Erfgoed (CD d.d. 17/10)
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
Eppo Bruins
Partijen door de tijd: ChristenUnie (2015-12-02–2021-03-30) ·
Bijdragen bij de geselecteerde bron
Open de volledige bron →Minister Bruins: Voorzitter. Mij is één vraag gesteld en er zijn acht moties ingediend. De vraag kwam van de heer Krul en ging over het beter vindbaar maken van regelingen, met name voor particulieren en vrijwilligers. De regelingen staan voor iedereen open, maar het is natuurlijk belangrijk dat ze goed vindbaar en ook begrijpelijk zijn. Voor particuliere eigenaren is al veel informatie beschikbaar via monumenten.nl. Maar we moeten er nog steeds voor zorgen dat dit duidelijk is. Ik laat nu door de RCE klantreisonderzoeken doen. Ik kijk daarbij ook speciaal naar de behoefte van vrijwilligers. Op de aanpak van grote monumenten zal ik verder ingaan in mijn brief in de zomer van 2025. De eerste motie, die op stuk nr. 130, komt van de heer Mohandis. In deze vorm moet ik 'm ontraden omdat mij wordt gevraagd om te investeren in een integrale subsidieregeling. Dat kan ik niet toezeggen. Maar u vraagt mij ook om een rondje te doen bij mijn collega's. Als ik de motie zo mag lezen dat ik dat rondje doe en de kwestie die u voorlegt, meeneem, dan kan ik deze motie oordeel Kamer geven. Dan gaat het dus om het gezamenlijk kijken naar de versterking van het belang van monumenten en erfgoed voor de fysieke leefomgeving. Als ik dat integraal mee mag nemen in de gesprekken met de collega's over de Nota Ruimte, zodat cultureel erfgoed daar een integraal onderdeel van is, dan kan ik deze motie oordeel Kamer geven.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: De motie op stuk nr. 131 verzoekt de regering erin te voorzien dat het Rijk restauraties van cultureel erfgoed ondersteunt in de gevallen dat decentrale provincies meer dan de helft van het bedrag cofinancieren. Die moet ik ontraden, hoewel ik begrip heb voor de lastige situaties waarin deze monumenten verkeren. Maar de motie bevat geen dekking en daarom moet ik 'm op dit moment ontraden. De motie op stuk nr. 132 verzoekt de regering om vast te houden aan de oorspronkelijke doelstelling om de restauratieachterstand van niet-woonhuisrijksmonumenten uiterlijk in 2033 terug te brengen naar 10%. Ik vind dat een heel sympathieke motie, maar het jaartal 2033 kan ik niet toezeggen. Laat ik het zo zeggen: als de motie het jaartal niet zou bevatten en alleen verzoekt vast te houden aan het doel om het terug te brengen naar 10%, dan zou ik de motie oordeel Kamer kunnen geven. Maar in deze vorm moet ik de motie ontraden.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: De doelstelling houdt in dat we als kabinet en rijksoverheid nog steeds zeggen dat we streven naar een achterstand van 10% en dat dit nog steeds een gezonde achterstand is om de markt gaande te houden en ervoor te zorgen dat je restaureert op een moment waarop de restauratie niet onnodig veel kosten oplevert. 10% is dus nog steeds een gezonde keuze. We willen daarnaar blijven streven in de komende jaren en wat mij betreft vooral ook na deze kabinetstermijn, want wij allen hopen dat er dan weer meer geld is voor cultureel erfgoed.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Streefdoelen zijn wel gezond. In het wetenschapsbeleid hebben we bijvoorbeeld sinds de jaarwisseling het streven om 10% van het bruto nationaal product te besteden aan onderzoek en innovatie. Dat hebben we niet gehaald, maar het streven is wel om daarnaartoe te groeien. Vasthouden aan dat streven en in het geval van de wetenschap ook op Europese schaal daaraan vasthouden, is wel heel erg goed en nodig voor de politieke discussies die je met elkaar hebt. Ook is het goed om een vingerwijzing te geven voor kabinetten. Als we dit op de lange termijn ook een goed idee vinden, dan zou ik vooral ook omwille van de culturele erfgoedsector willen vasthouden aan dit bedrag.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Wij wachten af. De motie op stuk nr. 133 van de heer Ceder kan ik oordeel Kamer geven. Ik zal dit meenemen in mijn brief over mijn inzet ten aanzien van het religieuze erfgoed, die komt in de zomer van 2025. De motie op stuk nr. 134 van de heer Ceder krijgt ook oordeel Kamer. Ik heb begrip voor de lastige situatie waarin deze monumenten verkeren. Voor de zomer van 2025 ontvangt de Kamer een brief over onder meer de opgave bij grote restauraties. Ik ga kijken wat er binnen de beschikbare middelen mogelijk is. De motie op stuk nr. 135 van de heer Ceder is ontijdig. Tijdens het erfgoeddebat heb ik wel een brief aangekondigd voor de zomer van 2025, waarin ik onder meer aangeef hoe ik een vervolg geef op het programma Toekomst Religieus Erfgoed, maar ik kan nu nog niet toezeggen dat ik dat programma een-op-een zal voortzetten. Wel kan ik zeggen dat de toekomst van het religieuze erfgoed ook na 2025 mijn nadrukkelijke aandacht heeft. Ik geef de heer Ceder dus in overweging om de motie aan te houden totdat mijn brief is verschenen.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Het is deels financieel en deels inhoudelijk, en dat komt natuurlijk doordat dat samenhangt. Als je zo'n programma serieus wilt voortzetten, dan wil je er ook serieus geld aan kunnen besteden. Een programma zonder geld zou alleen maar lege woorden bevatten. Over de manier waarop ik dat na 2025 wil doen binnen de middelen die beschikbaar zijn, ga ik in de komende maanden samen met mijn ambtenaren nadenken. Hoe ik dat wil doen, schrijf ik in de brief die in 2025 komt. Dan kan ik ook alle details geven aan de heer Ceder, maar tot die tijd kan ik daar niet op vooruitlopen.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Het is misschien wel goed om het volgende tegen de heer Ceder te zeggen. Ik zei niet: of ik een vervolg geef. Maar ik zei: hoe ik een vervolg geef. Dat was mijn appreciatie.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: De motie op stuk nr. 136 van mevrouw Beckerman en de heren Mohandis en Krul verzoekt de regering om te komen tot een reddingsplan voor de maritieme archeologie. Die moet ik ontraden, omdat een serieus reddingsplan geld kost en er geen extra middelen voorhanden zijn. In die zin zie ik dit als een ongedekte motie.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Oké. Als ik de motie zo mag lezen dat dit geen vraag om geld is, dan kan ik zeggen: voor de zomer van volgend jaar ontvang ik van de RCE het onderzoeksrapport over de mogelijkheden van vervolgonderzoek naar het Palmhoutwrak. Als ik de motie zo mag lezen dat ik dat moment mag gebruiken om mijn visie breder neer te zetten en om in te gaan op wat ik wil doen voor maritieme archeologie, op dit moment even zonder financiële claim, dan kan ik de motie oordeel Kamer geven.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Ik zie nu al uit naar het debat, want het is een geweldig onderwerp.
Bron, video en gesprek →Minister Bruins: Ja. De motie op stuk nr. 137 van mevrouw Van der Wal kan ik oordeel Kamer geven.
Bron, video en gesprek →