belasten, moet je ook kijken naar de woningen die daar nog wat boven zitten, denk ik.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik vind het echt heel zonde dat we niet bereid zijn om met elkaar kritisch naar dit heilige huisje te kijken. Dit is uiteindelijk iets dat echt puur toeval is. Of je ouders een woning gekocht hebben en of de waarde daarvan in de loop der jaren flink gestegen is, bepaalt dan uiteindelijk waar je recht op hebt in de samenleving. 50PLUS zegt dat het intergenerationeel wil kijken, dus dan zou ik toch van 50PLUS verwachten dat het nadenkt over de vraag wat dan de consequenties zijn die voor generaties meetellen op dit moment. Het kan toch niet zo dan dat als jij ouders hebt die huren, dat betekent dat je uiteindelijk gewoon een enorme achterstand in het leven hebt ten opzichte van mensen waarvan de ouders wel een woning bezitten?
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Ik denk toch dat we in dit huis niet met elkaar gaan ontkennen dat de afgelopen jaren de woningprijzen enorm zijn gestegen en dat mensen die een woning hadden daar niks voor hebben hoeven doen? Daarnaast hebben we ook nog jarenlang de woningmarkt gesubsidieerd met de hypotheekrenteaftrek. We zijn het enige land dat vermogen op deze manier extra aan het subsidiëren is. Ik zou zeggen: laten we dat dan gebruiken om uiteindelijk werken weer te laten lonen. Iedereen in dit huis wil toch dat op het moment dat je elke dag opstaat, naar je baan gaat en hard werkt, je uiteindelijk meer over hebt? Dat is toch belangrijker dan het vermogen dat je ophaalt doordat je woning meer waard wordt? Ik begrijp niet zo goed dat dat het standpunt is van een gedeelte van deze Kamer, omdat volgens mij, gelukkig met ons, heel veel Nederlanders vinden dat je juist werken moet laten lonen en dat daarvoor best wel een eerlijke bijdrage van vermogenden gevraagd mag worden.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): We hebben hier eerder verschillende amendementen voor ingediend. Het zou al enorm helpen als je zou zeggen: we bouwen een extra schijf in van 30% die vanaf 3 ton gaat lopen. Dat zou al een mogelijkheid zijn. Je zou ook kunnen zeggen: oké, we gaan naar een systeem toe waarin we de 50% kleinste erfenissen volledig buiten schot laten; daar doen we helemaal niks mee. Daar zouden wij ook naar willen kijken. Daarbij zeg je dan: alles wat daarboven ligt, gaan we progressiever belasten. Volgens mij zijn dat opties die niet de mensen raken die de heer Stoffer net aanhaalt, die keihard gespaard hebben en die ervoor willen zorgen dat ze uiteindelijk iets nalaten aan hun kinderen. Volgens mij is dat ook helemaal niet het probleem hier. Het gaat er veel meer om dat je die grotere vermogens met elkaar eerlijker laat bijdragen.
Bron, video en gesprek →De heer Dassen (Volt): Oké, dank u wel, voorzitter. Ik kijk even wat ik al gehad heb: tonnen, en meer erven. De staatssecretaris heb ik ook al gehad. Dit heb ik ook al gehad. Dat helpt. Voorzitter. Als we kansengelijkheid willen vergroten, is dit een logische optie. Erfenissen dragen ongelijkheid deels over. Als je ouders rijk zijn, krijg je sneller toegang tot vermogen en daarmee eerder toegang tot de woningmarkt, lagere woonlasten en een kleinere hypotheek. De kansen die je krijgt, hangen nu mede af van wat je erft en dus niet alleen van of je hard hebt gewerkt of gestudeerd, of van andere manieren waarop je je talenten kunt ontplooien. Als je dit progressiever belast en de opbrengsten gebruikt voor het verlagen van de belasting op werk, betaalt je talent je inkomen. Erkent de staatssecretaris dat de schenk- en erfbelasting een logische belasting is om te verhogen ten behoeve van werkenden en dat deze belasting ook de minst verstorende belasting is die we daarvoor kunnen gebruiken? Daaraan heb ik de vraag gekoppeld of dit Belastingplan juist de kloof tussen degenen die veel hebben en zij die dat niet hebben, op deze manier ook vergroot als we hier de komende jaren niets aan doen. Dat is ook gerelateerd aan de discussie die ik daarstraks met de heer Oosterhuis had, namelijk dat er de komende tien jaar een enorme vermogensoverdracht gaat plaatsvinden van generatie naar generatie. Voorzitter. In de zoektocht naar dekking hoor ik partijen als de VVD en JA21 het altijd hebben over de uitgaven, maar ze kijken nooit naar de inkomsten. Een lijst van miljarden aan ondoelmatige regelingen die te duur zijn en hun doel niet halen, kan worden ingezet voor lastenverlichting op werk. De landbouwvrijstelling, de cultuurgrondvrijstelling, de oldtimerregeling; ik heb er al vaker met de staatssecretaris over gesproken. Vaak krijgen we terug: het kan niet, want de Kamer is het er niet over eens. Dit blijft een frustratie, want we doen hier te weinig mee. We hadden gehoopt op onze eerder aangenomen motie over de afschaffing van fiscale regelingen ten behoeve van de lasten op arbeid. Tja, daar werd uiteindelijk 45 miljoen gevonden, juist bij de hele kleine fiscale regelingen. Aan de ene kant zou ik willen zeggen: dat is een goed begin. Tegelijkertijd denk ik ook: dit was natuurlijk niet het idee van de motie. Dus ik vraag aan de staatssecretaris hoe het proces er nu verder uitziet. Kunnen we die fiscale regelingen inzetten voor het verlagen van de inkomstenbelasting? Is het nog de ambitie van dit kabinet om dit ook daadwerkelijk te doen voor volgend jaar? En erkent de staatssecretaris dat het afschaffen van ondoelmatige en ondoeltreffende regelingen juist de werkdruk verlaagt bij de Belastingdienst en een grote stap is naar vereenvoudiging van het stelsel, een wens van velen? Dus: hoe gaan we dat de komende tijd met elkaar vormgeven? Voorzitter. De Belastingdienst loopt op zijn tandvlees. We zien dat er al miljarden op de plank blijven liggen omdat er bij de Belastingdienst een capaciteitsprobleem is. In plaats van de Belastingdienst te versterken, kiest het kabinet nu ook voor bezuinigingen: zo'n 440 werkplekken. Moeten we niet juist investeren in de capaciteit van de Belastingdienst en de invorderingscapaciteit? Waarom wordt hier ook weer op bezuinigd? Hoe kun je het belasten van werkend Nederland, dat meer belasting moet gaan betalen, en de bedrijven vanwege de capaciteitsproblemen bij de Belastingdienst met minder doen? Dat is volgens mij iets wat ook raakt aan het draagvlak dat mensen uiteindelijk hebben voor de belastingen die zijzelf moeten afdragen. Voorzitter. Dan de internationale fiscaliteit, specifiek de Wet minimumbelasting, een wet die geschreven is in een andere tijd, met uitzicht op echte internationale afspraken over belastingen. En toen kwam Trump, samen met zijn techbaronnen. Een van de afspraken onder pijler 1 was dat digitaledienstenbelastingen zouden worden afgeschaft en dat nieuwe zouden worden voorkomen. Maar aangezien de VS zich de facto hebben teruggetrokken, kunnen we hier nu misschien toch echt mee aan de slag. Over wie hebben we het dan? Over de Meta's en de X'en van deze wereld, bedrijven die astronomische bedragen verdienen aan advertenties van Europese gebruikers en daar geen belasting over betalen. Als belastingen de prijs zijn die je betaalt voor een beschaafde samenleving, dan kunnen we vaststellen wat voor samenleving deze multinationals voor ogen hebben. We zijn hierin niet alleen. Veel landen hebben dit al: Frankrijk, Italië, het Verenigd Koninkrijk. Wij nog niet, terwijl er, gelet op de verkiezingsprogramma's, een meerderheid is die dit zou willen. Is de regering bereid om een voortrekkersrol te spelen bij een digitaledienstenbelasting? Vindt de staatssecretaris het eerlijk dat deze bedrijven geld verdienen aan Europese consumenten maar daar geen rechtvaardige belasting voor betalen? Voorzitter. Dan nog klimaat. Na deze ongekende zomer wereldwijd zouden we denken dat het afbouwen van fossiele subsidies toch echt prioriteit zou moeten zijn, maar we zien precies het tegenovergestelde: de accijnsverlaging wordt doorgezet en de vliegbelasting verlaagd. Klopt het dat er nu meer fossiele subsidies, in de brede zin van het woord, bij zijn gekomen dan zijn afgeschaft? Waarom komt het kabinet niet met maatregelen die bijvoorbeeld elektrisch rijden bevorderen, voor energiebesparende maatregelen voor het huis en de energierekening, of maatregelen die miljarden ophalen voor groene projecten, maar er vooral voor zorgen dat de vervuilers ook meer gaan betalen en niet alleen de werkers? Voorzitter. Dit was mijn bijdrage aan deel één van het Belastingplan. Ik kijk uit naar deel twee met de beantwoording van de staatssecretaris.
Bron, video en gesprek →