Demonstratierecht (CD d.d. 10/09)
Bron, video en gesprek →Partijen door de tijd: PRO (2026-06-10–heden) · GroenLinks-PvdA (2025-11-12–2026-06-09) ·
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Abdi (PRO): Dank, voorzitter. Ik heb één motie.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Abdi (PRO): Ja.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Abdi (PRO): Absoluut. Alle journalisten. Geen onderscheid.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Abdi (PRO): Ik ben een beetje verward door de uitleg van de minister, moet ik eerlijk zeggen. In de Kamer zeuren wij vaak over hoelang stemmingen duren en over allerlei moties die worden aangenomen en waar eigenlijk niks mee wordt gedaan. Als ik deze appreciatie lees, zie ik dat die niet klopt met het dictum van de motie van mevrouw Martens-America, namelijk: "afspraken te maken met in ieder geval burgemeesters om gezichtsbedekkende kleding bij demonstraties in de regel niet toe te staan". Maar uw appreciatie is veel breder. Hoe kan deze motie dan nog steeds oordeel Kamer krijgen? Ik begrijp het niet.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Abdi (PRO): Ik blijf het verbazingwekkend vinden, want hiermee kan ook gewapperd worden richting burgemeesters en kan worden gezegd: we hebben afspraken gemaakt. De suggestie wordt gewekt dat dat nodig is. Volgens mij komt er inderdaad een wet aan en daar gaan we allemaal verder over debatteren. Ik begrijp dus werkelijk waar niet dat de minister, die ook moet staan voor het lokaal gezag, vanuit zijn rol deze motie oordeel Kamer geeft. Uiteindelijk gaat het om "in de regel niet toe te staan". Dat is een heel duidelijk expliciet verzoek. Het verzoek is niet om in gesprek te gaan over de vraag of je het wel of niet kunt toepassen. Mijn vraag aan de minister is dus opnieuw: wat voegt deze motie concreet toe? Kan hij toezeggen dat dit niet een soort dictaat is richting het lokaal gezag op basis van een motie vanuit de Kamer om dingen te doen, maar dat hij daarover de wet zorgvuldig afwacht?
Bron, video en gesprek →