Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202436 045Situatie in OekraïneNr. 184 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN BUITENLANDSE ZAKEN, VANDEFENSIE EN VOOR BUITENLANDSE HANDEL ENONTWIKKELINGSSAMENWERKING Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 juni 2024Met deze kabinetsreactie reageren wij op het AIV-adviesrapport «Oekraïne– standvastigheid, weerbaarheid en perspectief» van 22 februari jl. Hetkabinet waardeert de brede blik van de AIV op de Russische oorlog tegenOekraïne en heeft veel waardering voor de manier waarop de AIVdoor-dachte en goed beargumenteerde aanbevelingen doet. De aanbevelingensluiten goed aan bij de bredere inzet van het kabinet ten aanzien vanOekraïne en de bredere implicaties van de Russische agressieoorlog voorde Europese, en dus ook de Nederlandse veiligheid.De AIV doet zes aanbevelingen:1.Steun Oekraïne standvastig en met voldoende middelen.2.Werk proactief aan draagvlak voor standvastige steun aan Oekraïne3.Draag actief bij aan een weerbaarder Europa4.Draag bij aan een weerbaarder Nederland5.Schep perspectief voor Oekraïne in het Europese en trans-Atlantischebestel6.Investeer in een wereldwijd gedeelde zienswijze op de oorlog inOekraïne en een gemeenschappelijke visie op een stabiele mondialeveiligheidsorde en rechtvaardige vrede voor de lange termijn.Het kabinet zal in de volgende paragrafen nader ingaan op de aanbeve-lingen van de AIV.1. Steun Oekraïne standvastig en met voldoende middelen Het kabinet waardeert de brede blik van de AIV op de Russische oorlogtegen Oekraïne. Het AIV-advies sluit aan bij de Kamerbrief over de staatvan de oorlog in Europa van 23 februari 2024 (Kamerbrief 21 501-20,nr. 2019) waarin het kabinet stelt dat voorspelbare meerjarige ensubstantiële steun aan Oekraïne in de verdediging tegen de Russischeagressie het juiste is om te doen en ook noodzakelijk is vanuit welbe- kst-36045-184ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1841 grepen eigenbelang1. Ook omdat de uitkomst van deze oorlog detoekomst van Europa en dus Nederland zal bepalen.Scenario’sHet kabinet bedankt de AIV voor de vier scenario’s2. In lijn met het adviesvan de AIV, en eerder ook de motie Dassen c.s. (Kamerstuk 21 501-02,nr. 2884), bereidt Nederland zich actief voor op diverse scenario’s, ookbinnen EU- en NAVO-verband. Binnen de Nederlandse ministeries,waaronder BZ, Defensie en de veiligheidsdiensten, worden voortdurendverschillende scenario’s uitgedacht, die aan de hand van de ontwikke-lingen aan het front of in Rusland regelmatig worden bijgesteld. Hetkabinet is het ermee eens dat de overwinning voor Oekraïne of een zosterk mogelijke uitgangspositie voor Oekraïne bij eventuele onderhande-lingen de meest wenselijke scenario’s zijn. Omdat deze scenario’s ook inons eigen belang zouden zijn, is de kabinetsinzet op de verwezenlijkingdaarvan gericht in nauwe samenwerking met partners en bondgenoten.Het kabinet blijft de Kamer, met inachtneming van de noodzakelijkevertrouwelijkheid, informeren over de inzet van het kabinet en over deafwegingen die daaraan ten grondslag liggen.Defensie-uitgavenDe AIV geeft drie adviezen om de Defensie-uitgaven te borgen: nalevingvan de 2% norm, additionele structurele middelen voor Oekraïne-steunbovenop de 2% en een kabinetsoverstijgende defensieplanning.Nederland heeft zich, net als alle NAVO-bondgenoten, gecommitteerd aande Defence Investment Pledge in Vilnius om minimaal 2% van het bbp teinvesteren in defensie. Nederland moet doen wat nodig is om deafschrikking en verdediging te versterken en de vereisten van de nieuweNAVO militaire verdedigingsplannen in te vullen. Zekerheid overstructurele financiële middelen is voor Defensie belangrijk, vooral om dedefensie-industrie – nationaal, Europees en daarbuiten – en hun financiersin staat te kunnen stellen om meerjarig en structureel op te schalen entijdig te leveren. Opschaling van de Europese defensie industrie israndvoorwaardelijk voor de versterking van Europese krijgsmachten envoor meer Europese verantwoordelijkheid voor de eigen veiligheid. Geletop de verslechterende veiligheidssituatie in de wereld, zo geeft de AIV aanin dit advies, moet Nederland rekening houden met scenario’s waarbijdefensie-uitgaven van boven de 2% van het bbp nodig zijn voor onzeverdediging en om aan alle internationale en nationale verplichtingen tevoldoen die voortvloeien uit de grondwettelijke taken.3 De krijgsmacht enhet defensiepersoneel zijn gebaat bij meerjarige financiële zekerheid doorde defensie-uitgaven te verhogen naar structureel tenminste 2% van hetbbp. In dat kader heeft het kabinet bij de voorjaarsnota reeds besloten toteen extra investering in de versterking van de luchtverdediging en munitievoor de eigen kr(gsmacht. Nederland moet zowel zijn krijgsmacht1Kamerbrief over de staat van de oorlog in Europa van 23 februari 2024 (Kamerbrief 21 501-20,nr. 2019/p.4 Vredesformule.2(1) Een totale overwinning van Oekraïne, waarbij Russische troepen verdreven worden uit deoostelijke provincies en uiteindelijk van de Krim. (2) Een totale overwinning van Rusland,waarbij de territoriale soevereiniteit en het bestaan van Oekraïne als land radicaal zou wordeningeperkt met schrijnende gevolgen voor de lokale bevolking. (3) Een patstelling, die zichevenwel in verschillende varianten kan voordoen. (4) Uit elke variant van patstelling kan eenvierde scenario volgen: onderhandelingen. Op basis van een aanhoudende hurting stalemateworden partijen feitelijk gedwongen aan de onderhandelingstafel plaats te nemen.3Artikel 97, lid 1 van de Grondwet: «Ten behoeve van de verdediging en ter bescherming van debelangen van het Koninkrijk, alsmede ten behoeve van de handhaving en de bevordering vande internationale rechtsorde, is er een krijgsmacht.»Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1842 versterken als Oekraïne standvastig blijven steunen. Deze twee sporengaan hand in hand. In lijn met het AIV-advies heeft het kabinet € 4 miljardextra uitgetrokken voor militaire steun aan Oekraïne voor de periode2024–2026. Zo laat het kabinet zien dat Nederland ook de komendeperiode Oekraïne volop blijft steunen in het gevecht tegen de Russischeagressie.WederopbouwHet kabinet deelt de analyse voor wat betreft de wederopbouw vanOekraïne (H.5) en neemt de aanbeveling om een breed en inclusief herstelna te streven ter harte. De hulp aan Oekraïne verloopt via die onderdelenvan de ministeries die de reguliere internationale samenwerkinguitvoeren: bilateraal, via de EU alsook multilateraal. Hierdoor zijn eeninclusieve aanpak en een focus op instituties die gemeenschappelijkewaarden vertegenwoordigen, zoals de EU, goed geborgd. Het kabinetneemt hierbij actief ervaringen en geleerde lessen uit andere contextenmee, zoals onder andere geformuleerd door de VS en het OECD-DAC4.Het kabinet onderstreept het belang van accountability: daders vanoorlogsmisdrijven gepleegd in Oekraïne mogen hun straf niet ontlopen endienen zich te verantwoorden voor een rechtbank. Nederland heeft hieraan bijgedragen door vier keer een forensisch opsporingsteam van deKMar, onder de vlag van het ICC, in Oekraïne in te zetten. Ook in 2024 zalNederland het ICC blijven ondersteunen.Gezien het toenemende aantal veteranen in Oekraïne is ook veteranenzorgeen belangrijk punt van aandacht. Nederland zet zich in om Oekraïne ookdaarbij te ondersteunen. Een concreet voorbeeld daarvan is de revalida-tiehulp aan tientallen Oekraïense veteranen die wordt verstrekt in hetMilitair Revalidatiecentrum in Doorn.Het kabinet onderschrijft het belang van het scheppen van goedevoorwaarden voor het lokale midden- en kleinbedrijf en het op termijnnastreven van herstel van een gelijk economisch speelveld en betrok-kenheid van het Nederlandse bedrijfsleven. Op verzoek van de Kamer iszomer 2023 een Speciaal Gezant voor Bedrijfsleven en WederopbouwOekraïne aangesteld om de behoeften van Oekraïne in kaart te brengen enmet Nederlandse bedrijven te kijken waar de Nederlandse expertiseaansluit. De Nederlandse steun concentreert zich daarbij op de ook doorde AIV aanbevolen sectoren landbouw, waterbeheer en drinkwatervoor-ziening, en ook op de sector gezondheidszorg. In 2023 zijn hiertoepubliek-private platforms opgezet met het doel om de Nederlandsebedrijfsleven inzet voor herstel en wederopbouw van Oekraïne in dezedrie sectoren vorm te geven. Daarnaast heeft Nederland via RVO eenOekraïne Partnerschapsfaciliteit opgericht met een plafond van € 25 mln.Deze subsidie stimuleert partnerschappen tussen Nederlandse enOekraïense bedrijven en/of maatschappelijke organisaties in dezesectoren. Sinds januari 2024 staat de exportkredietverzekering viaAtradius open voor Oekraïne waarmee voor € 120 miljoen aan transactiestegen financieringsrisico’s verzekerd kan worden. Overigens had deNederlandse private sector ook voor 2022 al goede banden met Oekraïnein deze sectoren.4B.v. Rapport van de Special Inspector General for Afghanistan Reconstruction (SIGAR) van deVS (o.a. aanbeveling tot inzet op (NL) interministeriële en internationale donor coördinatie;gebeurt via coördinatie taskforce CSOEK en donor-platform MDCP); en -OECD-DAC/EvalNetpaper «Evidence from Evaluation for Ukraine» (o.a. aanbeveling tot inzet op eerlijkemonitoring, de hiervoor benodigde personele capaciteit, en grondige impact evaluaties; is in decoördinatie taskforce CSOEK en de IFI’s capaciteit voor ingericht).Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1843 In Europees verband is een akkoord bereikt over het apart zetten enafromen van uitzonderlijke en onverwachte rente-inkomsten vangeïmmobiliseerde Russische Centrale Banktegoeden voor steun aanOekraïne. Dit betreft geen Europese belastingen. Ook is akkoord bereikt ophet gebruik van de inkomsten voor steun aan Oekraïne. Dit betreft voor2024 militaire steun via de Europese Vredesfaciliteit (90%) en steun voorherstel en wederopbouw via de EU Oekraïne-faciliteit (10%). Het kabinetheeft zich uitgesproken voor snelle vervolgstappen om de rente daadwer-kelijk af te kunnen romen en op korte termijn in te kunnen zetten voorOekraïne. Het kabinet acht ambitie van belang en moedigt tevens aan tothet zorgvuldig verkennen van andere mogelijkheden, waaronder hetgebruiken van het onderliggende vermogen in EU-verband. Hierbij issamenwerking met G7-partners zoals de VS en het VK van groot belang.2. Werk proactief aan draagvlak voor standvastige steun aanOekraïne De AIV adviseert te communiceren over waar Nederland staat in hetconflict en wat de politieke afwegingen zijn voor Nederlandse steun. Viade maandelijkse flitspeiling van de NCTV blijkt dat ruim twee jaar na hetbegin van de invasie de steun van de Nederlandse bevolking voor hetkabinetsbeleid grosso modo op hetzelfde niveau is gebleven. Goedecommunicatie via de Eerste en Tweede Kamer en rechtstreeks met deNederlandse bevolking over de voorwaarden, strategieën en doelen vande Nederlandse steun is en blijft essentieel voor het behouden van hetdraagvlak. Zeker nu het besef breder indaalt dat de oorlog veel langerdreigt te gaan duren dan menigeen eerder had verwacht. Het kabinet voeltzich gesterkt door de adviezen van de AIV op dit punt, en ook door debrede steun in de Tweede Kamer voor het tot dusverre gevoerde beleid.3. Draag actief bij aan een weerbaarder Europa De AIV adviseert een versterking van de Europese veiligheidsarchitectuurdoor te werken aan: een Europese pijler binnen de NAVO, een structureleen planmatige uitbreiding van de Europese defensiecapaciteit, en eenEuropese veiligheidsraad.Europese veiligheidsarchitectuurHet kabinet erkent de noodzaak van een sterkere Europese defensie. Het isvan belang dat Europa meer verantwoordelijkheid neemt voor de eigenveiligheid en daarin minder afhankelijk wordt van de Verenigde Staten,onder andere voor wat betreft cruciale capaciteiten zoals Deep PrecisionStrike, strategisch luchttransport en/of lucht- en raketverdediging. In hetEU Strategisch Kompas wordt uitgewerkt hoe hier in Europa verder aanwordt gewerkt, onder meer via instrumenten als de Coordinated AnnualReview on Defence (CARD), Permanent Structured Cooperation (PESCO)en het Europees Defensiefonds, meer inzet op gezamenlijke aanschaf vandefensiecapaciteiten en het verbeteren van onze militaire mobiliteit metregelmatige levensechte oefeningen. Een versterking van de Europesesamenwerking op het gebied van defensiematerieel kan in belangrijkemate leiden tot schaalvoordelen in de aanschaf van materieel. Bovendienleidt gezamenlijke aanschaf tot vermindering in de Europese fragmentatiein wapensystemen en daarmee een verbeterde interoperabiliteit tussen deEuropese krijgsmachten. Om de Europese defensiesamenwerking en depositie van de Nederlandse defensie-industrie te versterken, wil hetTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1844 kabinet ook toetreden tot het trilateraal verdrag tussen Frankrijk, Duitslanden Spanje op het terrein van wapenexportbeleid5.Het kabinet steunt deze verdere versterking van het GemeenschappelijkVeiligheids- en Defensiebeleid (GVDB). Het leidt tot een efficiënteremanier van samenwerking tussen bondgenoten en op die manier tot eenverdere versterking van de NAVO. Het kabinet is in dat kader voorstandervan een betere EU-NAVO-samenwerking.Het idee van een Europese Veiligheidsraad die, in de woorden van de AIV,als politieke spelverdeler zou optreden en waarin het VK naast Frankrijk enDuitsland permanent zouden zetelen maar andere landen niet, roeptvragen op over bijvoorbeeld het mandaat, de vertegenwoordiging en de(militaire) capaciteiten. Dat geldt ook voor de verhouding van zo’n raad totde NAVO als hoeksteen van onze collectieve verdediging en een steedsmeer geopolitiek betekenisvolle EU. Het kabinet blijft, ook in Europeesverband, nadenken over de meest effectieve manieren en instrumentenom in de nabije toekomst de geopolitieke kracht van Europa verder teversterken en onderzoekt daarbij de opties voor een Europese veilig-heidsraad.Europese defensie- en veiligheidsindustrieDe AIV adviseert de Europese defensie- en veiligheidsindustrie teversterken door schaalvoordelen van de interne markt te gebruiken enbelemmeringen als nationale veiligheidsuitzonderingen tegen te gaan;prioriteit te geven aan productielijnen die voor Oekraïne nu van belangzijn; en in te zetten op effectief en resultaatgericht industriebeleid.Om militaire steun aan Oekraïne door te blijven zetten en de gereedheidvan onze eigen krijgsmacht te vergroten, zijn investeringen in Europeseproductiecapaciteit noodzakelijk. Met dit als doel werkt de TaskforceProductiezekerheid aan concrete voorstellen om de productie- enleveringszekerheid van militair materieel te vergroten ten behoeve vanzowel onze eigen operationele gereedheid, als voor de militaire steun aanOekraïne. In juni 2024 wordt u verder geïnformeerd over de volledigeaanpak en eerste resultaten van deze Taskforce door middel van eenkamerbrief.In EU-verband zijn er instrumenten opgezet ter bevordering van gezamen-lijke onderzoek en ontwikkeling (Europees Defensiefonds) en gezamenlijkeaanschaf (EDIRPA). Dit draagt bij aan het terugdringen van fragmentatievan wapensystemen en vergroot de interoperabiliteit. De EU stimuleertook investeringen in het vergroten van de productiecapaciteit middelsASAP. Daarnaast heeft de Europese Commissie op 5 maart jl. eenEuropese Defensie Industrie Strategie en een Europees DefensieInvesteringsprogramma gepresenteerd. Dit heeft als doel om de EuropeseDefensie Technologische en Industriële Basis (EDTIB) te versterken. DeCommissie doet voorstellen om de gezamenlijke aanschaf door lidstatenvan defensiematerieel verder te stimuleren en om de productiecapaciteiten leveringszekerheid van de Europese defensie industrie te vergroten.Het kabinet acht deze versterking noodzakelijk en urgent om de militairesteun aan Oekraïne te kunnen blijven voortzetten en om in de EU de eigenstrijdkrachten in het licht van de verslechterde veiligheidssituatie betergereed te kunnen stellen. Een sterkere Europese defensie-industrie draagtook bij aan een sterker Europees aandeel in de NAVO. Daarnaast acht het5Zie Kamerbrief «Maatregelen ter bevordering van Europese Defensiesamenwerking en verdereEuropese convergentie van het wapenexportbeleid» (Kamerstuk 22 054, nr. 395) van 14 juli2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1845 kabinet het van belang dat er regels komen omtrent grensoverschrijdendesamenwerking met betrekking tot gemeenschappelijke aanschaf,capaciteitsontwikkeling en materieelsamenwerking. Ook wordt voorge-steld dat Oekraïne aan dit programma mee kan doen. De Kamer heeft op28 maart jl. een BNC-fiche met een appreciatie van de voorstellenontvangen6.4. Draag bij aan een weerbaarder Nederland Het kabinet deelt de mening van de AIV dat een whole-of-society aanpaknoodzakelijk is voor het tegengaan van hybride dreigingen. Aangeziendergelijke dreigingen impact hebben op alle delen van de samenleving,volstaat enkel de inzet van de traditionele veiligheidspartners niet. Degehele samenleving, inclusief bedrijven, industrie, maatschappelijkeorganisaties en burgers, draagt daarin verantwoordelijkheid. Eendergelijke aanpak beperkt zich echter niet tot het tegengaan van hybridedreigingen, maar zal ook noodzakelijk zijn om voorbereid te zijn op eenmilitaire dreiging. In toenemende mate klinkt het geluid dat een militairconflict een reëel risico is. Om daarop voorbereid te zijn moeten juist invredestijd afspraken gemaakt worden tussen publieke en private actoren,maar ook met burgers. De voornaamste doelstelling van een dergelijkewhole-of-society aanpak is het versterken van de maatschappelijkeweerbaarheid. Op dit moment lopen er diverse (beleids)trajecten diehieraan bijdragen. Het kabinet zal na de zomer een Kamerbriefmaatschappelijke weerbaarheid aan uw Kamer doen toekomen. In dezeKamerbrief zal worden ingegaan op de kabinetsinspanningen ten behoevevan het versterken van de maatschappelijke weerbaarheid. Het kabineterkent het belang van een effectieve aanpak van desinformatie. Devoortgangsbrief «Rijksbrede strategie voor de effectieve aanpak vandesinformatie» die de Minister en de Staatssecretaris van BinnenlandseZaken en Koninkrijksrelaties op korte termijn naar de Kamer sturen(Kamerstuk 30 821, nr. 230), zal hier nader op ingaan.5. Schep perspectief voor Oekraïne in het Europese en trans-Atlantische bestel De AIV adviseert om perspectief te bieden door een Oekraïens EU- enNAVO-lidmaatschap en het onderzoeken van bilaterale veiligheidsga-ranties. Dat vereist volgens AIV voorbereiding van Oekraïne op toetreding.Er moet dynamiek blijven in de toetredingsgesprekken, met overgangster-mijnen en gefaseerde toetreding als mogelijke opties. En de EU moetvolgens de AIV hervormen met het oog op uitbreiding.EU-lidmaatschapOekraïne is onderdeel van de Europese familie. De Europese Raad vandecember 2023 besloot de toetredingsonderhandelingen met Oekraïne teopenen. Het kabinet erkent de inspanningen van Oekraïne om hervor-mingen door te voeren onder zeer moeilijke omstandigheden en zalOekraïne waar mogelijk steunen tijdens de procedure. De voortgang vanOekraïne in het EU-toetredingsproces zal afhangen van de eigen merites,waarbij hervormingen op het gebied van de verschillende aspecten vande rechtsstaat centraal staan. Nederland blijft Oekraïne hierbij actiefsteunen in coördinatie met gelijkgezinde partners, onder andere bilateraalvia MATRA programma’s gericht op capaciteitsversterking en de opbouwvan democratische en rechtsstatelijke instituties, en in EU verband.6Kamerstuk 22 112, nummer 3919Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1846 Het kabinet ziet de huidige EU-uitbreidingsmethodologie als een gedegenbasis om kandidaat lidstaten op merites te beoordelen. De methodologiebevestigt het belang van de rechtsstaat als basis voor een stabieldemocratisch systeem en koppelt voortgang op andere beleidsterreinenaan voortgang op rechtsstaathervormingen. Tegelijk biedt de methodo-logie ruimte voor versnelde of geleidelijke integratie van kandidaat-lidstaten, mocht de voortgang op de gevraagde hervormingen hiertoeaanleiding geven. Zo wordt op verschillende beleidsterreinen reedsintensief met verschillende kandidaat-lidstaten samengewerkt. Hierbij valtte denken aan de nauwe samenwerking met Frontex op het gebied vanmigratie en met Eurojust op het gebied van de justitiële keten. Demethodologie en het associatieakkoordbieden dan ook voldoende basisvoor nauwere samenwerking met Oekraïne binnen de kaders van hettoetredingsproces. Hoewel het kabinet openstaat voor nieuwe ideeën voorsamenwerking met kandidaat-lidstaten, is het kabinet geen voorstandervan het herzien van de uitbreidingsmethodologie. Het kabinet blijft strikt,fair en betrokken ten aanzien van EU-uitbreiding.NAVO-lidmaatschapDe AIV adviseert het kabinet om vast te houden aan een duidelijkperspectief op Oekraïens NAVO-lidmaatschap en stelt dat de NAVO-top inWashington in juli 2024 en de daaropvolgende top die in Nederlandplaatsvindt, uitgelezen momenten zijn om daarover nadere afspraken temaken. Het kabinet draagt uit dat de toekomst van Oekraïne binnen deNAVO ligt en steunt de inzet om Oekraïne nader tot het bondgenootschapte brengen. Op dit moment is de samenwerking tussen de NAVO enOekraïne nauwer dan ooit. Zo is tijdens de voorgaande NAVO-top inVilnius de NAVO-Oekraïne Raad opgericht, waarin Oekraïne en deNAVO-bondgenoten regelmatig met elkaar als gelijken in overleg treden.Daarnaast wordt via het Ukraine Comprehensive Assistance Package(UCAP)-fonds gewerkt aan de hervorming van de Oekraïense veiligheids-en defensiesector, om Oekraïne klaar te stomen voor een toekomstigNAVO-lidmaatschap. Het kabinet ondersteunt van harte de verdereinitiatieven die de NAVO kan ontplooien om die praktische samenwerkingtussen de NAVO en Oekraïne langjarig te verankeren. In de aanloop naarde NAVO-top in Washington worden verschillende initiatieven uitgewerktdie daaraan bijdragen. Bijvoorbeeld via de UDCG Capability Coalitions,waar Nederland onder andere als co-leider van de luchtmacht coalitie envia de levering van 24x F-16 actief bijdraagt aan de vernieuwing van deOekraïense luchtmacht en daarmee de Oekraïense interoperabiliteit metNAVO bondgenoten. Zo zorgen we ervoor dat Oekraïne ook daadwerkelijkklaar is om tot de NAVO toe te treden, op het moment dat bondgenotenbesluiten om Oekraïne daar formeel toe uit te nodigen. Over devoorstellen die tijdens de NAVO-top zullen voorliggen, wordt uw Kamergeïnformeerd via de geannoteerde agenda voor de NAVO-top.Bilaterale veiligheidsgarantiesNederland heeft een bilaterale veiligheidsovereenkomst met Oekraïne enzal de komende tien jaar Oekraïne blijven steunen. Dit is een duidelijksignaal aan Oekraïne, aan onze internationale partners en aan Rusland datNederland de komende jaren achter Oekraïne zal blijven staan. Dekomende periode zal Nederland zich richten op het uitwerken enconcretiseren van de gemaakte afspraken bijvoorbeeld op het gebied vanmilitaire steunverlening en het stimuleren van de Europese Defensie-industrie. Dit draagt bij aan het meerjarige perspectief voor Oekraïne.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1847 6. Investeer in een wereldwijd gedeelde zienswijze op de oorlogen mondiale veiligheidsorde In lijn met hetgeen de AIV hierover constateert en aanbeveelt, ziet hetkabinet dat de oorlog tegen Oekraïne pijnpunten in de relatie tussenEuropa en het mondiale Zuiden blootlegt. Alhoewel het overgrote deel(ca. 140 leden) van de VN de Russische inval veroordeelt, komt steun aanOekraïne, of deze nu militair, financieel of op het gebied van sancties ofaccountability is, vrijwel uitsluitend van landen die ook onderdeel zijn vanEU, G7 en NAVO. De voortdurende Russische agressie en gruweldaden inOekraïne leiden niet tot meer steun voor Oekraïne vanuit het mondialeZuiden. Het oplaaien van het conflict in het Midden-Oosten heeft eenverscherping aangebracht in al eerder klinkende beschuldigingen overdoor het Westen toegepaste dubbele standaarden. Het argument dat deRussische oorlog een flagrante schending is van het VN-Handvest en metname van het verbod op schending van territoriale integriteit en daarmeeook de belangen van het mondiale zuiden raakt, is voor veel landenonvoldoende reden om relaties met Rusland op het spel te zetten.Het kabinet realiseert zich dat het landen uit het mondiale Zuiden hardnodig heeft bij een uiteindelijke duurzame oplossing om een einde aandeze oorlog te maken en voor belangrijke discussies over veranderingenin de huidige wereldorde. In alle bilaterale gesprekken met landen uit hetmondiale Zuiden bespreekt het kabinet ook de rol die deze landen zoudenkunnen opnemen bij het voorbereiden van een uiteindelijk vredesproces.Ook wordt in deze gesprekken gesproken over mogelijke initiatieven metNederlandse betrokkenheid die de economische gevolgen van dezeoorlog voor het mondiale Zuiden kunnen adresseren.De Minister van Buitenlandse Zaken,H.G.J. Bruins SlotDe Minister van Defensie,K.H. OllongrenDe Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking,E.N.A.J. SchreinemacherTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 045, nr. 1848
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
8e30c3c6-b268-4eaa-a306-f1d3c7cc0f6a
61debatten
2.013bijdragen
11interrupties
205.972woorden in uitspraken