KamerkringInloggen
M. Schenk

Officieel Kamerprofiel

M. Schenk

FVD →
38debatten
348bijdragen
167interrupties
49.811woorden in uitspraken

Partijen door de tijd: FVD (2026-05-19–heden) ·

Uitspraken in het geselecteerde debat

Open het volledige debat en de tijdlijn →
22 sep 2026 · Kamerstuk

Wijziging van de Mededingingswet in verband met aanpassing van de bepalingen over markt en overheid (35985) antwoord 1e termijn + rest

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Het was toch niet helemaal bevredigend. Als zo'n debat is geweest, hoor je altijd ineens verhalen van ondernemers. Ik heb er eentje gesproken. Die ervaart al jaren oneerlijke concurrentie vanuit de overheid. Er werd uiteindelijk zelfs vastgesteld dat het ministerie van Economische Zaken de regels wat betreft markt en overheid had overtreden. Die ondernemer heeft jarenlang geprocedeerd, maar staat nu nog steeds met lege handen. De ACM kan een overtreding namelijk vaststellen en eventueel een last onder dwangsom opleggen, maar daarmee is de schade voor de ondernemer natuurlijk niet hersteld. Die moet dan naar de civiele rechter, dus nog meer doorprocederen en het hoger zoeken. Dat lijkt ons niet helemaal de juiste gang van zaken. Ik ben dus op zoek naar hoe we het mogelijk gaan maken om een soort laagdrempelige manier te introduceren zodat ondernemers in hun recht kunnen staan om de gedane schade van oneerlijke concurrentie van een overheid te herstellen.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Het geval bestaat zeker echt. Sterker nog, als het goed is, zit deze meneer op de tribune. Ik weet niet of hij er daadwerkelijk is, maar anders weet hij dat ik het nu over hem heb. Het kan zijn dat dit niet in heel veel gevallen voorkomt, maar het is natuurlijk wel zo dat in dit geval een ondernemer echt zwaar benadeeld wordt door oneerlijke concurrentie, in dit geval vanuit het ministerie van Economische Zaken. Dan kunnen we zeggen dat het niet zo vaak voorkomt en dat het daarom prima is, maar het is natuurlijk onbestaanbaar dat zo iemand dan eindeloos moet gaan procederen, ook gezien alle kosten die daarbij komen kijken. Hij zal het tot een civiele rechter moeten zoeken om de gedane schade ongedaan te maken, of eventueel een schadevergoeding of iets van herstel te krijgen. Ik hoop dus toch dat de minister wat meer waarborgen heeft wat betreft het voorkomen van dit soort situaties en het geven van meer houvast aan ondernemers om hun recht te halen.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Tot slot. Ik heb het nu natuurlijk over een individuele kwestie, maar ik zie het veel breder. Ik denk namelijk dat dit individuele voorbeeld heel mooi weergeeft hoe deze wet voor ondernemers kan uitpakken. Ik ben op zoek naar wat we nou gaan doen om er daadwerkelijk voor te zorgen dat die ondernemer niet benadeeld wordt en misschien een soort van herstel kan krijgen. Als de ACM in het ergste geval alleen een last onder dwangsom kan opleggen, dan kan de overheid die bij wijze van spreken eindeloos blijven betalen en zijn we belastinggeld aan het rondpompen. Dat is natuurlijk heel makkelijk. Ik zou "rondpompen van belastinggeld" bijna een schoolvoorbeeld van oneerlijke concurrentie willen noemen. Ik denk dat het niet zwaar genoeg is. Ik denk dat we een mogelijkheid zullen moeten introduceren waarmee ondernemers veel eerder en op een laagdrempelige manier, zonder naar de civiele rechter te moeten, herstel kunnen krijgen van de ervaren oneerlijke concurrentie.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Ik denk dat er nu niet direct een antwoord op is, maar ik wil het toch even genoemd hebben om zeker te weten dat ik hierover straks in de tweede termijn wel een antwoord kan krijgen: een ondernemer die bijvoorbeeld jarenlang klanten of omzet misloopt, omdat de overheid overheidsbedrijven bevoordeelde. De ACM kan zo'n overtreding stoppen, maar daarmee is de ontstane schade of de verstoorde concurrentieverhouding natuurlijk niet automatisch hersteld. Daarvoor moet een ondernemer naar de civiele rechter. Dat we dat als logische uitkomst gaan zien, wil ik voorkomen. Voor alle duidelijkheid: begrijp ik nu goed dat de minister in de tweede termijn terugkomt op de vraag hoe we dit soort gevallen zo veel mogelijk gaan voorkomen?

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Spreekbeurt

De heer Schenk (FVD): Dank, voorzitter. Ik heb één motie, al is de volgorde wel een beetje raar, want ik heb nog niet al mijn antwoorden. Ik ga 'm echter toch indienen, want dit is nu eenmaal de laatste kans daarvoor. De motie luidt als volgt.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Spreekbeurt

De heer Schenk (FVD): Voordat ik verderga: ik zie de heer Van der Lee naar de microfoon lopen, dus er komt misschien eerst een vraag. Ik vermoed dat ik het antwoord alvast heb, maar laten we de vraag eerst doen.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Spreekbeurt

De heer Schenk (FVD): De heer Van der Lee sprak er in zijn eerste termijn over dat ik zou zinspelen op een schadevergoeding, alsof dat aan de voorkant geregeld zou zijn. Dat hoeft natuurlijk helemaal niet per definitie aan de voorkant de uitkomst te zijn. Ik heb mijn motie ook zo ingestoken dat er een laagdrempelige herstelmogelijkheid wordt ingericht buiten een afzonderlijke civiele procedure. In principe kan het kabinet vervolgens zelf bepalen hoe die mogelijkheid juridisch wordt ingericht. Die kan, afhankelijk van de omstandigheden, bestaan uit het beëindigen of ongedaan maken van een bevoordeling, het herstellen van de eerlijke concurrentieverhouding of het alsnog bieden van een eerlijke kans. Passende compensatie kan ook een uitkomst zijn. Ik hoop dat ik de vraag van meneer Van der Lee daarmee beantwoord heb.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Spreekbeurt

De heer Schenk (FVD): Dit was in principe mijn betoog. Ik wilde dit dus vertellen na het indienen van mijn motie, als onderbouwing, maar nu heb ik het gedaan naar aanleiding van een vraag. Bij dezen dus.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Ik vind het toch wel een beetje warrig worden nu. Ik probeer het goed te begrijpen, maar het komt nu een beetje als volgt op mij over: wanneer zo'n zbo een verruiming van de wettelijke taken wil, stemt de minister daar per definitie mee in. Zo komt het nu een beetje op mij over. Ik vermoed dat dat niet het geval is. Zou de minister een praktijkvoorbeeld kunnen geven? Wat gebeurt er nou wanneer zo'n verzoek tot verruiming van de wettelijke mogelijkheden binnenkomt? Welke afwegingen maakt de minister daarin? Wordt er ook nog gesproken met ondernemers of zo? Wie zou dat eventueel anders kunnen uitvoeren? Ik ben gewoon benieuwd hoe dit er in de praktijk aan toegaat.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Een gemeente moet in zo'n geval een hele consultatie houden en een algemeenbelangbesluit nemen, maar ik begrijp hieruit dat een zbo dat dus niet hoeft, terwijl het in feite voor dezelfde situatie staat, toch?

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): De minister lijkt nu eigenlijk te zeggen: een zbo werkt vanuit het algemeen belang, dus wanneer het zijn wettelijke taak wil verruimen, is die afweging in principe al gemaakt. Maar dat argument gaat dan ook op voor een gemeente. De gemeenteraad wordt direct gekozen. Je zou ook kunnen zeggen dat een gemeente per definitie in het algemeen belang handelt en een waterschap ook; een provincie zal dat ongetwijfeld ook doen. De staande praktijk is dan toch heel vreemd? Voor de gemeenten, bestuursorganen, gelden namelijk best wel strenge kaders, maar voor zbo's niet. Hoe kijkt de minister daarnaar?

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Dat lijkt mij dan weer geen goed idee. Als we de brief hebben gekregen en die aanleiding vormt voor verdere beraadslaging, dan kunnen we de derde termijn openen. In derde termijn kan de Kamer eventueel ook nog moties indienen. Als we nu schorsen, is alleen de minister nog aan het woord en hebben wij niet meer de kans om eventueel bij te sturen. Ik steun het tussenvoorstel van de voorzitter.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Mijn motie leek wat mij betreft dé oplossing voor zo ongeveer alle problemen die wij hier vanavond besproken hebben.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): We hebben het steeds over de slager die zijn eigen vlees keurt en gemeenten die zichzelf als algemeen belang aanmerken. Wat dat betreft merk ik mijn eigen motie aan als algemeen belang; laat ik het dan zo noemen. De motie probeert juist de gang naar de civiele rechter niet vanzelfsprekend te maken. De minister zegt: ik ontraad de motie onder verwijzing naar wat ik net heb verteld. Dat vind ik een beetje een vage omschrijving. Ik zou graag wat concreter willen horen wat dan precies de bezwaren zijn.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Maar volgens mij is dit exact wat mijn motie voorstelt. Er staat nergens in mijn motie dat het onmogelijk moet worden om naar een civiele rechter te gaan. Dat zou natuurlijk de wereld op zijn kop zijn. Vanzelfsprekend blijft dat een laatste mogelijkheid, natuurlijk, dat moet het altijd blijven. Maar mijn motie vraagt wel om een laagdrempelige herstelmogelijkheid buiten die afzonderlijke civiele procedure. Dat moet optie 1 zijn. Volgens mij zijn we het met elkaar eens wat dat betreft.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Gezien de lange vergadering vandaag val ik waarschijnlijk als een blok in slaap zodra ik thuis ben, dus maakt u zich daar vooral geen zorgen om.

Bron, video en gesprek →
22 sep 2026 · Interruptie

De heer Schenk (FVD): Ik vind het antwoord toch niet bevredigend. Er zijn ondernemers die jarenlang bij de rechter blijven procederen omdat zij last hebben van oneerlijke concurrentie van, in dit geval, het ministerie van Economische Zaken, maar het kan ook een gemeente zijn, een waterschap en noem maar op. De minister zegt eigenlijk: zij kunnen gewoon naar de rechter. Maar daar zijn deze mensen niet mee geholpen. Ik vraag de minister om een soort juridische mogelijkheid te creëren om dat juist te voorkomen. Dus dat niet die mensen elkaar gaan bellen, maar dat de minister zelf komt met een soort waarborg: dit is een oplossing of een uitweg om eruit te komen en die oneerlijke concurrentie weg te nemen. Waarom zou dat nou een slechte oplossing zijn? Volgens mij lossen we daarmee alles op waar we hier tegen aanlopen.

Bron, video en gesprek →